Video player inladen...

Gevreesde bananenziekte nu ook in Zuid-Amerika: gaat de Cavendish-banaan de Gros Michel achterna?

In de bananensector is ongerustheid ontstaan nu in Zuid-Amerika voor het eerst een schimmel is opgedoken die een ravage kan aanrichten op de plantages. Zuid-Amerika is de grootste producent van bananen voor export, en de soort die er het meest wordt gekweekt, de Cavendish-banaan, is niet resistent voor de schimmel. 

De ziekte werd in juli voor het eerst vastgesteld op vier plantages in het noordoosten van Colombia. Het gaat om de Tropical Race 4 (TR4)-variant van de schimmel Fusarium oxysporum f. sp. cubense. 

Fusarium is een groot geslacht van schimmels, waarvan er veel onschadelijk zijn of zelfs nuttig, van een soort wordt zelfs het vegetarische voedingsproduct quorn gemaakt.

Een aantal soorten veroorzaken echter plantenziekten,  en Fusarium oxysporum is er daar een van. Verschillende ondersoorten van deze schimmel kunnen onder meer tomaten, tabak, zoete aardappelen, meloenen en dadelpalmen aantasten, en dus ook bananen, wat soms de panamaziekte genoemd wordt. De schimmel tast de wortels van de bananenboom aan en blokkeert het vasculaire systeem van de plant, de kleine vaatjes die water en voedingsstoffen transporteren. Daardoor vergelen en verdrogen de bladeren en uiteindelijk sterft de plant. 

Fusarium is een bodemschimmel die niet kan bestreden worden met gewasbeschermingsmiddelen. Het rooien en buiten gebruik stellen van besmette gebieden is de enige manier om verspreiding tegen te gaan, maar een getroffen plantage is voor lange tijd verloren voor productie.

"Het duurt tot dertig jaar vooraleer de schimmel uit de grond is", zegt expert Frederic Rosseneu, business development manager bij de Belgische fruit- en groentereus Greenyard.

 De panamaziekte is al langer gekend, en de nieuwe variant Fusarium TR4 dook voor het eerst op in de jaren 90 in Maleisië en Indonesië. Vandaar verspreidde de schimmel zich snel naar China, waar hij intussen op veel plaatsen voorkomt. De voorbije decennia zette de schimmel zijn opmars voort in Azië, en vervolgens ook in Australië en Afrika.

In Zuid-Amerika was de ziekte tot nu nog niet opgedoken. Zuid-Amerika is het belangrijkste aanvoergebied van bananen voor Europa. Een kwart van de bananen die bij ons in de rekken ligt, komt uit Colombia en buurland Ecuador is zelfs de grootste bananenexporteur ter wereld.

Arbeiders sorteren bananen voor de export naar de VS in de staat Chiapas in Mexico. Copyright 2019 The Associated Press. All rights reserved.

Monocultuur

Met de huidige besmetting in Zuid-Amerika herhaalt de geschiedenis zich. Halfweg de twintigste eeuw richtte de variant TR1 van de panamaziekte een ravage aan onder de 'Gros Michel' of 'Big Mike', de bananensoort die toen massaal bij ons in de winkels lag.

"Die soort is vandaag volledig verdwenen. Er werd overgestapt naar de Cavendish, die wel resistent bleek tegen TR1, maar dus niet tegen TR4", legt Rosseneu uit. Volledig verdwenen is overdreven, plaatselijk wordt de Gros Michel nog wel gekweekt, maar uit de wereldhandel is hij wel geheel verdwenen. 

Hoe komt het dat de schimmel zich zo massaal kan verspreiden onder de bananen? Het probleem is dat de dessertbananen die wij eten, ongeslachtelijk vermeerderd worden. Wilde bananen zitten vol grote oneetbare zaden, terwijl de bananen in onze winkels geen zaden hebben, en dus ook niet via zaden gekweekt kunnen worden. 

Alle Gros Michel en alle Cavendish-bananen zijn dus genetische klonen van de moederplant. Dat betekent dat als die gevoelig is voor een ziekte, ook alle nakomelingen er gevoelig aan zullen zijn. 

En de Cavendish, die resistent is voor de TR1-variant die de Gros Michel noodlottig werd, blijkt nu gevoelig voor de TR4-variant. En aangezien de Cavendish-plantages een doorgedreven monocultuur zijn met genetisch identieke planten, betekent dat dat alle Cavendish-bananenplanten het slachtoffer kunnen worden van die TR4-variant van de Fusarium-schimmel.  

Er zijn meer dan 1.000 variëteiten van bananen maar de grote producenten hebben een voorkeur voor bananen als de Gros Michel en de Cavendish, omdat die dicht op elkaar groeien in de trossen, een dikke schil hebben zodat ze tegen een stootje kunnen, makkelijker te transporteren zijn en een hoge opbrengst geven.

