AFP or licensors

Hoe nieuwe topvrouw Christine Lagarde komaf kan maken met het kromme beleid van de Europese Centrale Bank

Bankier bij Beobank Marc Danneels vindt dat Christine Lagarde, de nieuwe topvrouw van de Europese Centrale bank (ECB), komaf moet maken met een dogma én een constructiefout die het beleid van de ECB de voorbije jaren heeft bepaald. Hij legt uit hoe de topvrouw  voldoende speelruimte krijgt om een echte "game changer" te worden.

opinie
Marc Danneels
Marc Danneels is Chief Investment Officer bij Beobank

Christine Lagarde volgt Mario Draghi op als voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB). In een zitting met het Europees Parlement toonde ze de ambitie om de monetaire politieke strategie van de ECB te herzien én lanceerde ze een oproep aan de Europese regeringen om nauwer samen te werken op het vlak van fiscaliteit. 

De voorbije weken stonden echter vooral in het teken van business as usual bij de ECB. Midden september werd de depositorente – dit is de rente die de ECB biedt op overtollig geld dat banken bij haar in bewaring geven – bijgesteld van -0.4 naar -0.5. Concreet betekent dit dat banken dus betalen voor het geld dat ze tijdelijk bij de ECB "parkeren". De basisrente – d.i. de rente waartegen banken geld kunnen lenen van de ECB – blijft bovendien behouden op nul.

Als Christine Lagarde een game changer wil worden, zal ze komaf moeten maken met een dogma én een constructiefout die het beleid van de ECB de voorbije jaren heeft bepaald

Vanaf november zal de ECB haar “bazooka” weer bovenhalen door maandelijks voor 20 miljard euro extra overheids- en bedrijfsobligaties in te kopen. Door het massaal terugkopen van deze obligaties uit de markt, wordt bijkomend geld geïnjecteerd in de financiële markten en houdt de ECB de langetermijnrente artificieel laag. 

Met al deze maatregelen wil de ECB de kredietverlening aan particulieren en ondernemingen ondersteunen, om zo de consumptie te stimuleren en het bedrijfsleven een stevige duw in de rug te geven. Als Christine Lagarde werkelijk een game changer wil worden bij de ECB, zal ze echter komaf moeten maken met een dogma én een constructiefout die het beleid van de ECB de voorbije jaren heeft bepaald. 

Het dogma van de 2% inflatie-doelstelling

Sinds jaar en dag is het voornaamste doel van het Europese monetaire beleid om het inflatiepercentage “onder, maar dicht bij 2%” te houden. Dit niveau van prijsstijging is volgens de ECB nodig voor een gezonde economie. Sinds 2013 werd deze target echter keer op keer gemist. Vandaag staat de inflatie in de eurozone op 0,8%, terwijl we ons in een beperkt economisch groeiscenario (± 1%) bevinden. 

Volgens de filosofie van de ECB zou door een krapper wordende arbeidsmarkt een tendens van loonstijgingen (looninflatie) moeten ontstaan

De huidige situatie combineert dus een lage economische groei met een lage inflatie. De werkloosheid in Europa staat bovendien op het laagste peil sinds 2008. Volgens de filosofie van de ECB zou een dergelijke trend van dalende werkloosheid net moeten leiden tot een aantrekkende inflatie: door een krapper wordende arbeidsmarkt zou er een tendens van loonstijgingen (looninflatie) moeten ontstaan. En met meer mensen aan het werk zou dit ook een positieve invloed moeten hebben op de consumptie, waardoor dus ook de prijzen kunnen stijgen…  

In de praktijk blijkt het dus niet zo eenvoudig. Een en ander toont aan dat de theorie achterloopt op de werkelijke inflatiedynamiek die we de afgelopen jaren gezien hebben. 

Europa is bij uitstek een open, exporterende economie. In een context van wereldwijde handelsspanningen en politieke risico’s zoals de Brexit, bleken bedrijven minder geneigd om de looninflatie (een gevolg van de lage werkloosheid) door te rekenen in prijsstijgingen, om zo de Europese concurrentiepositie niet te verzwakken. Ook de flexibilisering van arbeid (meer deeltijdse jobs en flexibele contracten) verzwakte de relatie tussen werkgelegenheid en inflatie. 

De voorbije jaren hebben dan ook duidelijk aangetoond dat een inflatiedoelstelling nemen om een monetair beleid op af te stemmen voorbijgestreefd en inefficiënt is

Op bedrijfsniveau zorgen evoluties zoals de globalisering van productieketens, zoals het verplaatsen van onderdelen van de productie naar lageloonlanden, en wijzigende distributiemodellen door toenemende online verkopen voor een minder opwaartse prijsdynamiek dan verwacht. 

