Drie gevangen IS-strijders na de herovering van het Iraakse Mosul op IS. (Foto: AP)

Drie redenen waarom een IS-tribunaal zo moeilijk van de grond komt

Wat moeten we aanvangen met buitenlandse IS-strijders in Syrische gevangeniskampen? Die vraag leggen de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok en zijn Iraakse ambtgenoot Mohamad Al-Hakim vandaag opnieuw op de tafel van de Algemene Vergadering van de VN. Opnieuw, want dat deed Blok in juni ook al eens voor de Veiligheidsraad. Het nieuwste scenario is een tribunaal waar de strijders berecht kunnen worden. Hoe komt het dat het zolang duurt?

"Rechtvaardigheid voor de slachtoffers van de gruweldaden van IS": dat staat vandaag om 8 uur plaatselijke tijd op de agenda in New York. Wie er naast Blok en Al-Hakim nog verwacht wordt op het hoofdkwartier van de VN, daar is de VN-agenda nog vrij vaag over: die spreekt over "ministers van verschillende landen en regio's" en "internationale organisaties". Maar onvermijdelijk zal de mogelijkheid van een IS-tribunaal ter sprake komen.

Op papier is een IS-tribunaal de gedroomde oplossing voor een vraagstuk dat het Westen al jarenlang bezighoudt: dat van de honderden Europeanen die zich bij IS hebben aangesloten en momenteel nog vastgehouden worden in gevangeniskampen in de regio.

Die gevangenen ter plaatse laten berechten, ligt moeilijk. Met het omstreden regime van de Syrische president Assad heeft Europa geen banden meer. In Irak staat beklaagden dan weer een slordig proces te wachten. De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch klaagde bijvoorbeeld al aan dat de aangevoerde bewijslast voor een veroordeling vaak minimaal is, en dat de dossiers zo snel afgehaspeld worden dat slachtoffers van IS niet eens gehoord kunnen worden. Vaak leidt zo'n "tienminutenproces" van vermoedelijke IS-leden (of ze nu aan de frontlijn dan wel in de keuken stonden) tot de doodstraf.

Terug naar ons land halen om hier te berechten, dan maar? Daar zijn Belgische politici – evenals hun Europese collega’s – tot nog toe niet erg happig op. 

Daarom gaan er steeds meer stemmen op voor een internationaal straftribunaal in de regio, waar verschillende landen aan zouden kunnen meewerken. Dat zou best wel wat voordelen hebben. Bewijsmateriaal, getuigen en slachtoffers krijg je nu eenmaal gemakkelijker verzameld aan een rechtbank in de regio zelf. Internationaal vastgelegde spelregels waar de organiserende landen op toezien, zouden bovendien een eerlijker proces en de afschaffing van de doodstraf kunnen garanderen.

We zeiden het al: op papier is een IS-tribunaal de gedroomde oplossing. Alleen liggen tussen droom en daad politieke bezwaren in de weg. Dit zijn de drie belangrijkste.

1. Rusland is een machtige bondgenoot van Assad

Een tribunaal vind je in allerlei vormen en gedaanten. De meest efficiënte weg loopt via de VN-Veiligheidsraad. Zo werden de internationale straftribunalen na de conflicten in Rwanda en Joegoslavië opgericht bij VN- resolutie. 

Doordat de internationale gemeenschap er toen bij betrokken werd, konden voor die tribunalen alle partijen in het conflict onderzocht en berecht worden.

Een wandeling in Aleppo langs een poster van de Syrische dictator Bashar al-Assad (links) en de Russische president Vladimir Poetin (rechts). Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

In Syrië heeft geen enkele strijdende partij schone handen. IS niet, veel gewapende rebellengroepen niet... en het regime van president Assad evenmin. Dat schokt de internationale gemeenschap nu al jarenlang met zijn folteringen van dissidenten, zijn willekeurige aanvallen tegen burgers, zijn bombarderen van woonwijken en ziekenhuizen, zijn bomvaten en zijn chemische wapens. Naast IS zouden dus ook sleutelfiguren uit het Syrische regime zich moeten verantwoorden voor een VN-tribunaal. 

Probleem: dezelfde Syrische regering wordt beschermd door Rusland, dat over een vetorecht beschikt in de VN-Veiligheidsraad. Een IS-tribunaal via de VN? Uitgesloten, dus.

2. De Koerden hebben geen machtige bondgenoten

Stel nu dat het vraagstuk-Assad opgelost zou raken, dan dient zich een nieuw probleem aan: waar organiseert de VN dat tribunaal dan best?

