Politieke benoemingen: N-VA en MR stellen alle andere in de schaduw

De politieke benoemingen gingen de afgelopen jaren weer hard. Uit onderzoek van VRT NWS blijkt dat N-VA en MR het merendeel van de jobs kregen. Maar zijn zulke benoemingen vanuit de politiek ook een slechte zaak?

Politiek is een spel van invloed en macht. Onder de waterlijn is een complex en subtiel lobbynetwerk vanuit het bedrijfsleven actief, dat zijn eigen belangen probeert te verdedigen, maar politici doen zelf uiteraard ook hun best om hun macht uit te breiden. En dat loopt niet enkel via de mathematische werkelijkheid van verkiezingen, ook politieke benoemingen in de administratie zijn een belangrijk instrument.

Want je kunt wel stemmen halen, als je met een onwillig ambtenarenapparaat van een andere kleur zit, geraakt een bestuur geen meter vooruit. Het is wat Bart De Wever ongetwijfeld meemaakte toen hij, na een jarenlange socialistische hegemonie in Antwerpen, zelf op het Schoon Verdiep in het stadhuis mocht gaan zitten. Of wat iemand als Vera Dua meemaakte, toen ze eind jaren negentig de groene minister van Landbouw werd en botste op een administratie van Boerenbonders. 

Zijn politieke benoemingen een kwalijke zaak?

Elke partij die aan de macht komt, probeert daarom die administraties (een stukje) naar haar hand te zetten. Daar is al heel wat inkt over gevloeid, maar het is een verhaal met veel grijstinten. 

Zijn politieke benoemingen per se een kwalijke zaak? In het slechtste geval zorgen ze voor een partijpolitieke verkokering, waarin de beste mensen niet noodzakelijk naar de top van de departementen doorgroeien. Maar het kan ook positiever geïnterpreteerd worden: mensen uit de kabinetten zijn heel vaak capabele mensen met dossierkennis, en niet zelden de meest geschikte kandidaat voor topfuncties in de ambtenarij. Bovendien is de situatie niet meer wat ze is geweest: de jongste jaren werd de selectieprocedure een stuk strikter, de assessments – zeg maar: examens - een stuk bepalender. 

Hoe dan ook blijft de traditie springlevend, dat blijkt uit onderzoek van VRT NWS. Bedoeling daarvan was om de carrièremoves van de kabinetsleden van de afgelopen legislatuur – Vlaams én federaal – in kaart te brengen, en vooral een zicht te krijgen op de bewegingen tussen politiek en privé. Maar gaandeweg ontrafelde zich ook een kleurenkaart van politieke benoemingen.

En voor de nuance: het zijn niet allemaal politieke benoemingen pur sang, sommigen keerden terug naar hun oude werkplek omdat ze gedetacheerd waren naar een kabinet. Zo kan het dat een medewerker van het Voedselagentschap gewoon terugkeert naar zijn oude werkstek.

Anderen bevinden zich op een te laag niveau om van politieke benoemingen te spreken. En anderen deden het gewoon op eigen kracht: want, voor de duidelijkheid, onderstaande lijst minimaliseert de kwaliteiten van de betrokkenen niet. Maar de kleurenkaart geeft wel een goed beeld van de invloedssferen.

Vaststelling nummer 1: de N-VA haalde heel veel binnen

Meteen wordt duidelijk hoe actief N-VA was in het benoemen van haar mensen binnen de ambtenarij. Niet altijd op de hoogste posities, maar vaak wel. In de strijd om de federale administratie vertrok de partij dan ook met een immense achterstand: de regering-Michel was de allereerste keer dat de partij echt deelnam aan een federale coalitie, en ze stond dus voor een inhaaloperatie. Een paar voorbeelden van benoemingen: de baas van het crisiscentrum, de adviseur-generaal van de FOD Financiën (twee zelfs), de lijst is te lang om op te noemen.

Op Vlaams niveau tekent zich een ander beeld af: daar zijn de overstappen naar de administratie evenwichtiger verdeeld tussen de meerderheidspartijen van Bourgeois I, misschien omdat N-VA daar al veel langer deelneemt aan de macht. Maar de door N-VA in Vlaanderen binnengehaalde jobs wegen wel zwaarder door dan die op het federale niveau. 

N-VA-mensen kregen daar de voorbije legislatuur jobs als die van administrateur-generaal van het Agentschap Binnenlands Bestuur, administrateur-generaal van het Agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust, secretaris-generaal van het departement Financiën en Begroting of gedelegeerd bestuurder van de VDAB. 

Vaststelling nummer 2: ook de MR scoort uitstekend

De MR was de voorbije jaren de enige Franstalige partij in de federale regering, en dat vertaalde zich in nogal wat politieke benoemingen. Ook hier is – voor een stuk – sprake van een inhaaloperatie. Aan Franstalige kant was de PS de voorbije jaren, en decennia eigenlijk, altijd de grote slokop voor zwaarwichtige benoemingen. 

Want voor de duidelijkheid: politieke benoemingen zijn géén voorrecht van bepaalde partijen. Zo hebben CD&V, PS of SP.A ook nog altijd een stevige poot tussen de deur van heel wat afdelingen, als resultaat van hun jarenlange machtsdeelname.