Hoe zit het met de terreurdreiging in Europa? 5 tendensen uit het rapport van Europol 

Hoe zit het met de terreurdreiging in Europa? Dat is de centrale vraag waarop het jaarlijkse rapport van Europol een antwoord probeert te bieden. De (simpele) conclusie: ja, in 2018 was er nog altijd een grote dreiging, en nee het is er niet minder complex op geworden. We lichten voor u 5 tendensen uit het rapport. 

Tendens 1: er waren minder aanslagen en er vielen minder doden

De eerste vaststelling van Europol: er waren minder aanslagen en er vielen minder doden. In cijfers? In totaal waren er 129 aanslagen, daar worden zowel de gelukte (denk bijvoorbeeld aan die in Luik, Straatsburg, Parijs of Trèbes), de verijdelde als de mislukte bij geteld. Een pak minder dan de 205 die het jaar ervoor geteld werden. 

In totaal lieten in 2018 13 slachtoffers - waaronder drie agenten - het leven en vielen er 53 gewonden. In 2017 vielen er nog 62 doden. De dodelijke aanslagen werden allemaal gepleegd door zogenoemde lone wolves (individuen, dus geen terreurcellen) met een jihadistisch motief. Maar, zo stelt het rapport, "het exacte motief en de link met andere geradicaliseerden en terreurgroepen onduidelijk was". Naast de effectief gelukte aanslagen werden er ook 16 aanslagen verijdeld. "Het groot aantal verijdelde aanslagen en de aanhoudende intentie van IS om aanvallen buiten conflictgebieden uit te voeren, wijzen erop dat het dreigingsniveau in de EU groot blijft."

In totaal werden er in de verschillende lidstaten vorig jaar 1.056 mensen gearresteerd op verdenking van een terroristische misdaad. 166 daarvan werden in België gearresteerd. 

Tendens 2: Terreur uit extreemrechtse en extreemlinkse hoek

Vorig jaar was er volgens het verslag van Europol één melding van een aanslag vanuit extreemrechtse hoek. Op 3 februari 2018 opende een man in het Italiaanse stadje Macerata het vuur, hij verwondde 6 mensen van wie hij dacht dat ze Afrikanen waren. In Tsjechië, Frankrijk, Duitsland, Italië en Nederland werden in totaal ook 44 mensen gearresteerd op verdenking van misdrijven die gerelateerd zijn aan extreemrechts terrorisme. Een stijging, maar tegenover de 511 mensen die gearresteerd werden op verdenking van jihadistisch terrorisme blijft deze groep klein. 

Europol benadrukt dat het merendeel van de extreemrechtse groeperingen in de verschillende Europese landen geen toevlucht neemt tot geweld. "Maar ze creëren hoe dan ook mee een klimaat van angst en vijandigheid tegenover minderheidsgroepen. Een klimaat van xenofibie, antisemitisme, islamofobie en anti-immigratie kan de drempel voor geradicaliseerde individuen verlagen om geweld tegen deze personen te plegen." Het label extreemrechts is hoe dan ook zeer ruim te interpreteren, meent Europol. "Neonazi's, racistische en antisemitische groeperingen, skinheads, extreemrechtse hooligans..."

Vanuit de extreemlinkse of anarchistische hoek waren er in 2018 19 aanslagen (gelukt, verijdeld of mislukt), allemaal in Griekenland, Spanje of Italië. Europol definieert die landen als "het epicentrum van extreemlinkse en anarchistische terreur".

Tendens 3: Etno-nationalisten en separatisten

Wat opvalt: het merendeel van die 129 aanslagen werd niet uit een jihadistisch motief gepleegd, maar wel uit een etno-nationalistisch of separatistisch motief. Een fenomeen dat zich uitsluitend in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Spanje manifesteert. In totaal ging het in 2018 om 83 aanslagen (tegenover 137 in 2017). 

Voorbeelden van zulke groeperingen? Zogenoemde Dissident Republican-groeperingen die tégen het vredesproces in Noord-Ierland zijn en die zich vooral richten tegen politieagenten, cipiers en militairen, ETA in Spanje (hoewel die in al jaren geen terreuraanslagen meer gepleegd hebben) en de Koerdische PKK. 

Tendens 4: Terroristen plegen nog weinig of geen cyberaanvallen

De afgelopen jaren is er al meermaals gespeculeerd dat het wel eens mogelijk zou zijn dat terroristen zich wenden tot cyberaanvallen. Maar hoewel de online propaganda van terreurgroep IS technologisch geavanceerd was en IS ook volop gebruik maakte van gecrypteerde (versleutelde) communicatie, maken ze (voorlopig) weinig gebruik van hun eigen cyberwapens. 

Op territoriaal vlak werd IS vorig jaar verslagen, online is dat overigens allesbehalve al het geval (hoewel hun verlies wel een weerslag had op hun online activiteiten). IS blijft volgens het rapport online succesvol door onofficiële netwerken van supporters en door kanalen die pro-IS zijn. 

Tendens 5: Weinig vertrekkende of terugkerende Syriëstrijders

Sinds het begin van het conflict in Syrië zijn er naar schatting 5.000 mensen vertrokken om te gaan vechten in Syrië en Irak. Maar die stroom is wel zo goed als helemaal stilgevallen. 

Nog volgens het rapport is ook het aantal terugkeerders "laag". Landen als België, Finland, Frankrijk en Italië heeft tussen de 20 en 30 procent zien terugkeren. In Duitsland en het Verenigd Koninkrijk gaat het respectievelijk om 33 en 45 procent. 

U kan het hele rapport hier lezen.