Bijna de helft van de Vlaamse tandartsen houdt zich niet meer aan tarieven van de overheid

De groep van tandartsen die de vaste tarieven aanrekent die in samenspraak met de overheid zijn vastgelegd, wordt almaar kleiner. Dat meldt Het Nieuwsblad. Door de hoge kosten verbonden aan hun beroep kiest bijna de helft van de Vlaamse tandartsen ervoor om zich niet meer te conventioneren. Dat heeft gevolgen voor de kostprijs van een tandartsbezoek. 

Het nieuwe vastetarievenakkoord voor de tandartsen is pas eind vorige week goedgekeurd. Slechts 60 procent van de Belgische tandartsen kon zich vinden in het akkoord, de rest heeft het naast zich neergelegd. "De stijging van de kostprijs van hun investeringen, van de producten die ze op dagelijkse basis gebruiken tijdens hun raadplegingen, zoals boortjes, vullingmateriaal of handschoenen en van de lonen, staat niet in verhouding met de stijging van de tarieven in het akkoord", legt Stefaan Hanson van het Verbond der Vlaamse Tandartsen uit. Daarom hebben ook deze keer weer meer tandartsen ervoor gekozen om zich niet meer te conventioneren. Deze groep houdt zich dus niet aan de tarieven die zijn vastgelegd in het akkoord, maar kiezen zelf welke prijs ze aanrekenen aan hun patiënten. 

De tandheelkunde in ons land wordt ondergefinancierd in vergelijking met andere landen

Stefaan Hanson van het Verbond der Vlaamse Tandartsen

Wie op raadpleging gaat bij zo'n niet-geconventioneerde tandarts betaalt meer voor een tandartsbezoek, omdat de tandarts hogere tarieven kan aanrekenen. De ziekenfondsen  betalen echter hetzelfde bedrag terug als voor  een raadpleging bij een geconventioneerde tandarts.  Stefaan Hanson: "Mensen zeggen dat de tandarts duur is, maar het is niet de tandarts zelf. Het is de terugbetaling die niet goed is. De tandheelkunde in ons land wordt ondergefinancierd in vergelijking met andere landen. In de praktijk zal dit betekenen dat meer mensen hun tandsartsbezoek zullen uitstellen, vooral dan mensen met een lager inkomen."