Stijn Streuvels - Modest Huys

Stijn Streuvels overleed 50 jaar geleden, waarom moeten we hem (her-)lezen?

"De vlaschaard", "De teleurgang van de Waterhoek", "Langs de wegen": Stijn Streuvels schreef in kleurrijke taal over de kleine man die vecht met het noodlot: een universeel thema, geworteld in de West-Vlaamse klei. Vijftig jaar geleden overleed de schrijver - hoewel hij tien jaar eerder al eens per vergissing dood werd verklaard in de krant. VRT NWS sprak met zijn kleindochter, dichteres Jo Gisekin, over zijn literaire erfenis: "Zijn tijdsdocumenten herinneren ons aan onze roots, maar zijn thema's zijn universeel".

Op 15 augustus 1969, terwijl aan de andere kant van de wereld het Woodstock-festival begon, overleed in zijn 98e levensjaar de Vlaamse auteur Stijn Streuvels. De 50e verjaardag van zijn dood wordt herdacht in zijn schrijverswoning het "Lijsternest" in het West-Vlaamse Ingooigem, nabij Avelgem. Met verhalenvertellers, een rondleiding in een ast (een oven waar de wortels van de cichorei werden gedroogd, het toneel van zijn boek "Het leven en de dood in de ast"), een kunstinstallatie, een dansvoorstelling en een officiële herdenking aan zijn graf. Het programma van 15 augustus vindt u hier.

Het Letterenhuis in Antwerpen, dat het archief van Stijn Streuvels bewaart, publiceert een themanummer van het tijdschrijft "Zuurvrij". "Omdat literair erfgoed niet genoeg ontsloten kan worden, omdat de verhalen van toen ook de verhalen van nu zijn, maar dan anders," schrijft Nele Hendrickx, directeur van het Letterenhuis.

Stijn Streuvels schreef de klassieker "De vlaschaard". Die werd ook verfilmd, net als "De blijde dag" (voor televisie). Vooral "De teleurgang van de Waterhoek" ging de geschiedenis in als de schandaalfilm "Mira" uit 1971, met een jonge, verliefde Jan Decleir en een blote Willeke van Ammelrooy. "Mira" bleef nazinderen: de brug die figureerde in de film heet sindsdien zo, net als de politiezone van Avelgem en omstreken...

Lees verder onder de trailer:

Stijn Streuvels werd in 1871 als Frank Lateur geboren in Heule, bij Kortrijk. Guido Gezelle was zijn oom. Jarenlang combineerde Streuvels schrijven met brood- en banketbakken in Avelgem, tot hij zijn eigen stek creëerde in Ingooigem: het "Lijsternest", waar hij woonde en schreef.

Het "Lijsternest" is nu een museum. In zijn radiopraatje van 3 juli 1951 vertelt Stijn Streuvels over zijn "nest":

Leentje Vandemeulebroecke (°1942) is een kleindochter van Stijn Streuvels. Ze kwam heel vaak in het "Lijsternest": "Wij belden altijd op voorhand. Nummer 245; het was de tijd dat je het nummer nog moest aanvragen. En dan zei mijn moeder: vader, wij komen! Hij zat in zijn voorkamer te wachten, want we moesten op tijd zijn. Het was altijd heel gezellig. We zorgden voor taart, mémé zette koffie en we praatten over vanalles, maar nooit over zijn eigen werk. Wel over literatuur van anderen. Hij zei: lees dit eens, of dat."

"De bakkersstiel heeft hij heel vroeg vaarwel gezegd. Hij was autodidact. Het mooiste moment van de dag was volgens hen toen de postbode met pakketjes boeken kwam. Hij heeft enorm veel gestudeerd in zijn leven, trachtte Russisch te leren, kende Engels, Duits, Frans, allemaal op eigen initiatief. Hij reisde, wilde leren, weten, zien, horen, hij wilde àlles."

Pas heel recent heeft Leentje Vandemeulebroecke de uitgebreide briefwisseling tussen haar grootvader en haar moeder Paula gelezen, toen die op kostschool zat in Nederland. "Prachtige brieven, sommige zes velletjes lang, elke week. Ik heb die een voor een bekeken, met de nodige emoties. De belangrijkste zaken heb ik in een brief gezet die ik stuur naar mijn grootvader. Ik spreek hem dus aan: kijk, grootvader, hier zit ik nu, tegenover u, en ik lees de brieven van u aan mijn moeder. En zo heb ik u nog beter leren kennen." Vandemeulebroecke leest haar brief voor op de herdenking op 15 augustus in Ingooigem.