Volgens cijfers van de Verenigde Naties bedroeg de totale productie van bananen in 2013 zo'n 134 miljoen ton, waarvan zo'n 60 procent dessertbananen waren, de overige bakbananen en andere soorten. Momenteel bestaat iets minder dan de helft van de wereldwijde productie van bananen uit Cavendish-bananen.

Ook de consumenten in het westen zijn intussen aan de Cavendish gewend geraakt. "De consumenten zijn gewoon aan die mooie gele bananen met die typische smaak. Ze zullen niet zomaar overschakelen op een andere soort", zegt Rosseneu.

Gros Michel-bananen in diverse stadia van rijpheid. Zwifree/Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0

Beschermingsmaatregelen

De schimmel heeft volgens experten het potentieel om uiteindelijk de Cavendish-bananen uit te roeien, maar voorlopig denken de grote bananenfirma's dat de schimmel nog beheersbaar is. De schimmel zit al tientallen jaren in Azië, en toch produceert en consumeert men daar nog steeds bananen, zo zeggen ze.  

De grote producenten hebben wel strikte veiligheidsmaatregelen genomen om hun plantages te beschermen. Zo hebben ze verboden gebieden ingericht rond hun plantages en de toegang beperkt voor bezoekers. 

Alle bezoekers en voertuigen moeten door baden met schimmelwerende middelen, en de plantages worden afgeschermd met omheiningen om dieren buiten te houden die besmette grond zouden kunnen binnenbrengen. Het water dat de producenten gebruiken op de plantages komt van bronnen of uit het leidingnetwerk, want ander water kan sporen van de schimmel bevatten.  

Voorlopig zijn nog maar zowat honderd hectaren in Colombia besmet, op een totaal van meer dan 40.000 hectaren. "Het is dus niet zo dat we morgen geen bananen meer zullen hebben", aldus Rosseneu. "Maar de ziekte zal zich hoe dan ook verspreiden. Het wordt dus cruciaal om de schimmel zo goed mogelijk af te remmen. En dat wordt een collectieve inspanning. Negentig procent van de telers kan inspanningen leveren om te ontsmetten, maar als de resterende tien procent niet de middelen heeft of onwetend is, dan is er een probleem".

En daar zit inderdaad een probleem: de maatregelen om de schimmel in te dijken zijn duur, en kleine producenten en particulieren die voor eigen gebruik bananen kweken, kunnen ze mogelijk niet betalen. 

Voorlopig lijkt het opduiken van de panamaziekte in Zuid-Amerika dan ook vooral een drama te worden voor de plaatselijke bevolking. Bananen zijn er immers een belangrijk onderdeel van de dagelijkse voeding, zo zei bananenexpert Gert Kema van de Universiteit Wageningen aan de NOS. 

Wereldwijd zijn bananen en bakbananen zelfs het meest gegeten gewas na rijst, tarwe en maïs.  

De Belgische consument hoeft niet meteen te vrezen voor lege rekken. Wel zullen bananen binnenkort wat duurder worden. Producenten zullen de gestegen kosten voor de ziektebestrijding trachten door te rekenen in de contractbesprekingen voor volgend jaar. "Die gesprekken moeten nog beginnen. Met hoeveel de prijs van bananen zou kunnen stijgen, is dus nog niet duidelijk. Maar het is wel niet zo dat ze plots de helft duurder zullen worden", zo zegt de Greenyard-specialist.

Cavendish-bananen in een Belgische supermarkt.

Meer genetische diversiteit

Professor Kema is niet optimistisch over het controleren van de verspreiding van de schimmel. Volgens hem ligt de wortel van het probleem in de monocultuur in de bananenproductie, waarbij men al te zeer afhangt van één variëteit, de Cavendish. 

"We moeten de productie diversifiëren", zo zei hij aan de BBC. De oplossing is volgens hem het doorbreken van de 'genetische uniformiteit' door verschillende bananensoorten op grote schaal naast elkaar te gaan produceren. 

Verschillende grote productenten als Chiquita en Fyffes zijn gewonnen voor een dergelijke strategie en zoeken naar alternatieven voor de Cavendish, maar voorlopig zijn er nog geen andere variëteiten klaar voor productie op een commerciële schaal. 

Nog een andere optie zou een genetisch gemodificeerde banaan zijn die resistent is tegen de schimmel. Expert Kema en zijn collega's van de Universiteit Wageningen hebben meegewerkt aan de ontwikkeling van een dergelijke banaan, maar Kema waarschuwt dat ook daar de oplossing niet ligt. Als een dergelijke banaan dan weer als nagenoeg enige soort gekweekt zou worden, maakt dat de sector opnieuw kwetsbaar voor een mogelijke volgende ziekte.   

Een kweek in een labo van de schimmel Fusarium oxysporum. Keith Weller/United States Department of Agriculture/Public domain

Bekijk hieronder het verslag van "Het Journaal":

Video player inladen...