Is Gent te herkennen in het Lam Gods?

Elke week leiden Jos Vandervelden en fotograaf Alexander Dumarey je naar een plek in Vlaanderen of Brussel waar onze grootste schilders hun schildersezel opstelden. Ooit vonden schilders het de volmaakte plekken om verzinnelijkt te worden op het canvas. Vaak zijn ze het nu nog. Soms zijn ze het niet meer. Het schilderij van toen en het beeld van nu. Vandaag: "De aanbidding van het Lam Gods" van Hubert en Jan Van Eyck  of hoe Gents is het Lam Gods?

"De aanbidding van het Lam Gods" van de gebroeders Van Eyck is een onbetwist meesterstuk uit de westerse kunst, maar het altaarstuk heeft zijn reputatie minstens evenveel te danken aan alle mysteries die eromheen hangen. Om er enkele te noemen: Hubert of Jan, of de schildersassistenten, wie schilderde wat? Waarom werd het lam overschilderd? Wat was de oorspronkelijke naam van het kunstwerk? En was dit nu het eerste grote renaissancekunstwerk?

 Bovendien zijn er de eindeloze religieuze interpretaties en de vele kunsthistorische of schildertechnische lezingen. Om nog te zwijgen van de theorieën over het verdwenen paneel van "De rechtvaardige rechters". Of de nazi's die dachten dat het schilderij codes bevatte die wezen naar kerkschatten.

De Gentse kwesties

Ergens in de eindeloze reeks mysteries bevinden zich de Gentse kwesties. Eén, is de doorkijk aan de gesloten zijde van het retabel een blik op een Gentse straat? En twee, ligt aan de horizon van het centrale paneel van het Lam Gods de oude stad Gent?

Het Lam Gods werd in 1432 ingewijd in de Gentse Sint-Janskerk, de huidige Sint-Baafskathedraal. De opdracht werd gegeven door Joos Vijd, turfhandelaar, grootgrondbezitter en lid van de elite van Bourgondisch Vlaanderen. Vijd liet voor zichzelf en zijn echtgenote een kapel bouwen in de Sint-Janskerk. De devoot katholieke Vijd had geen kinderen en erfgenamen.

Verondersteld wordt dat hij niet alleen zijn zielenheil, maar ook de eeuwigheid van zijn naam wilde afkopen. Hij moest immers lijdzaam toezien hoe zijn adellijke naam dreigde te verdwijnen. De Van Eycks ontwierpen voor de kapel een eikenhouten en dichtklapbaar veelluik rond het Bijbelse verlossings­thema. Niet alleen het echtpaar Vijd zelf werd afgebeeld, het stuk bevat verschillende verwijzingen naar de vrome opdrachtgevers.

De blik door het biforium

Op de gesloten zijde van het retabel tonen de gebroeders Van Eyck de boodschap van de engel Gabriël aan Maria. Tussen beide personages gunt een van de panelen van het altaarstuk een zicht op een middeleeuwse straat. Door een biforium, een raam dat in tweeën verdeeld is door een stenen zuil, is een rij voorname stenen gebouwen te zien. Al sinds de negentiende eeuw wordt geloofd dat het raampje een doorkijk geeft op de Gentse Vogelmarkt en de Kortedagsteeg. Zo zou in de verte de intussen verdwenen Walpoort te bespeuren zijn. Net als het torentje van de Wolweverskapel, die nog steeds in de Kortedagsteeg ligt.

Verder zou helemaal op de voorgrond het Steen van Vijd te zien zijn, op de hoek van de Kortedagsteeg en de Vogelmarkt. Steen verwijst naar de eerste prestigieuze burgerwoningen die helemaal uit steen werden opgetrokken. Hebben de broers Van Eyck eer willen bewijzen aan Joos Vijd door zijn woning af te beelden? Sommige hypotheses gaan nog verder. De kamer met het gesplitste raam zou deel uitmaken van "Joos Vijds Hof", zoals zijn steen ook werd genoemd. De Van Eycks zouden er zelfs hun schilderatelier hebben gehad.

Archeologisch onderzoek ter plaatse voerde helaas voor geen enkele theorie bewijs aan. Meer nog, het huidige stratenpatroon is niet dat van de vijftiende eeuw. In het beste geval hebben de schilders elementen uit de bewuste buurt gebruikt. Het enige wat met zekerheid gesteld kan worden, is dat Joos Vijd een woning had - een "vrij huis, vrije erve" volgens archiefstukken - in de Gouvernementstraat. De straat heette van de dertiende tot de zestiende eeuw Hogescheldestraat en telde verschillende woningen van gefortuneerde Gentse families. Ook nu nog verbindt de Gouvernementstraat de Vogelmarkt met de Sint-Baafskathedraal, waar het Lam Gods nog steeds onderdak heeft. Dus, als ergens de geest van de Van Eycks rondwaart, moet het in deze straat zijn. 

De achtergevel van de Wolweverskapel.

De megalomane Domtoren

Niet minder interessant zijn de talloze theorieën rond de stad die aan de horizon van het centrale paneel van het open retabel pronkt. Onder de stralen van het Goddelijke licht wordt het Bijbelse Jeruzalem gesuggereerd. Sommige gebouwen zijn duidelijk herkenbaar. Zo bestaat eensgezindheid over de Domkerk van Utrecht, nog steeds de hoogste kerktoren van Nederland.

De gotische kerk met haar open lantaarntoren was veelbesproken in de tijd van Van Eyck. Het megalomane gebouw werd zelfs binnen de Kerk gezien als een soort toren van Babel, een symbool van ijdelheid. Toch gaven de gebroeders Van Eyck hem een in het oog lopende  plaats dicht bij het Lam Gods. Tot op de dag van vandaag is het echter niet zeker of de broers de Domtoren wel zelf hebben geschilderd, of dat dit gebeurd is tijdens een restauratie door de Utrechtse schilder Jan van Scorel in 1550.

Jeruzalem op z'n Gents

© www.lukasweb.be - Art in Flanders vzw

Op veel laatmiddeleeuwse schilderijen van Bijbelse voorstellingen is op de achtergrond een fictieve stad afgebeeld als symbool van de heilige stad Jeruzalem. Meestal gaat het om fantasiebouwwerken met architecturale details uit de Europese bouwkunst. Het Jeruzalem van  Hubert en Jan Van Eyck doet echter veel denken aan de skyline van Gent. De toren van de Gentse Sint-Niklaaskerk lijkt veel op haar beeltenis in oude gravures. Met wat verbeelding is de Sint-Janskerk, de Sint-Jacobskerk, de Belforttoren en zelfs het Gravensteen te zien.

De broers Van Eyck schilderden in een tijd waar waarheidsgetrouwe landschappen nog niet bestonden. Maar ze integreerden wel architecturale concepten uit hun omgeving met minutieus gevoel voor detail. In het welgestelde Bourgondische Gent moesten vaklieden als de broers Van Eyck niet ver te zoeken om bouwkundige inspiratie te vinden.

De kans dat de Gentse kwesties ooit opgelost worden, is gering. De schilderende broers hebben nooit de intentie gehad om fotografisch correct te zijn. Ze zouden anders nooit Zuiderse cipressen naast Europese loofbomen geschilderd hebben. Desondanks, ontcijferaars en uitpluizers zullen nog honderden jaren blijven zoeken naar de sleutels van het befaamde altaarstuk.

Monument voor de broers Van Eyck naast de Sint-Baafskathedraal.

"De aanbidding van het Lam Gods" van Hubert en Jan Van Eyck hangt in de Sint-Baafskathedraal in Gent