Waarom het oneerlijk is om Vlaanderen lelijk te vinden

In onze reeks "Op reis met Vlaamse meesters" laten we de landschappen zien die onze grootste meesters in vorige eeuwen schilderden en vergeleken ze met vandaag. De reis was fascinerend, maar ook confronterend. Gelukkig hebben sommige landschappen hun glans en authenticiteit behouden, maar erg vaak was de conclusie: dit land is behoorlijk mismeesterd.

analyse
Jos Vandervelden
Jos Vandervelden is journalist en eindredacteur bij VRT NWS.

Jos Vandervelden maakte samen met fotograaf Alexander Dumarey de reeks "Op reis met Vlaamse meesters" (klik hieronder om de reeks te ontdekken). Het gelijknamige boek is vandaag verschenen bij Standaard Uitgeverij.

Laten we eerst stellen: natuurlijk hebben schilders in hun tijd de schoonheid opgezocht en zelden de lelijkheid. Veel landschapsschilders leefden al in een tijd dat de industrialisering in sneltempo het groene land verslond. Daar keken ze van weg. Het waren niet zelden photoshoppers avant la lettre.

De lelijkheid van Vlaanderen en bij uitbreiding België is heel dikwijls beschreven. Zeker sinds architect Renaat Braem in een geruchtmakend pamflet uit 1968 sprak over "het lelijkste land ter wereld" dat van "God weet welk afval is bijeengeknoeid". Altijd gaat het dan over de muur van flatgebouwen aan onze kustlijn, de eindeloze lintbebouwing langs onze wegen, de verkavelingen vol inwisselbare fermettes of de troosteloze stadswijken met uitgeleefde rijwoningen.

Misschien is Renaat Braem te weinig van achter zijn tekentafel gekomen, want de Vlaming weet wel beter. Hij draagt de lelijkheid als een geuzennaam. Hij weet dat de vergelijkingen vaak onheus en oneerlijk zijn.

Een van de meest verstedelijkte gebieden ter wereld

Vlaanderen is een van de meest verstedelijkte gebieden ter wereld. Het is een grootstedelijke regio die vergelijkbaar is met het Ruhrgebied, met de Parijse agglomeratie of de driehoek Milaan-Turijn-Genua. Bij vergelijkingen moet de afdruk van Vlaanderen niet liggen op pakweg Frankrijk of Duitsland, wel op andere grootstedelijke entiteiten.

Ook historisch is Vlaanderen een bijzonder verhaal. Het land is al duizend jaar de rijkdom van de Vlaming. De intense economische activiteit die zich vormde rond de monding van de grote rivieren  dateert al uit de elfde eeuw en is op enkele crisissen na altijd heel aanwezig gebleven, van lakennijverheid en landbouw tot mijnbouw, havenactiviteit en zware industrie. Het is niet eens gedurfd om te stellen dat in Vlaanderen geen enkele vierkante meter grond meer bestaat die nooit het voorwerp is geweest van menselijke activiteit.

Misschien is ook de sociologische verklaring niet te onderschatten. De Vlaming bouwt zijn huis zoals hij dat wil. Zijn huis is zijn zelfexpressie. De wijze van wonen van de Vlaming is een symbool van vrijheid. Collectief wonen is voor hem eentonig en afstompend.

Betonstop en bouwwoede

Geschiedenis en volksaard, goed en wel, maar toen was er ecologie. Het besef is doorgedrongen dat de versnippering van het landschap belastend is voor milieu en klimaat. De oplossingen heten vandaag open ruimte, verdichting en betonstop of bouwshift. Tegelijk kan niemand kijken naast de huidige bouwwoede.

Betreuren we ons over enkele decennia niet de tomeloze appartementisering?

In de 19e eeuw braken de steden de stadsmuren af, wat leidde tot een snel uitbreidende inktvlek. De heropbouw na de twee wereldoorlogen betekende nieuwe bouwgolven. De gulheid in het goedkeuren van verkavelingen na de jaren 70 deed Vlaanderen verder vollopen.

Opnieuw is de vraag of de bouwlust van de laatste jaren goed gemanaged wordt. Betreuren we over enkele decennia niet de tomeloze appartementisering en het volbouwen van de laatste open ruimte in woonkernen? Moeten de reclameborden van bouwpromotoren met computerfoto's van trendy woonblokken ons geen zorgen baren?

Monotone akkers en resistent raaigras

Het is niet alleen de bebouwing die het Vlaamse landschap heeft getekend. Ook de evolutie in de land- en bosbouw heeft een verreikende invloed gehad. Bossen moesten een monocultuur worden want economisch rendabel zijn. De glooiende korenvelden en grillige heidevlaktes uit impressionistische schilderijen werden vervangen door strak afgemeten en monotone akkers. De malse koeienweides hebben plaatsgemaakt voor veredeld raaigras dat geen enkel bloemetje meer tolereert. Maar ook in de machinelandbouw groeit vandaag het besef dat het land zich niet kan blijven strippen.

Vlaanderen lelijk vinden, kan tot slot ook van luiheid getuigen 

Vlaanderen lelijk vinden, kan tot slot ook van luiheid getuigen. Vlaanderen is niet bekoorlijk als je het enkel kent vanachter het raam van een auto. Een auto die over wegen rijdt die omgeven zijn met een bont mengsel van privébouwsels en schreeuwerige winkels. Vanachter het raam van een treinwagon is het niet veel beter. De rommelige achtertuinen met koterijen en eindeloze industrievlaktes variëren op hetzelfde thema.

Maar een beetje wanderlust kan al veel helpen. De Kalmthoutse heide, de Brugse Reien en de Dijk van Oostende kent u vast. Maar kent u ook Connectera in Maasmechelen, de Demerbroeken, de Damse Vaart, de hellingen van Sint-Martens-Voeren of de Rodeberg in Westouter? Of de Leiemeersen uit de schilderijen van Emile Claus en de getuigenheuvels uit de Vlaamse Ardennen die Valerius De Saedeleer vereeuwigde?