Leven als God op El Hierro?

Louis van Dievel kijkt elke week met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit. Vandaag: de schaduwkant van je pensioen slijten in het zonnige zuiden.

opinie
Louis Van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en was journalist bij VRT NWS

Ik verblijf al een jaar of tien geregeld op El Hierro, het kleinste en minst bekende Canarische eiland. Er valt niets te beleven, er is niets te zien, behalve het natuurschoon en de fascinerende oceaan. Het eiland is ook niet zo makkelijk te bereiken, dat scheelt hem een slok op een borrel qua toerisme. Ik ben er bij toeval beland en blijven hangen. 

Ik ben er lang niet de enige guiri, ofte buitenlander uit het noorden. Er wonen op El Hierro plusminus vijfhonderd Duitsers en Zwitsers, die om wat voor reden ook ooit zijn aangespoeld en gebleven. Ze maken ongeveer tien procent van de bevolking uit. Belgen zijn er amper, Nederlanders zijn nog zeldzamer. De Duitsers hebben een amusante spotnaam: cabeza quadrada, wat vierkante kop betekent. Ik haast me altijd om te zeggen dat ik geen Duitser ben maar een landgenoot van Thibaut Courtois en Romelo Lukaku, want die voetballers kennen ze op El Hierro. 

Belastingen

De huizen van al die buitenlanders zijn zeer herkenbaar omdat ze fantasietjes als dakgoten hebben en grotere ramen en zonneboilers en er geen SUV voor de deur staat. Ze zijn ook uiterlijk herkenbaar omdat ze hun haar zelf knippen en tweedehandse kleren dragen en een zeer herkenbaar accent hebben als ze zich aan het Spaans wagen. Ze zijn meestal gepensioneerd of geprepensioneerd. Ze betalen net als de Spanjaarden twintig procent belasting op dat pensioen, wat zeer redelijk te noemen is.

Niet geliefd

Geliefd zijn de buitenlanders niet op het eiland. Ze worden ook niet gehaat of geminacht, hoogstens genegeerd. Ze zijn er gewoon, er kan eventueel een cent aan verdiend worden, er kan eens mee gelachen worden. Ze worden vaak - gewoon voor de fun – gemangeld in de Spaanse administratieve mallemolen. Want voor alles is er een vergunning nodig, zelfs om een hengel uit te werpen, zelfs om een fles butagas te kopen. 

Geliefd zijn de buitenlanders niet op het eiland

Wie denkt dat België ingewikkeld in mekaar zit, moet bedenken dat El Hierro, een eiland met pakweg zesduizend inwoners, drie gemeentebesturen kent, een eilandbestuur, een vertegenwoordiging van de semi-autonome Canarische regio en een delegatie van de centrale Spaanse overheid. Tien jaar geleden ben ik een volle maand fulltime zoet geweest met het “regulariseren” van de auto waarmee ik naar El Hierro was afgezakt: het kostte mij toen aan allerlei taksen in totaal tweeduizend euro. 

Gezondheid

De Duitstalige buitenlanders klitten aaneen. Ze hebben een Kulturverein, ze lezen een Duitstalig online blaadje, ze zien elkaar op de zaterdagse markt in Valverde en de zondagse in Frontera. Ze zitten op het terras van hetzelfde café en gaan – naar Spaanse normen – veel te vroeg eten in dezelfde eethuisjes. Waar ze nieuwsjes uitwisselen over aankomers en vertrekkers, voordeeltjes en tegenslagen, huwelijkstrouw en overspel, berichten uit de Heimat, én over de eigen en andermans gezondheid. 

De gezondheidszorg is niet het sterkste punt van het eiland

Gezondheid is het nevralgieke punt in het bestaan van de buitenlanders op El Hierro. De gezondheidszorg is niet het sterkste punt van het eiland. Wie ziek is kan niet naar een huisarts van zijn of haar keuze maar moet in de rij gaan staan van het Centro de Salud, en als het erg is komt hij of zij in het kleine lokale ziekenhuis terecht. Waar de zorg beperkt is en de kwaliteit zeer wisselvallig. Waar niemand Duits spreekt. En je moet verdorie al heel goed Spaans spreken om uit te leggen wat je mankeert. Mijn buurman op El Hierro, een eilander die twintig jaar in de Berlijnse horeca heeft gewerkt, gaat vaak als tolk mee naar de dokter.

Opgesloten

En dus besluiten veel bejaarde Duitsers of Zwitsers om hun laatste jaren toch maar in het koude vaderland door te brengen, waar iedereen tenminste Duits spreekt en de arts naar je klachten luistert. Waar de kinderen en kleinkinderen wonen die met geen stokken naar El Hierro te krijgen zijn. Maar ze kunnen niet weg, want ze krijgen hun huis niet verkocht. Het huis dat hun spaarpot is. 

De immobiliënmarkt ligt al jaren zo goed als stil. Huizen staan zo lang te koop dat je het plakkaat niet meer kunt lezen. Soms is het huis ook helemaal of gedeeltelijk illegaal gebouwd en is het onverkoopbaar. Ze zitten vast, weliswaar op een wondermooi en redelijk goedkoop en zonnig eiland, maar evengoed opgesloten.  

Om maar te zeggen dat ieder voordeel zijn nadeel heb.

AP2011

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.