Archeologen op een stelling boven 'structure 1' van Must Farm D. Webb

Het korte leven van Must Farm, het 'Pompeii van Groot-Brittannië'

Must Farm is een uitzonderlijk goed bewaarde nederzetting in Cambridgeshire, in het oosten van Engeland. De site kwam in 2016 uitgebreid aan bod in de Britse en internationale media als het 'Pompeii van Groot-Brittannië'. Archeologen van de Cambridge University hebben nu een definitieve tijdlijn gepubliceerd van de bewoning en vernietiging van Must Farm. De belangrijkste conclusie is dat de nederzetting waarschijnlijk maar een jaar bewoond is geweest voor ze verwoest werd door brand.  

Op de site waren in 1969 al een zwaard en een dolk gevonden, en in 1999 werden er voor het eerst houten palen ontdekt. Dat leidde tot enkele verkennende opgravingen en tussen 2011 en 2012 werden er in de buurt een aantal boten en andere voorwerpen uit de Bronstijd opgegraven.

In 2015 begon de Cambridge Archeological Unit met een echte opgraving, die gefinancierd werd door Historic England en Forterra Building Products Ltd, de firma die de groeve bezit waar Must Farm gevonden werd. Begin 2016 werden de eerste resultaten bekendgemaakt, en nu hebben archeologen van de Cambridge Archeological Unit een definitieve tijdlijn bekendgemaakt voor Must Farm, wanneer de nederzetting bewoond is geweest en wanneer ze verwoest is. 

"Het is waarschijnlijk dat de nederzetting maar één jaar bestaan heeft voor ze verwoest werd in een catastrofale brand. De korte geschiedenis van Must Farm, in combinatie met de uitstekende bewaring van de nederzetting, betekent dat we een nooit eerder geziene kans hebben om het dagelijks leven van zijn bewoners te onderzoeken", zei Mark Knight, de leider van de opgravingen, in een mededeling van Cambridge University.  

Opgraving van het belangrijkste deel van de ingestorte nederzetting in zijn matrix van slib. Dr. Colleen Morgan /Wikimedia Commons/CC-BY-SA 2.0

Leven in de moeraslanden

Must Farm ligt in het slib van een traag stromende rivier. Het wordt ook het 'Pompeii van de Fens' genoemd, naar de Fens of Fenland, moeras of moeraslanden. De Fens waren een laaggelegen drassig gebied in het oosten van Engeland dat nu voor het grootste deel is drooggelegd. 

Het is overigens aan die locatie te danken dat de nederzetting zo goed bewaard is gebleven. De overblijfselen van de huizen die na de brand in de rivier zijn terechtgekomen, zijn snel bedekt geraakt met een laag slib. Hierdoor zijn de houten palen en andere overblijfselen niet gaan rotten.

Op de meeste andere nederzettingen uit de Bronstijd in Groot-Brittannië is dat wel gebeurd, zodat men daar enkel nog in de grond kan zien waar de palen gestaan hebben, omdat de gaten waar ze in verrot zijn een andere kleur hebben gekregen. Daaruit kan men dan afleiden wat het grondplan van een huis geweest moet zijn, maar niet veel meer.  

In Must Farm is het duidelijk dat de huizen op palen gebouwd waren, zodat de woonruimtes boven het water uitstaken. Het ligt in wat men een 'paleokanaal' of een 'paleorivier' noemt, een stuk rivier waar geen water meer doorloopt en dat gevuld is met jongere sedimenten. Het paleokanaal bevatte nog water en werd nog gebruikt tussen 1700 en 100 v.C. en het deed dus al dienst eeuwen voor Must Farm gebouwd werd, ergens tussen 1100-800 v.C. Doorheen de rivier was een verhoogde weg op palen aangelegd. 

"Hoewel er slechts beperkte opgravingen geweest zijn van de riviersedimenten die men associeert met de verhoogde weg, kunnen we stratigrafisch aantonen dat die weg en de nederzetting chronologisch geen verband met elkaar hebben. De mensen die de nederzetting gebouwd hebben, zouden echter wel de rottende bovenkanten van de palen van de verhoogde weg hebben kunnen zien tijdens de constructie van de nederzetting", zei Knight in de persmededeling.

Verkennende opgravingen in het paleokanaal tussen 2009 en 2012 brachten de overblijfselen van negen boten uit uitgeholde boomstammen aan het licht, naast houten fuiken,  gevlochten tenen onderdelen van een weer - een grote V-vormige constructie met meterslange 'vleugels' om vis te vangen -, zwaarden en speren. Dat zijn allemaal aanwijzingen voor het feit dat het landschap in de buurt al lang bewoond werd.  Zo overspannen de boten een periode van zo'n 1.000 jaar en dateren de oudste exemplaren van 1750-1650 v.C.

