Een spiegeleikwal voor de kust van Sicilië. Fredski2013/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0

Zowat alles wat de mens fout doet in de oceanen, is goed voor kwallen

Ze zijn de schrik van vakantiegangers aan stranden wereldwijd, maar dankzij de verstorende invloed van de mens op de oceanen, doen kwallen het bijzonder goed. Kwallen komen voor in alle oceanen en zeeën, en menselijke activiteiten als overbevissing, vervuiling met plastic en de opwarming van de aarde hebben een milieu gecreëerd waarin ze zich nog meer thuisvoelen en zich ongestoord kunnen vermenigvuldigen. 

De snelle toename van het aantal kwallen zou kunnen leiden tot wat sommige experten de "verkwalling" (jellyfication in het Engels, naar jellyfish, kwal) van de oceanen noemen, maar Fabien Lombard, een Franse marien bioloog aan de Sorbonne universiteit, wil zo ver niet gaan. 

"Er zijn meer kwallen in bepaalde zones in de wereld", zo zei hij aan het Franse persbureau AFP, "de Zwarte Zee, voor de kust van Namibië en in de zee voor Japan." 

Het is niet duidelijk of hun aantal ook is toegenomen in andere delen van de wereld, omdat het moeilijk is om kwallen op het terrein te tellen, hoewel er in 2014 een wereldwijde database is opgezet om de populaties te volgen.

Gedacht wordt dat hun aantal ook toeneemt langs de westkust van de VS, in het Caraïbisch gebied, langs de oostkust van Zuid-Amerika, langs de westkust van Afrika - ook noordelijker dan de kust voor Namibië -, in de Middellandse Zee, in de wateren rond Groot-Brittannië en Ierland, voor de Europese kusten vanaf Frankrijk tot Noorwegen, in de Baltische Zee, in de Perzische Golf, de Arabische Zee, de Baai van Bengalen en voor de noordoostkust van Australië, maar dat is dus minder zeker dan in de drie regio's van Lombard. 

BBC-journalist Katie Humblet zwemt tussen de 'golden jellyfish' in het zoutwatermeer Jellyfish Lake in Palau. De 'golden jellyfish' (Mastigias cf. papua etpisoni) leeft in symbiose met fotosynthetische algen en volgt het grootste deel van de dag de zon.

Alle kleuren en groottes

Kwallen behoren tot de eerste bewoners van onze planeet en ze komen nu voor in alle zeeën en oceanen van de wereld op alle diepten, van de oppervlaktewateren tot de diepste troggen. Een aantal soorten leeft ook in zoet water. 

Het zijn ongewervelden die geen hersenen hebben, voor 95 tot 98 procent uit water bestaan en meedrijven en zwemmen met de stromingen. Het is een enorm diverse groep, met vertegenwoordigers in tal van kleuren en groottes. De kleinste exemplaren hebben een bel - het meestal ronde hoedje - van nauwelijks een millimeter in doormeter, de grootste halen bijna 2 meter en hun armen en tentakels kunnen tot 45 meter lang zijn. Er zijn zelfs kwallen die in symbiose leven met fotosynthetische algen, waarvan ze een deel van hun energie krijgen.  

Kwallen zijn gewapend met netelcellen op hun tentakels, die bij aanraking een harpoentje afschieten door de huid en gif inspuiten. De reactie op een steek van een kwal kan gaan van milde irritatie tot de dood. Een van de giftigste diersoorten ter wereld is de Australische zeewesp, een kubuskwal met tentakels tot drie meter, die voorkomt aan de kusten van het noorden van Australië, Nieuw-Guinea, Indonesië, de Filipijnen en Vietnam. De soort heeft ook netelcellen op haar bel, en een enkel volwassen exemplaar bevat genoeg gif om 60 mensen te doden. Bij aanraking van een flink stuk tentakel kan de dood al na drie minuten intreden. 

De Australische zeewesp is een van de giftigste diersoorten ter wereld. Guido Gautsch/Wikimedia Commons/CC BY-SA 2.0

Ongelooflijke hoeveelheden

Kwallen planten zich gedurende hun levenscyclus op verschillende manieren voort, en daardoor kunnen ze grote hoeveelheden nakomelingen hebben. 

Volwassen exemplaren schieten kuit, en geven een enorme hoeveelheid eitjes en sperma vrij in het water. De bevruchte eitjes zinken naar de bodem, waarna er een kleine poliep uitkomt. Die hecht zich vast aan de bodem of een voorwerp, en vangt voorbijdrijvend voedsel. Na een tijd begint de poliep aan de bovenkant afsnoeringen te maken, wat strobilatie genoemd wordt. Uiteindelijk komen die zogenoemde strobila, die klonen zijn van de poliep, los en vrij rondzwemmend in het water groeien ze uit tot de medusavorm, de bekende kwalvorm met een bel en tentakels. 

Als grote aantallen kwallen samenhopen, wordt dat een 'bloei' genoemd. In het verleden gebeurden dergelijke evenementen met regelmatige tussenperiodes, om de twaalf jaar in de Middellandse Zee bijvoorbeeld, zo zei Anais Courtet, een biologe aan het Aquarium van Parijs, aan AFP. "Vandaag wordt die cyclus niet meer gerespecteerd en zie je het elk jaar", zo zei Courtet. 

