Een mogelijke uitweg voor de explosie van geneesmiddelenprijzen 

Het systeem van de terugbetaling van geneesmiddelen botst tegen zijn grenzen. In drie jaar zijn de uitgaven van het RIZIV voor kankergeneesmiddelen bijna verdubbeld. Als er nieuwe geneesmiddelen voor de behandeling van alzheimer, pancreaskanker, multiple sclerose en zeldzame ziekten beschikbaar komen, zal het probleem van de terugbetaling onoplosbaar worden, stelt hoogleraar Jan Rosier. Waarom faalt het systeem en is er een alternatief?

opinie
Jan Rosier
Jan Rosier is hoogleraar management aan University College Dublin en lid van de Adviesraad van het Health Impact Fund.

Het systeem van terugbetaling zoals het nu bestaat, kan geen tred houden met de snelheid van biomedische doorbraken, noch met de onbegrensde jacht op farmaceutische aandeelhouderswaarde. De "pay-for-performance"-systemen die nu voorgesteld worden, zullen slechts tijdelijk soelaas bieden en zijn ook niet vindingrijk. 

Waarom faalt het systeem?

De vraag die nooit wordt gesteld, is waarom het systeem faalt. Het faalt omdat de industrie beloond wordt voor de verkeerde dingen en omdat een oplossing nooit vertrekt van twee fundamentele maar vergeten stellingen.

  • De eerste stelling luidt dat iedereen op hetzelfde moment recht heeft op de beste medicatie. Het is in de 21e eeuw moreel onaanvaardbaar dat een Indiase vrouw met borstkanker vele jaren moet wachten op medicatie die een Belgische vrouw vandaag geneest.
  • De tweede stelling luidt dat geneesmiddelen een morele waarde hebben waardoor het bijzonder moeilijk wordt om ze uitsluitend op basis van economische waarde te evalueren.

Niet aantal verkochte pakjes belonen, maar impact op de gezondheid van een samenleving

De fout in het huidige systeem is dat de industrie beloond wordt voor het aantal verkochte pakjes of behandelingen, terwijl ze voor haar impact op de gezondheid van een samenleving zou moeten worden beloond.

Wij stellen daarom voor dat elk innovatief geneesmiddel ter beschikking wordt gesteld tegen marginale productiekosten en dat het bedrijf jaarlijks wordt beloond voor de impact dat zijn geneesmiddel heeft op de gezondheid van een (globale) samenleving en niet voor het aantal verkochte pakjes. Die beloning wordt uitgereikt door een supranationale overheidsorganisatie - een fonds - die de globale gezondheidsimpact van het geneesmiddel berekent.

Hoe werkt het?

Gedurende tien opeenvolgende jaren worden bedrijven voor de impact van hun geneesmiddel beloond op basis van een vooraf vastgelegd en onderhandeld bedrag op basis van gezondheids­economische, psycho-sociale, farmacotherapeutische en investeringsanalyses.

De financiële middelen worden beschikbaar gesteld door de overheden van de landen die deelnemen aan het fonds ten belope van hun bruto nationaal inkomen en worden verdeeld tussen de bedrijven ten belope van hun bijdrage tot de volksgezondheid. Ieder land kan deelnemen aan het fonds ongeacht geografische of politiek-economische begrenzing. Groepen van economisch sterke landen kunnen op die manier economisch zwakkere landen meetrekken naar een verbeterde volksgezondheid. Hoe meer landen deelnemen, hoe groter de impact van het geneesmiddel en hoe groter de beloning voor de deelnemende ondernemingen. 

Groepen van economisch sterke landen kunnen op die manier economisch zwakkere landen meetrekken naar een verbeterde volksgezondheid. 

Er zullen dan vijf dingen gebeuren:

  • Ten eerste zal de industrie inzetten op onderzoek naar de allerbeste geneesmiddelen omdat ze beloond wordt voor gezondheidsimpact. Middelmatig werkzame geneesmiddelen die veel marketing nodig hebben, zullen het in deze competitieve omgeving nooit maken omdat hun impact te klein is.
  • Ten tweede zal de industrie intensiever inzetten op de ontwikkeling van tropische geneesmiddelen omdat dit een reusachtige markt aanboort in landen die vroeger niet of veel te laat beleverd werden.
  • Ten derde zal ze zich ook toeleggen op de verdere ontwikkeling van geneesmiddelen waarvan het patent vervallen is omdat het fonds ook de bedrijven beloont die hun geneesmiddel bij het fonds registreren ongeacht hun patentstatus.
  • Ten vierde – en nog belangrijker - zal de industrie zich inzetten voor de ontwikkeling van goede distributiesystemen in armere landen omdat ze beloond wordt voor gezondheidsimpact: hoe doeltreffender de distributie en de systemen voor therapietrouw, hoe groter de impact op de volksgezondheid en hoe groter de beloning.
  • Ten vijfde zal ze zich ook toespitsen op de ontwikkeling van niet-gepatenteerde of niet-patenteerbare geneesmiddelen omdat ze beloond wordt voor hun impact. Met andere woorden: bedrijven treden niet in competitie met elkaar voor een markt, maar wel voor de mate waarin zij hun allerbeste geneesmiddelen doeltreffend weten in te zetten en de gezondheid van een samenleving maximaal kunnen beïnvloeden. Op deze manier wordt “corporate marketing” vervangen door “health impact”. 

Onderlinge competitie blijft intact

Het voorstel betekent ook dat bedrijven het patentsysteem niet hoeven los te laten. Maar het laat hen toe om hun sociale verantwoordelijkheid op te nemen, iets wat sommige wel willen maar waarin ze gehinderd worden door weefselfouten.

De keuze van de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen wordt ook beter gestuurd door de overheid: zij – en niet de markt - moet beslissen in welke therapeutische gebieden ontwikkelingen moeten plaatsgrijpen. Dit heeft niets te maken met centraal geplande economieën, maar met gerichte innovaties waarbij het competitieve karakter tussen ondernemingen intact blijft.

Het is trouwens niet de eerste keer dat dit gebeurt. Vele antibiotica zijn ontwikkeld omdat de overheid - niet de industrie - "de oorlog had verklaard" aan de dodelijke infecties die soldaten troffen in het begin van vorige eeuw. Want het is niet omdat de alternatieven voor het kapitalisme onbruikbaar zijn dat alternatieven binnen het kapitalisme niet zouden functioneren.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.