Draad op houten spoelen of stokjes, en een tweedelig heft van een bijl, met een ingewerkte bijl, uit Must Farm. D. Webb

Prehistorische huizen

De huizen in Must Farm zijn 'de meest compleet bewaarde prehistorische structuren van woningen die in Groot-Brittannië gevonden zijn', en ze zijn zichtbaar als 'honderden rechtopstaande stompen van palen, die samen de omtrek en de interne verdeling definiëren van minstens vijf structuren op palen', omsloten door een palissade met een interne wandelgang. 

De architectuur weerspiegelt de conventies van het prehistorische Britse roundhouse, een rond huis met een puntdak, maar dan gesitueerd in een ongebruikelijke omgeving, een moeras. 

Uniek aan de nederzetting is dat er geen aanwijzingen zijn dat er herstellingen zijn uitgevoerd aan de gebouwen, meer nog, uit dendrochronolgische analyses blijkt dat de balken nog groen waren toen ze verwoest werden door het vuur. Dat wijst erop dat de nederzetting maar kort bewoond is geweest voor de brand, net zoals het feit dat de nederzetting maar één laag van een 30 centimeter inneemt in het slib. 

De structuren zijn verticaal ingestort, en de zware daken hebben alles met zich meegesleurd in het sediment van het kanaal. Een tragedie voor de bewoners, maar een gelukkig toeval voor de archeologen, aangezien het rivierslib 'houten artefacten, vaatwerk, bronzen werktuigen en wapens, stoffen en vezels, stenen molens, gewichten voor een weefgetouw, klossen en spoelen, overblijfselen van dieren, planten en zaden en coprolieten' - fossiele uitwerpselen - bewaard heeft.

Overigens heeft ook de brand bijgedragen aan het bewaard blijven van bepaalde voorwerpen. Zo zijn er levensmiddelen in aardewerken potten zo erg verhit dat ze verglaasd zijn, en daardoor bewaard zijn gebleven. 

Over de oorzaak van de brand is al veel gespeculeerd, en er werd geopperd dat aanvallers de nederzetting in brand gestoken zouden kunnen hebben. Brandonderzoekers van het team gaan er nu echter vanuit dat de brand in de nederzetting zelf ontstaan is. 

Overblijfselen van de materiële cultuur onder structuren 2 en 4 van Must Farm. De schaalaanduiding is 1 meter. D. Webb

Een jaar in het leven

Must Farm staat voor een doordeweekse verblijfplaats in een moerassige omgeving, waar slechts zelden opgravingen verricht worden, wat de site enorm waardevol maakt, zo zeggen de archeologen. De nederzetting vertoont de typische patronen voor dit soort site van consumptie en van afzettingen door bewoning. 

Het team van archeologen vond meer dan 180 voorwerpen uit textiel of vezels, 120 aardewerken voorwerpen, 90 voorwerpen uit bewerkt metaal en minstens 80 glazen kralen.

Een aantal van de plantaardige en dierlijke overblijfselen die in Must Farm gevonden werden, zijn zeldzaam voor deze periode in de Britse prehistorie, namelijk beenderen van snoeken, mest van schapen/geiten en tot nu toe niet geïdentificeerde volledige, verkoolde knollen. Opvallend is dat de meeste van de voedselbronnen, waaronder everzwijnen en herten, niet uit de moeraslanden komen.

"We bevinden ons nog maar in de eerste stadia van het onderzoek van de enorme hoeveelheid materiaal uit Must Farm, materiaal dat belooft nog veel fascinerende aspecten bloot te leggen van het leven in de moerassen 3.000 jaar geleden", zo besloot archeoloog Mark Knight de mededeling.

De studie van Knight en zijn collega's is gepubliceerd in Antiquity.

 

De overblijfselen van een huis in Must Farm, met een aantal niet verbrande stompen van palen die tijdens de brand onder de waterlijn gezeten hebben, en een aantal ingestorte dwarsbalken (onderaan). Dr. Colleen Morgan /Wikimedia Commons/CC-BY-SA 2.0
Must Farm ligt vlakbij Whittlesey, in de buurt van Peterborough, in het graafschap Cambridgeshire. Google Maps
Een vereenvoudigde doorsnede van een 'roundhouse' in Must Farm, met een dak van klei, turfplaggen en stro.  Cmglee/Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0