Volgens Philippe Cury, een specialist in mariene ecosystemen aan het Institut de recherche pour le développement (IRD), is dat te wijten aan door de mens veroorzaakte factoren als overbevissing, vissen met diepzeesleepnetten en de opwarming van de oceanen.

Deze drie factoren lokken uitbarstingen van de kwallenpopulatie uit", zo zei Cury. "Die gebeuren altijd wel, maar nu komen ze veel vaker voor en soms zien we absoluut ongelooflijke hoeveelheden."

Overbevissing heeft een aantal van de natuurlijke vijanden van kwallen uitgeschakeld, zoals tonijn die fel begeerd is voor onder meer sushi, en zeeschildpadden die vaak onbedoeld in de netten belanden, en ook de vissen die zich net als kwallen voeden met plankton, zijn vaak overbevist.

Met minder voedselconcurrenten hebben de kwallen meer plankton om zich mee te voeden, en met minder natuurlijke vijanden kunnen ze ongehinderd floreren.   

De voortplantingscyclus van de kwal: 1-3 een larve zakt naar de bodem en zoekt naar een plaatsje, 4-8 de larve heeft zich vastgehecht en de poliep groeit, 9-11 de strobilatie van de poliep, ze snoert zich in en vormt schijfvormige klonen van zichzelf die uiteindelijk loskomen, 12-14 de medusa groeit uit tot een volwassen kwal die zich opnieuw geslachtelijk kan voortplanten waarna de hele cyclus herbegint. M.J. Schleiden, 'Das Mer' 1869/Public domain

Kwallen zijn dol op plastic

Vissen met diepzeesleepnetten heeft de kwallen ook geholpen. De trawlers slepen gigantische netten over de oceaanbodem en halen zonder onderscheid alles naar boven, onder meer sponzen, wormen en koralen. Daardoor blijft er een omgeving achter waarin de poliepen van de kwallen ongehinderd kunnen groeien, zo zei Cury. 

En ze hebben ook door de mens gemaakte objecten een deel van hun leefgebied gemaakt, van boeien tot olieplatformen, en ook plasticafval. 

"Ze zijn dol op plastic", zei Lombard. Plasticafval van slechts enkele centimeter kan als een broedkolonie dienen voor kwallen. 

Meer voedsel in het water door stikstof en fosfor uit afvalwater van steden of wegvloeiend water van de landbouw bevordert de groei van plantaardig plankton wat tot een plotse enorme bloei van algen kan leiden. Als de algen sterven, kan dat dode zones in het water veroorzaken, waar er nog maar weinig zuurstof in het water zit. Dat kan dodelijk zijn voor vissen en andere wezens, maar niet voor kwallen, die zo opnieuw een voordeel hebben op hun concurrenten. 

En hoewel de opwarming van de aarde en de verzuring van de oceanen waarschijnlijk sommige andere soorten zeewezens een tik heeft gegeven, heeft het kwallen geen kwaad gedaan, zei Courtet.   

Kwallen komen in alle maten en gewichten voort, van een millimeter kleine exemplaren tot soorten met een bel met een doormeter en een hoogte van twee meter, en een gewicht van 200 kilogram.

Probleem

De grote aantallen kwallen vormen in sommige gebieden een probleem, en dat gaat verder dan nietsvermoedende vakantiegangers die gestoken worden. 

Ze vormen een probleem voor de visvangst, voor viskwekerijen en voor ontziltingsinstallaties. Ze kunnen zelfs de koelsystemen van kernreactoren verstoppen. 

Zo decimeerden kwallen in 2007 de zalmen in een viskwekerij voor de kust van Noord-Ierland. De kwallen netelden de vissen die ingesloten zaten en dus niet konden ontsnappen. 

In Japan varen vissers soms niet uit als er te veel kwallen in de zee zitten. De vissers zijn bang dat ze door het gewicht van de kwallen hun netten zullen verliezen, of zelfs dat de talloze kwallen in hun netten hun boten zullen doen kapseizen. 

"We hebben ecosystemen nodig die normaal functioneren, met een brede biodiversiteit", zei Cury. Het idee om op de kwallen zelf te gaan vissen - hetzij om ze op te eten of enkel om er vanaf te geraken - is praktisch niet toepasbaar, zo voegde hij eraan toe. "Ze vermenigvuldigen zich erg snel."

Bron: AFP

Japanse vissers kijken naar hun netten die vol kwallen zitten. Voor de kusten van Japan werd een grote bloei van kwallen vroeger als een uitzonderlijk evenement beschouwd, dat eens om de 40 jaar voorkwam, nu is het aan bepaalde kusten bijna een jaarlijkse gebeurtenis. AP2009
Kubuskwallen kunnen klein zijn maar de Irukandji-kubuskwallen zijn extreem giftig. Dit is Malo kingi, een kubuskwal die genoemd is naar Robert King, een Amerikaanse toerist die in Australië overleed aan de gevolgen van de steek van deze kleine kwal. GondwanaGirl/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0
Een lichtgevende kwal in de Marianentrog, met zo'n 11 kilometer de diepste plek in de oceanen. 'National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA) | Office of Exploration and Research (OER)'
Een kwal van zeker 1,2 meter zwemt de rivier de Dart op in Dartmore in het VK. Originalpickaxe/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0