VBO-studie: "Voor 18 tot 26 miljard investeringen nodig om klimaatdoelstellingen 2030 te halen"

Hoe sterk kunnen we onze uitstoot van broeikasgassen verminderen tegen 2030 en welke stappen moeten we daarvoor zetten? Dat vroeg het VBO aan het internationale studiebureau Boston Consulting Group (BCG). Het antwoord: de doelstellingen voor 2030 halen kan nog maar het wordt moeilijk. En er moet sowieso zwaar geïnvesteerd worden.

Het rapport van Boston Consulting Group begint met de vaststelling dat België de uitstoot van zijn broeikasgassen weliswaar heeft gereduceerd de voorbije decennia maar aan een veel te traag tempo, wil het land zijn doelstellingen halen. Zeker in die sectoren waar er bindende doelstellingen zijn opgelegd specifiek voor België (zoals voor elke Europese lidstaat), moeten de inspanningen drastisch worden verhoogd.

Die sectoren met bindende doelstellingen zijn: transport, gebouwen, landbouw en afval. (Voor de liefhebbers: de niet-ETS sectoren, waarbij ETS staat voor Emissions Trading System, zeg maar de Europese handel in uitstootrechten.) Daar is de uitstoot de voorbije jaren maar met een paar miljoen ton CO2-equivalent gedaald, op een totaal van in de 70 miljoen ton, terwijl we tegen 2030 naar een doelstelling moeten van goed 50 miljoen ton. Een zeer grote inspanning dus die we moeten halen op tien jaar tijd. Het gaat om de fameuze reductie van 35% van onze broeikasgassen (tegenover het jaar 2005).

Noodzakelijke investeringen

BCG heeft becijferd wat die inspanning ons zal kosten aan investeringen: tussen de 18 en de 26 miljard euro tegen 2030, bovenop alle tot nu toe al geplande investeringen. Dat gaat dan vooral over de renovatie van gebouwen (de grootste kost) en de elektrificatie van ons vervoer: het overstappen op elektrische auto's bijvoorbeeld en het installeren van laadpalen. Om het concreet te maken: volgens deze studie zou tegen 2030 een derde van onze auto's volledig elektrisch moeten rijden, een derde zouden hybrides moeten zijn. Of nog: nu wordt per jaar minder dan één procent van onze gebouwen gerenoveerd, dat moet minstens verdubbelen. Minstens.

Nog ambitieuzer worden? Kan niet

De conclusie die BCG en daarmee ook VBO trekt: het halen van de doelstelling voor 2030 in deze sectoren waarvoor Europa streefcijfers oplegt, is "only just feasible": net haalbaar. De boodschap die beiden daaraan verbinden is ook: vergeet het om onze doelstellingen tegen 2035 nog ambitieuzer te maken, zoals sommige NGO's vragen. Dat zou totaal onhaalbaar zijn.

En dan de industrie

BCG heeft ook becijferd wat de industrie nog kan doen aan inspanningen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.  Daar is er de voorbije jaren al een grote inspanning gebeurd: een reductie van de CO2-uitstoot van 23 miljoen ton, op goed tien jaar tijd. Volgens BCG is het mogelijk tegen 2030 nog eens 14 miljoen ton minder uit te stoten in de industrie. (De industrie is, voor alle duidelijkheid, een activiteit waarvoor geen aparte Belgische doelstellingen bestaan.)

Dat kan gebeuren door bijvoorbeeld nog meer gebruik te maken van biomassa in industriële processen, en door het opslaan en/of hergebruiken van CO2.  De hoop is namelijk om op termijn grotere volumes CO2 op te slaan in lege gasvelden, of de CO2 te verwerken tot ethanol. BCG geeft zelf aan dat er nog heel wat onderzoek moet gebeuren naar deze technologie en dat het niet zeker is dat de technologie tegen 2030 al voldoende op punt zal staan.

Het totale plaatje

Als we de som maken van alle sectoren die BCG onder de loep neemt in dit rapport (gebouwen, transport en maakindustrie), komen we aan een mogelijke CO2-reductie van 36 miljoen ton tegen 2030.  Ongeveer een derde daarvan zal "automatisch" gebeuren, door het beleid dat nu al beslist is. Er is dus een bijkomende inspanning nodig van 24 miljoen ton CO2-reductie. Dat is, volgens BCG, het maxium dat ons land kan realiseren tegen 2030. De totale kost aan noodzakelijke investeringen, alle sectoren samen, komt daarvoor op 25 tot 35 miljard euro tegen 2030, bovenop alle tot nu toe al geplande investeringen.  Ruw gesteld: zowat 3 miljard euro per jaar. Dat is een substantiële inspanning maar, zegt het rapport, "nog altijd minder dan 1% van het jaarlijkse Bruto Nationaal Product".

Tegenover deze investeringen staan ook besparingen. Volgens BCG zouden die uitkomen op 11 tot 16 miljard euro tegen 2030. Het gaat dan om de bedragen die worden uitgespaard doordat energie NIET wordt verbruikt. Andere mogelijke positieve effecten, zoals groei door jobcreatie, zitten hierin niet verrekend.

Wake-up call

Het VBO wil met de presentatie van deze studie een duidelijk signaal sturen aan het beleid: onze doelstellingen halen tegen 2030 kan nog, maar het zal veel inspanningen vragen. Er zijn investeringen nodig en duidelijke keuzes. Zomaar wat aanmodderen, zal niet volstaan. Het is tijd voor beleid.