Dinosaurus, haai, paling of toch een monster? Onderzoekers naar "monster van Loch Ness" tonen resultaten

Bestaat het monster van Loch Ness? Een team wetenschappers onder leiding van een Nieuw-Zeelandse professor heeft dat met DNA onderzoek proberen te achterhalen. Want zolang als de mythe al bestaat, is er nog geen enkel sluitend bewijs voor aangebracht. Een jaar na het verzamelen van data komt het team met de resultaten. Enkele theorieën zijn ontkracht, maar bewijs dat het "monster" van Loch Ness niet bestaat, is er toch niet.

Als mensen aan het monster van Loch Ness denken, hoort daar meestal één beeld bij: de mysterieuze foto hieronder. Het gaat om de "Surgeon’s Photograph", die op 21 april 1934 verscheen op de voorpagina van de Daily Mail. Maar die foto bleek een vervalsing. Het was een pop op een kleine onderzeeër, bleek na een opbiechting op het sterfbed van Christopher Spurling in 1996.

De valse foto heeft de mythe wel de wereld in gestuurd en sindsdien is het aantal waarnemingen van het monster alleen maar toegenomen. In de jaren 30 kwam er ook een weg rond Loch Ness, wat de start van het monstertoerisme betekende. Tot nog toe zijn er volgens het officiële register 1.131 waarnemingen geweest. De recentste daarvan komt van Michael Yuen uit Hongkong, die via een livestream iets op het meer zag bewegen. Maar duidelijk beeld van het zogenoemde monster is er nog nooit geweest.

Een onderzoeksteam onder leiding van Neil Gemmell, professor genetica aan de Universiteit van Otago in Nieuw-Zeeland, in zijn vrije tijd ook monsterjager, kwam in juni 2018 naar Schotland voor een uitgebreid DNA-onderzoek van het 37 kilometer lange en 226 meter diepe Loch Ness. Het team verzamelde 259 waterstalen op verschillende dieptes. Daarna onderzochten 6 universiteiten, van Grenoble in Frankrijk tot Otago in Nieuw-Zeeland de verzamelde stalen gedurende tien maanden. Nu maken ze de resultaten daarvan bekend.

AP2010

De Loch Ness-paling?

Professor Gemmell is naast een serieuze wetenschapper die onderzoek doet met DNA ook een monsterjager. Eind augustus vertelde hij aan de BBC nog dat uit alle waarnemingen vier grote theorieën overeind bleven. De populairste daarvan is dat Nessie (de koosnaam voor het monster van Loch Ness) een dinosaurus is. Daarnaast zou het ook om ofwel een haai, een katvis of een paling kunnen gaan.

Het DNA-onderzoek ontkracht alvast de meest populaire en spannende theorie dat het over een reptielachtige uit de juraperiode (201 tot 145 miljoen jaar geleden) zou gaan. Er is geen enkel spoor van een plesiosaurus of aanverwanten gevonden. Andere theorieën dat het over een grote vis zou gaan, van een grote katvis tot een Groenlandse haai, zijn ook niet correct.

De enige theorie die het onderzoek niet kan uitsluiten, is dat het over een grote paling zou gaan. In het Loch Ness leven erg veel Europese palingen en hun DNA kwam in bijna alle stalen voor. De grootste palingen worden tot 1,5 meter lang. Maar hier zou het dan om een dubbel zo grote vis kunnen gaan. In totaal identificeerden de wetenschappers 11 soorten vissen, 3 amfibiesoorten, 22 vogelsoorten en 19 zoogdieren. 

De Europese paling. Het monster van Loch Ness? Sjoerd van der Wal

Het team is wel voorzichtig met conclusies. Ze verduidelijken dat ze niet alle soorten levende wezens en bacteriën hebben geïdentificeerd, maar ze zijn vrij zeker dat ze geen grote soorten gemist hebben. Slecht nieuws voor de mensen die geloven in Nessie? Niet per se. Want Loch Ness is een gigantisch en duister meer en het eDNA (Environmental DNA aanwezig op biologisch materiaal) blijft maar enkele dagen tot weken aanwezig in het water. Er is dus een kleine kans dat ze Nessies DNA gemist hebben of dat zijn of haar DNA gewoon niet te matchen valt met de database waar het DNA van alle levende wezens in is opgeslagen.

De afwezigheid van bewijs is geen bewijs dat Nessie niet bestaat. Daaraan houden de believers zich vast. En ze krijgen van het team van Gemmell gelijk. Wat altijd beschouwd is als het monster van Loch Ness, kan bestaan, maar dan wel als een reuzenpaling. Dat pad wil het team nu verder onderzoeken.

Meer dan monsterjagers

De expeditie naar Loch Ness door het 14-koppige "Super Natural History team" van Neil Gemmell was veel meer dan een zoektocht naar het mythische monster. Zoals ze op hun website ook duidelijk maken, was het belangrijkste doel het verder testen van DNA-onderzoek om ecosystemen in kaart te brengen. 

Gemmell legt in een filmpje het nut van eDNA (Environmental DNA) uit. In elk stukje vacht, schub of uitwerpsel blijft DNA achter, dat voor elk levend organisme uniek is. Met de DNA-sequencing-methode en databases waar de gegevens van 100.000 organismes in staan opgeslagen, konden ze met de waterstalen van Loch Ness al het leven dat in dat ecosysteem voorkomt identificeren. Die methode wordt steeds goedkoper en is daarom ook een perfect middel om ecosystemen wereldwijd te monitoren en beschermen.  

Bekijk hieronder het verslag uit "Het Journaal":

Video player inladen...