WHO: "Te veel suiker in commerciële babyvoeding en veel ongepaste etiketten"

Commerciële babyvoeding bevat vaak te veel suiker en veel producten hebben ongepaste etiketten. Dat blijkt uit een rapport van de WHO, de Wereldgezondheidsorganisatie van de VN. Tot zestig procent van de producten droeg een etiket dat stelde dat ze geschikt waren voor kinderen jonger dan zes maanden, terwijl de WHO aanbeveelt kinderen de eerste zes maanden enkel borstvoeding te geven.   

De Europese afdeling van de WHO onderzocht tussen november 2017 en januari 2018 bijna 8.000 producten uit meer dan 500 winkels in Oostenrijk, Hongarije, Bulgarije en Israël - de Europese WHO-afdeling telt 53 landen gaande van de Atlantische Oceaan tot de Stille Oceaan en omvat ook Israël. 

In zowat de helft van de onderzochte producten was meer dan 30 procent van de calorieën afkomstig van suiker, bij 40 procent was dat zelfs meer dan 40 procent van alle calorieën. In fruitpapjes die op de markt gebracht worden als babyvoeding, was suiker gemiddeld goed voor meer dan 70 procent van de calorieën. 

Zowat een derde van de producten bevatte toegevoegde suikers of andere zoetmakers, en slechts een derde voldeed aan de zes drempels voor de samenstelling van baby- en kindervoeding die de WHO aanbeveelt in haar 'Nutrient Profile Model'. 

Opvallend was dat ook veel hartige voeding toegevoegde suikers bevatte, vaak in de vorm van fruitmoes. 

De WHO merkt op dat, hoewel voedsel dat van nature suikers bevat zoals fruit en groenten, geschikt kan zijn voor jonge kinderen, de zeer hoge niveaus van suiker die aanwezig zijn in commerciële producten, een reden tot ongerustheid vormen. Een hoge inname van suikers als kind kan immers leiden tot tandbederf en kan zelfs gevolgen hebben tot in de volwassenheid. Een vroege blootstelling aan erg zoete producten kan immers leiden tot een levenslange voorkeur voor zoet voedsel, met alle mogelijke gevolgen van dien voor de gezondheid zoals overgewicht, obesitas en niet-besmettelijke ziekten die verband houden met het dieet.

"Veel ouders en verzorgers beseffen mogelijk niet dat hartige producten of groenteproducten vaak zoete ingrediënten bevatten of dat producten waarop staat 'geen toegevoegde suiker' nog steeds extreem veel suiker kunnen bevatten. De producenten en handelaars zouden een meer positieve rol kunnen spelen om de consumenten te helpen gezonde keuzes te maken voor hun kinderen", zo zei dokter Diane Threapleton van de University of Leeds, een van de auteurs van het WHO-rapport. 

Ongepaste etiketten

Een groot deel van de producten, tussen 28 en 60 procent, werd op de markt gebracht als 'geschikt voor kinderen jonger dan zes maanden'. Dat gaat in tegen de richtlijnen van de WHO zoals die vastgelegd zijn in een Codex uit 1981 en bevestigd in Richtlijnen uit 2016. Die stellen expliciet dat commercieel aanvullend voedsel niet zou mogen verkocht worden als geschikt voor kinderen jonger dan zes maanden. De WHO beveelt tot die leeftijd immers uitsluitend borstvoeding aan.

Op bijna al de producten stond een of andere mededeling over de samenstelling van het product, de voedingswaarde of een of andere eigenschap in verband met de gezondheid - tussen een derde en drie vierde had een mededeling over de voedingswaarde, tussen 13 en 35 procent werd verkocht in een verpakking met minstens een mededeling in verband met gezondheid of de ontwikkeling van het kind. 

Ook dat gaat in tegen de WHO-richtlijnen, die stellen dat over voeding voor baby's en jonge kinderen geen beweringen in verband met de voedingswaarde of de gezondheid gemaakt mogen worden. 

Een groot deel, tussen 16 en 53 procent, van de producten wordt verkocht met afbeeldingen van cartoon-figuurtjes en is duidelijk ontworpen om kinderen aan te spreken. Dat kan gezien worden als een onderdeel van een bredere trend om kindervoeding "leuk" te maken, en het kan zogenoemd 'pestgedrag' aanmoedigen, waarbij kinderen gaan zeuren voor een bepaald product omdat er een leuke afbeelding op staat. Dat kan dan weer de optimale voeding van baby's en jonge kinderen ondermijnen, aldus de WHO. 

Andere vormen van ongepaste reclame - zoals speciale aanbiedingen wat de prijs betreft of het gebruik van beelden die flessenvoeding promoten, waren veel minder algemeen maar kwamen wel voor. Dergelijke praktijken zijn schadelijk omdat ze het geven van borstvoeding kunnen ondermijnen en ook het vertrouwen kunnen ondermijnen dat ouders hebben in het aanvullen van de voeding met zelfgemaakte producten, en dus afhankelijkheid van commerciële voedingsproducten en dranken kunnen aanmoedigen. 

De WHO-afdeling Europa zegt dat ze haar aanbevelingen aan het updaten is om de lidstaten te helpen bij het aannemen van nieuwe wetgeving om de hoge inname van suiker tegen te gaan. 

De WHO wil dat de promotie van vervangmiddelen voor moedermelk wordt stopgezet, en beveelt aan dat kinderen tussen zes maanden en zes jaar voedsel dat rijk is aan voedingsstoffen en dat thuis bereid is zouden krijgen. 

De organisatie vraagt dat het toevoegen van suikers en andere zoetstoffen aan babyvoeding verboden wordt, en zegt dat de etiketten op suikergoed en zoete dranken - waaronder ook fruitsappen en gecondenseerde melk - zouden moeten vermelden dat de producten niet geschikt zijn voor kinderen jonger dan drie jaar.