Ontploffing Wilrijk: "Een handtas en een laken, dat is alles wat ze nog gevonden hebben"

Ruim drie weken na de ontploffing in Wilrijk zijn de slachtoffers gaan kijken naar de spullen die de brandweer van onder het puin kon halen. Katy Watterniau-Peeters, die zelf door de brandweer werd bevrijd, ging ook eens kijken maar veel leverde het niet op. Zelf verblijft ze ook nog altijd in een revalidatiecentrum met verlammingsverschijnselen.

Mijn gsm heb ik meteen meegekregen", vertelt Katy. "Er staan maar een paar krasjes op. Mijn iPad heb ik enkele uren later gekregen. Daar zitten wel deuken in maar hij werkt nog." Daarnaast zijn er nog een paar oordopjes gerecupereerd en een platgedrukt metalen theebuiltje. "Geen idee hoe dat in mijn broekzak is terecht gekomen, het lag in de keuken!"

De nog bruikbare zaken die de brandweer later vond, zijn zo goed als mogelijk gesorteerd per woning. "Gisteren bleek dat de brandweer ook nog een handtas en een laken dat nog in de verpakking zat, had gevonden. "Dat was het. Voor de rest heb ik niks meer. Van de anderen waren nog potten en pannen gevonden, een strijkijzer en zelfs nog een laptop."

Alle resten van de vernielde panden worden momenteel nog in verzegelde containers bewaard: "Die maken deel uit van het gerechtelijk onderzoek", zegt Jasmien O van de Brandweerzone Antwerpen. "Dus daar kan niet zomaar in worden gerommeld. Misschien zijn er toch nog zaken in terug te vinden die op een bepaalde oorzaak kunnen wijzen, maar dat is volledig aan het parket om uit te zoeken."

Revalidatiecentrum

Intussen verblijft Katy nog altijd in het revalidatiecentrum. "Na de ontploffing lag ik tussen het puin met mijn linkerarm in een rare hoek en er lag ook een bureaustoel op. Pijn voelde ik niet, alleen getintel alsof hij sliep."

Ze was ook de hele tijd bij bewustzijn en is beginnen te roepen, zodat de brandweer haar kon vinden en bevrijden. "Dat had wel niet veel langer moeten duren, denk ik", zegt ze. "Er drukte een plank op mijn borst en ik voelde dat ik altijd maar moeilijker kon ademhalen." Buiten wat schrammen heeft ze geen zichtbare verwondingen meer nu, maar haar linkerarm blijft voorlopig verlamd.

"De zenuwen zijn geplet geweest en het is maar de vraag of ze nog voldoende kunnen herstellen. Ik volg hier nu in het revalidatiecentrum kinesitherapie en ergotherapie, twee uur per dag, in de hoop zo goed mogelijk te herstellen."

Katy's uitlaatklep was muziek. Buren hoorden haar tot net voor de ontploffing viool spelen: "Ik vrees dat ik dat niet meer ga kunnen. Maar tekenen lukt me nog wel, want mijn rechterarm is gelukkig wel oké. Ik vind er wel iets op", zegt ze hoopvol en optimistisch. "Ik moet erdoor nu. Ik vind dat een plicht tegenover de mensen die me gered hebben!"