Eén volk zou niets liever doen dan een IS-tribunaal huisvesten: de Koerden. Zij hebben nog een rekening te vereffenen met IS. De Koerden hadden zwaar te lijden onder de gruwel van IS: in het Syrische Efrin bijvoorbeeld, dat in de as gelegd werd, of op de Sinjar-berg, waar IS een genocide op de jezidi-gemeenschap pleegde. Zowel in Syrië als in Irak vroegen de Koerden de internationale gemeenschap al om hulp bij de oprichting van een mogelijk IS-tribunaal. 

Eerst en vooral: zo'n hybride rechtbank, waarbij beschuldigden lokaal berecht worden met de hulp van de internationale gemeenschap, is wel degelijk een optie. In Sierra Leone gebeurde dat bijvoorbeeld na de burgeroorlog. Maar ook hier spelen geopolitieke problemen.

De uitdagingen zijn niet legaal. In feite zijn alle kwesties politiek.

Bill Wiley, onderzoeker oorlogsmisdaden

Het is politiek riskant om zo'n Koerdisch project te steunen. Neem nu Turkije, dat het op één na grootste leger van alle NAVO-landen heeft en alleen al daardoor een uiterst belangrijke bondgenoot van het Westen is: datzelfde Turkije trekt een rechte lijn van de Syrisch-Koerdische politieke partij PYD naar de gewapende Koerdische organisatie PKK, volgens Ankara een terroristische organisatie. 

Bovendien zou een tribunaal in Syrisch-Koerdistan een belangrijke diplomatieke overwinning betekenen voor de Koerden in het noorden van Syrië én in de buurlanden die dromen van een onafhankelijk Koerdistan. Het laatste waar Turkije op zit te wachten, is Koerden met herwonnen zelfvertrouwen aan zijn zuidgrens. In Damascus zijn ze al evenmin te vinden voor dat scenario, en daardoor ook in Moskou niet.

De Koerdische regio's in Syrië en Irak hebben allebei een zekere mate van autonomie verworven. (VRT Infografiek)

In Irak spelen gelijkaardige spanningen tussen de Koerdische regio in het noorden van het land en het centrale bestuur in Bagdad. Nochtans zijn er goede argumenten voor een tribunaal in Iraaks-Koerdistan. Zo is er reeds een algemeen moratorium op executies van kracht dat in de rest van Irak nog niet geldt. Bovendien is de veiligheidssituatie er beter dan in de rest van het land.

Alleen is het zeer de vraag of Bagdad die diplomatieke overwinning zou gunnen aan de regio waar het al zo'n problematische verstandshouding mee heeft. 

Waarom Bagdad dan niet gewoon zélf zo'n internationaal tribunaal huisvest? Omdat het lange tijd weinig happig was om buitenlandse inmenging in zijn rechtspraak toe te staan. Dat de Nederlanders de vergadering in New York vandaag samen met Irak organiseren, zou evenwel op toenadering (en wie weet, samenwerking) kunnen wijzen. 

3. Het vergt heel wat moed om zelf een tribunaal te huisvesten

Als het niet via de VN kan, en de Koerdische regio geen optie blijkt, dan kunnen de Europese landen nog altijd zelf een tribunaal uit de grond  stampen en elders huisvesten... gesteld dat ze er een gastheer voor vinden, natuurlijk.

Zo'n "tribunaal op contractbasis" zou eruit kunnen zien als het Neurenberg-tribunaal dat de geallieerde mogendheden na de Tweede Wereldoorlog oprichtten om de kopstukken van het verslagen Nazi-Duitsland te berechten. De keerzijde van die medaille is dat België, Nederland, Zweden en andere organiserende lidstaten enkel zouden kunnen instaan voor de berechting van personen waarover zij rechtsmacht hebben - hun landgenoten dus. Strijders van andere nationaliteiten blijven dan buiten schot. 

Het Oorlogstribunaal van Neurenberg deed op 2 oktober 1946 uitspraak tegen de nazileiders. (foto: AP)

Stel nu dat het toch zover komt, dan zouden Europese jihadisten terecht kunnen staan in een neutraal land in de buurt van de plek van hun misdaden. En dan bij voorkeur een land dat minder problematisch ligt dan Syrië, en zich wat meegaander opstelt dan Irak.

En dan kijkt iedereen naar Jordanië. Het soennitische land is een van de weinige relatief stabiele machten in de Arabische wereld. Jordanië zou, eventueel met westerse steun, de processen kunnen organiseren in de hoofdstad Amman en nadien veroordeelde IS’ers er hun straf kunnen laten uitzitten onder internationaal vastgelegde voorwaarden.

Alleen stelt zich dan de vraag of Jordanië dat risico durft te nemen. De golf van IS-aanslagen die de regio al jarenlang teistert, is amper gaan liggen. Bovendien riep IS-leider Al-Baghdadi zijn volgers de voorbije maanden op om IS-leden uit de gevangenis te bevrijden.