De voorbije jaren hebben dan ook duidelijk aangetoond dat (enkel) een inflatiedoelstelling nemen om een monetair beleid op af te stemmen voorbijgestreefd en inefficiënt is. 

Een Europese constructiefout

Het tweede element waarvoor Lagarde een oplossing moet bedenken, raakt aan een fundamentele constructiefout binnen de Europese samenwerking. Het eengemaakte monetaire beleid wordt in de praktijk namelijk vaak afgezwakt door (nationale) fiscale en budgettaire maatregelen.

Een voorbeeld uit eigen land illustreert dit naadloos. Door de rentes laag te houden, wil de ECB ondernemingen aansporen om te investeren en de bevolking aanzetten te consumeren. Geld moet rollen om de economie te doen groeien. 

Onze nationale fiscaliteit doet de inspanningen van de ECB dus eigenlijk deels teniet

Op fiscaal vlak heeft België echter een gunstige regeling rond sparen uitgewerkt, wat consumeren ontmoedigt. Daarnaast rust er een relatief zware fiscale last op beleggen, waardoor ondernemingen moeilijker toegang krijgen tot financiering. Onze nationale fiscaliteit doet de inspanningen van de ECB dus eigenlijk deels teniet. 

Eenzelfde verhaal geldt voor het budgettaire beleid van lidstaten, waar de EU wel een coördinerende rol in opneemt. Sinds de Griekse crisis, en onder invloed van Duitsland, was budgettaire strengheid echter het codewoord. Zo is het lange tijd not done geweest voor lidstaten om – in perioden van extreme lage rente – een expansieve budgettaire politiek te voeren en, bijvoorbeeld via grote infrastructuurprojecten, de economie te boosten. Ook op dit vlak werden de doelstellingen van het monetaire beleid dus in de praktijk tegengewerkt. 

Heeft de bazooka een laatste keer gevuurd?

De voorbije jaren toonden dan ook aan dat de munitie van de ECB stilaan uitgeput raakt. We kunnen niet aan de vaststelling voorbij dat de ECB er niet in slaagt om de huidige “catch 22” van een lage groei gecombineerd met lage inflatie voldoende doeltreffend aan te pakken.

De beslissing om vanaf november weer over te gaan tot grootschalige obligatie-aankopen, lijkt een laatste uitloper van het Draghi-tijdperk. Het valt te betwijfelen of dit een groot effect op de reële economie zal hebben. 

Christine Lagarde staat voor de uitdaging om de monetaire strategie van de ECB te herdefiniëren en te verbreden

Christine Lagarde staat voor de uitdaging om de monetaire strategie van de ECB te herdefiniëren en te verbreden. Dit kan door het dogma van de 2% inflatie los te laten en door meer gebruik te maken van fiscale en budgettaire hefbomen. Enkel zo kan de ECB consumptie, investeringen en werkgelegenheid verhogen. 

Dit impliceert dat niet langer enkel naar de ECB kan worden gekeken om een stimulerend beleid te voeren. Fiscaal en budgettair beleid liggen namelijk nog grotendeels binnen de autonomie van de lidstaten. Het is dan ook aan de nationale regeringen om een stimulerend fiscaal en budgettair beleid te voeren, gesynchroniseerd met het monetaire beleid van de ECB en zo veel mogelijk gecoördineerd op Europees niveau. 

Window of opportunity

De Europese leiders lijken zich hier wel degelijk van bewust. Het thema van fiscale harmonisatie staat nadrukkelijk op de agenda van de nieuwe Europese Commissie. Ook met betrekking tot het budgettaire beleid waait er een nieuwe wind. Wolfgang Schäuble, jarenlang het gezicht van het strakke Europese begrotingsbeleid, verliet de Eurogroep al in 2017. Ook het bondskanselierschap van Angela Merkel eindigt definitief in 2021. 

Het is ook aan de nationale regeringen om een stimulerend fiscaal en budgettair beleid te voeren, gesynchroniseerd met het monetaire beleid van de ECB

Sowieso staat de rol van Duitsland als industriële motor van Europa, en dus ook het Duitse politieke gezag, al enige tijd onder druk. Frankrijk speelt steeds vaker de eerste viool op het Europese toneel. Het is overigens geen geheim dat de Française Lagarde haar nominatie als hoofd van de ECB te danken heeft aan de Franse President Emmanuel Macron. 

Hoeft het te verbazen dat het ook Frankrijk is dat herhaaldelijk plannen rond fiscale harmonisatie op tafel heeft gelegd? Het wordt interessant om te kijken of Christine Lagarde voldoende speelruimte zal krijgen om te profiteren van deze window of opportunity

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.