Beluister hier de reportage uit "De ochtend", Radio 1:

Kleindochter Vandemeulebroecke erfde de literaire genen: onder het pseudoniem Jo Gisekin heeft ze een twaalftal dichtbundels gepubliceerd. In de jaren 70 werkte ze zich door het hele werk van Streuvels heen, om het in de nieuwe spelling om te zetten. "We overlegden daarover in zijn boekenkamer. Hij zei: de buigings-n’en en de genitieven mogen weg, maar aan mijn woorden mag je niet raken!  

... de leute en de zottemarterije, het buitelen en dansen, kachaaien en ginnegabben, piokken, takelen, tjokken, tinsen en titsen, trijkelen, kullebukken, hossebrokken, zeerden, pierlen, kokeren en dertelen...

uit "Het leven en de dood in de ast"

"Hij haalde de woorden van het land, maar hij maakte er ook veel zelf. Dat is ook de reden waarom jonge mensen de boeken minder ter hand zullen nemen. Het is een heel specifieke taal, een beetje exotisch, West-Vlaams, maar ook met veel nieuwe woorden. Er zit heel veel muziek in zijn taal," vindt Leentje Vandemeulebroecke.

Hoe sterk de taal van Streuvels klinkt, is hier te ervaren. Acteur Julien Schoenaerts leest voor uit "Langs de wegen", het verhaal van een man die telkens aan het kortste eind trekt en aan lager wal raakt. Uit "Ontworteld", een VRT-programma over landlopers, uit 1969:

Video player inladen...

Haal een boek van Streuvels uit de bib om je in te leven in je roots. En om bij te leren over de psychologie van de personages. Zijn boeken zijn universeel.

De gekwelde kleine mens, de arbeider, de landwerker, machteloos tegenover het lot en de natuur: daar gaat veel van Stijn Streuvels' naturalistische werk over. Maar een "boerenschrijver" is hij niet, vindt zijn kleindochter: "Ja, het is somber, maar het geeft een zeer goed inzicht in die tijd: de mensen wàren arm, moesten wroeten om rond te komen. Er waren rijke boeren, maar ook heel veel boerenknechten die het zout in hun pap niet verdienden; mensen moesten naar Frankrijk gaan werken in de tarwe of de bieten."

Het zijn tijdsdocumenten, die ons herinneren aan onze roots, zegt Vandemeulebroecke. Tegelijk is Streuvels dat lokale "ontgroeid". "De manier waarop hij zijn personages typeert en de psyche eruit haalt is universeel." Ze noemt "De blijde dag" een boek dat jongeren kennis kan doen maken met Streuvels. En "Het leven en de dood in de ast" een "meesterwerk, dat je blijft herlezen."

Een opmerkelijke fan van Stijn Streuvels: een jonge Hugo Claus, die later het scenario zou schrijven van de film "Mira". "Verrassend genoeg kan Streuvels de man zijn die aan jonge lezers en schrijvers het meest te vertellen heeft. Voor het verhaal kunnen we naar de bioscoop of naar de televisie kijken, voor een letterkundige belevenis van een grote intensiteit moeten we bij een schrijver zijn, bij Stijn Streuvels,” zei Hugo Claus in een uitzending van BRT-Schooltelevisie, op 30 oktober 1962.

Video player inladen...

In 1962 kreeg Stijn Streuvels in Den Haag de Prijs der Nederlandse Letteren, de hoogste onderscheiding voor een schrijver in ons taalgebied. "De magie doet haar werk: de lezer is gevangen in de tovercirkel van Streuvels' toverwereld," schreef de jury.

"Het in zijn werk uitgebeelde leven is voor een niet onaanzienlijk deel bitter, hard, wreed vaak. Ongenadig handhaaft hij zijn zienswijze zonder toe te geven. Het is zijn visie en hij heeft haar vaak visionair uitgebeeld, meer dan zestig jaar. Het resultaat is een indrukwekkend oeuvre." Streuvels reageerde met een laconieke, korte speech in Den Haag waarin hij sprak over zijn "marchandise":

Ik ben toch geen aap in een kooi?

Stijn Streuvels was een beroemdheid, veel gelezen, veel gelauwerd. Maar hij vond al die aandacht niet altijd aangenaam. Kleindochter Leentje Vandemeulebroecke: "We zaten op zondagnamiddag koffie te drinken en ze kwamen achteraan tot bij het Lijsternest met drie, vier mensen aan het raam kijken. Mijn grootvader zei: ik ben toch geen aap in een kooi?" Op een andere keer zat hij in een boom te snoeien, "toen iemand op het erf kwam, die aan mijn grootmoeder vroeg: is Streuvels er? En zij moest dan nee zeggen."

