Kamer keurt voorlopige begroting voor 3 maanden goed

De plenaire Kamer heeft de voorlopige twaalfden goedgekeurd, de noodbegroting voor de federale overheid. Door de val van de regering eind vorig jaar keurde het parlement geen echte begroting voor dit jaar goed. Om te voorkomen dat de overheid geen lonen en uitkeringen meer zou kunnen uitbetalen of geen facturen meer zou kunnen vereffenen, wordt er een noodbegroting met zogenaamde voorlopige twaalfden goedgekeurd. Dat houdt in dat de overheid elke maand maar een twaalfde van het budget van 2018 mag uitgeven. 

Het is het derde luik van de voorlopige twaalfden waarover de Kamer zich moest buigen. De noodbegroting geldt voor de maanden augustus, september en oktober.

N-VA en Vlaams Belang stemden tegen het wetsontwerp. Zij hadden een aantal amendementen ingediend die werden weggestemd. PVDA onthield zich.

Het debat was een herhaling van de discussie die vorige week in de bevoegde Kamercommissie werd gevoerd. N-VA vindt dat de regering in lopende zaken nieuw beleid voert, ook al beschikt die slechts over 38 op 150 Kamerzetels. CD&V en Open VLD vinden dat N-VA en PS als grootste partijen in elke taalgroep hun verantwoordelijkheid moeten nemen om snel aan tafel te zitten om een volwaardige regering te vormen.

Omdat die regeringsvorming nog even kan duren, pleit CD&V-fractieleider Servais Verherstraeten ervoor om de volgende schijf van de voorlopige twaalfden, die in het najaar moet worden goedgekeurd, een "upgrade" te geven tot een soort minibegroting.