Wie is Oliver Paasch? Vier weetjes over de man die zichzelf opvolgt als Duitstalig minister-president

Oliver Paasch. De naam zegt u mogelijk niets, maar de man heeft vandaag wel voor de tweede keer de eed afgelegd bij koning Filip als minister-president van de Duitstalige Gemeenschap. Vier weetjes over de “baas” van de Oostkantons, die de komende vijf jaar een boeiende politieke periode tegemoet gaat. 

1. De perfecte schoonzoon

Intelligent, charmant, communicatief, een netwerker, een leider. De adjectieven die aan Oliver Paasch worden toegedicht lijken op de omschrijving van de perfecte schoonzoon. Zijn carrière leest ook als een sneltrein. In 1995 afgestudeerd in de rechten, begint Paasch als bankier. Een paar jaar later volgt de overstap naar de Europese politiek, met zijn eigen jongerenbeweging Juropa. 

Tien jaar later is Paasch voorzitter van ProDG, in mei voor het eerst de grootste in de Duitstalige Gemeenschap. Paasch zelf scoort 5.000 voorkeurstemmen: de tweede termijn als Duitstalig minister-president is verzekerd, zijn positie binnen de partij ongenaakbaar. Zonder Paasch, geen ProDG, hoor je overal. Maar deze verkiezingen worden ook de eerste barsten zichtbaar in dat perfecte imago van Oliver Paasch.

Paasch toont zich graag tussen de mensen. Supporterend voor de rallyrijder Thierry Neuville uit Sankt Vith, of met een tricolore vlag voor de Rode Duivels, zijn facebookpagina lijkt een feest. Hier ziet u hem op carnaval: 

2. De Bart De Wever van de Oostkantons?

“ProDG is de N-VA van de Duitstaligen.” Oliver Paasch heeft al vaak de vergelijking met N-VA-voorzitter Bart De Wever moeten weerleggen. Zijn beweging, ProDG (vertaald: vóór de Duitstalige gemeenschap) is inderdaad regionalistisch. Ze pleiten dus voor meer autonomie van de Duitstalige regio in ons land. “Ultra-regionalistisch” noemde Benoît Lutgen van de CDH hen zelfs, maar dat klopt niet. 

De ProDG wil dat de Duitstalige gemeenschap meer bevoegdheden krijgt, zodat die een vierde gewest kan worden in België (naast het Vlaams, Waals en Brussels-Hoofdstedelijk Gewest). Begin 2020 wordt de Duitstalige gemeenschap bijvoorbeeld bevoegd voor ruimtelijke ordening en woningbouw, maar dat mag voor de ProDG – net zoals voor veel andere Duitstalige partijen – best wat meer zijn. Onafhankelijkheid is echter niet het einddoel. Ook in het migratiedebat stelt de partij zich helemaal anders op dan N-VA. 

De vergelijking gaat wel op in de zin dat Paasch net als De Wever een sterke leidersrol opneemt binnen zijn partij. Een “great communicator”, wordt hij ook wel eens genoemd, die opkomt voor zijn regio die hij in de markt wil zetten als “Ostbelgien” (Oost-België):  

3. Een politiek nest

Paasch heeft het politieke gen van geen vreemde. Zijn vader Lorenz Paasch lag als kopstuk bij de PDB (“Partei der deutschsprachigen Belgier”, een afscheuring van de christendemocraten) mee aan de wieg van de beweging. Zoon Oliver Paasch is echter liberaler en voerde een stevige vernieuwing door. 

Dat deed Paasch via de PJU, de jongerenbeweging Juropa aangevuld met onafhankelijken. In 2003 ging de PJU samen met de PDB, om op die manier in 2008 te vervellen tot een “burgerbeweging” met een nieuwe naam: ProDG. Nu nog heeft de beweging vaak onafhankelijken op hun lijst. 

Lorenz Paasch, vader van Oliver Paasch. Bron en copyrights: GrenzEcho

Zijn broer Armin Paasch, een pak minder bekend, is actief bij Misereor, een organisatie voor ontwikkelingssamenwerking. Oliver Paasch’ ex-vrouw, Heike Verheggen, was radiopresentatrice bij de Duitse omroep, en werkt nu bij de partij. De “dynastie-Paasch” lijkt verzekerd met hun tweelingdochtertjes. 

4. Vijf jaar vol uitdagingen

Vijf jaar geleden, in 2014, brak Oliver Paasch de oppermachtige positie van Karl-Heinz Lambertz (SP) en verving hem als minister-president. Deze verkiezingen werd ProDG voor het eerst (nipt) groter dan de christendemocraten van CSP. Maar boven dat succesverhaal hangen donderwolken, die de volgende vijf jaar kunnen beginnen barsten. 

Al twee dagen na de verkiezingen kondigt Paasch aan dat hij zijn coalitie verderzet met de socialisten van SP en de liberalen van PFF. Die hebben maar één zitje op overschot in het parlement van de Duitstalige Gemeenschap, en als we hun percentages optellen komen ze samen aan 49,6 procent. Dat heeft alles te maken met de slechte score van de traditionele partijen (christendemocraten, socialisten en liberalen), die net als in Vlaanderen en Wallonië stemmen verloren.

Kapers op de kust zijn de liberaal-rechtse Vivant, die er ruim vier procentpunten bij deden en bijna het cruciale zitje van de socialisten hadden afgesnoept. De groenen van Ecolo, die zware kritiek hebben op de machtige figuur van Paasch, gingen drie procentpunten vooruit. Hamvraag is of de coalitie van Paasch binnen vijf jaar standhoudt, of er toch een revanche volgt van de CSP. 

Bekijk het verslag van de eedaflegging van Paasch uit "Het Journaal" hier:

Video player inladen...

De traditionele partijen gingen er in Duitstalige België op achteruit. Hier ziet u hoe alle partijen scoorden bij de verkiezingen in mei: 

Dit artikel kwam tot stand met de hulp van Stephan Pesch, hoofdredacteur van BRF, en Oswald Schröder van GrenzEcho.