Twee keer was er sprake van de Nobelprijs, waarvoor Stijn Streuvels genomineerd was. Het mocht niet zijn. Maar in Ingooigem stroomden de journalisten al toe, maakte hij zich vrolijk in een radiopraatje in '51:

Het VRT-archief zit vol huldeblijken, eerbetonen, verjaardagen, prijzen, inwijdingen en herdenkingen van Stijn Streuvels. De schrijver kwam vaak in het nieuws, bij elke ronde verjaardag, toen hij 75, 80, 85, 90, 95 werd. Hij was een BV avant-la-lettre.

Bij zijn dood, op 15 augustus 1969, zond het Journaal een lang in memoriam uit. Met als conclusie: “Streuvels smeedde het Vlaams om tot een eigen palet waarmee hij, hoekig als Permeke, de onverbiddelijkheid van de aarde over het lot van de mensen kon uitdrukken”.

Video player inladen...

Ook van de begrafenis van Stijn Streuvels op 21 augustus 1969, bijgewoond door zo'n 7000 mensen in Ingooigem, werd verslag gedaan in het Journaal. Er was veel te weinig plaats voor de mensen van het dorp zelf. Zij kwamen aan de beurt op 31 augustus op een tweede begrafenisplechtigheid.

Video player inladen...

Na zijn dood was er af en toe controverse over zijn relatie met Duitsland, en zijn werk tijdens de beide Wereldoorlogen. In 14-18 bijvoorbeeld schreef Streuvels een dagboek.  Dat heeft kritiek uitgelokt, omdat Streuvels te sympathiek zou zijn geweest voor Duitsland. "Dat is allemaal weerlegd," werpt Leentje Vandemeulebroecke tegen, "want wat deed hij? Hij ging naar de oorlog kijken in Kortrijk met zijn fiets, een beetje als journalist. Hij wilde vooral dingen  zien, waarnemen en weergeven in zijn geschriften. Als er Duitsers bij hem ingekwartierd zaten, schreef hij dat die mensen heel beleefd waren en zich fatsoenlijk gedroegen. Daarvan zei men: zie je wel, hij heult mee met de Duitsers. Maar dat mag toch gezegd worden?"

Weinig ontleningen, geen heruitgaven

Stijn Streuvels is 50 jaar geleden overleden. Wat is de houdbaarheidsdatum van zijn werk? In 1927 schreef Emmanuel de Bom, stadsbibliothecaris van Antwerpen: "Wat is uw werk gezond - ge moogt gerust binnen honderd jaar nog eens komen kijken." Is dat zo?

Worden zijn boeken nog uitgegeven? Gelezen? Uitgeleend in de bibliotheek? Dat valt tegen. In Kortrijk, toch zijn thuisbasis, werden er vorig jaar 36 werken uitgeleend; de meeste werken zijn enkel ter plekke raadpleegbaar. Ook elders, bijvoorbeeld in Vilvoorde, is de belangstelling beperkt, amper enkele uitleningen per jaar per boek. Vaak zijn de boeken versleten, en kunnen ze niet worden vervangen, omdat er geen nieuwe uitgaven zijn, merkt de bib van Dilbeek op. 

Zelfs in dit herdenkingsjaar worden geen romans of verhalen van Streuvels heruitgegeven. Van recente datum zijn enkel "In oorlogstijd", de WO I-dagboeken, allerlei briefwisseling en een twee-vuisten-dikke biografie door Toon Breës.

Schrijversresidentie met een beroemd venster

Leentje Vandemeulebroecke: "Het verheugt me wel dat jonge auteurs, als ze resideren in het Lijsternest, ontdekken wie Streuvels is.  Koen Peeters zei: er is voor mij een wereld opengegaan. David Van Reybrouck en Anne Provoost ook. Allemaal mensen die Streuvels opnieuw ontdekt hebben door in zijn woonruimte te leven en het landschap te zien. En dan gaan ze verder met hun eigen experiment."  

Dat landschap hebben ze zeker gezien door het beroemdste raam uit de vaderlandse literatuurgeschiedenis: een breed, horizontaal venster "with a view".  Te ervaren als u het Lijsternest bezoekt, die prachtig Engels aandoende cottage in Ingooigem, tegenwoordig een museum. 

En zo goed als zeker rijdt u dan doorheen een of andere Stijn Streuvelsstraat in Vlaanderen, want daarvan zijn er veel:

Beluister hier het gesprek met Leentje Vandemeulebroecke, kleindochter van Stijn Streuvels. Op het eind leest ze het gedicht dat ze schreef op de avond van zijn overlijden: