Secundair onderwijs moet nog iets meer inleveren (en dat stond niet in de begroting)

De werkingsmiddelen van onder andere het secundair onderwijs zullen vanaf volgend jaar voor een deel niet worden geïndexeerd. Dat schrijft Het Nieuwsblad en blijkt ook uit documenten die VRT NWS kon inkijken. "Zo dreigen we terug te evolueren naar een situatie van bord en krijt", zegt onderwijsvakbond COC. Het gaat om een beperkt bedrag, maar oppositiepartij Groen noemt het wel "de druppel" bovenop de verschuivingen die het secundair onderwijs al moet incasseren.

De nieuwe minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) pakte er groot mee uit: er wordt tegen 2024 250 miljoen extra geïnvesteerd in alle sectoren van het onderwijs, en 500 miljoen in scholenbouw. "We voorzien deze regeerperiode 3,1 miljard euro extra middelen voor alle aspecten van ons onderwijs van kleuter tot universiteit", zegt de minister vandaag.

Maar nu de regering die plannen concreet maakt in een zogenoemd "programmadecreet", vallen er nog enkele verrassingen uit de lucht, die vooral het secundair onderwijs treffen. Volgende week wordt dat programmadecreet definitief afgeklopt.  

Index

De nieuwe Vlaamse regering gaat veertig procent van de werkingsmiddelen van het secundair onderwijs niet indexeren. Dat betekent dat ze niet mee zullen stijgen met de algemene prijsverhogingen. Het gaat in totaal om een klein bedrag, oppositiepartij Groen zegt dat het secundair onderwijs daardoor zo'n 3,6 miljoen misloopt vanaf volgend jaar. De lonen van werknemers blijven wel gespaard. 

Screenshot van passage uit de toelichting bij het programmadecreet van de Vlaamse regering.

"Op zich geen groot bedrag, maar wel de druppel bovenop de verschuivingen die eerder waren aangekondigd", zegt Vlaams Parlementslid Elisabeth Meuleman (Groen). "Ook de vorige Vlaamse regering schrapte indexeringen, en dat loopt op." Weyts maakt zich sterk dat de investeringen de besparingen "ruimschoots" compenseren. 

Druppel

Eerder was al aangekondigd dat het secundair onderwijs 100 miljoen minder zal krijgen dan door de vorige Vlaamse regering was beloofd. Dat stond in de langetermijnsplannen voor de uitgaven en inkomsten van de nieuwe regering. 

Die 100 miljoen gaat rechtstreeks naar het basisonderwijs, als onderdeel van de 250 miljoen investeringen (zie hierboven). Het basisonderwijs wordt ook gespaard bij het schrappen van sommige indexeringen. De niet-indexering is wel van toepassing op het deeltijds kunstonderwijs. 

Schoolfactuur

Onderwijs dat inzet op kwaliteit, kennisoverdracht en "excellentie" zijn speerpunten van de ploeg van minister-president Jan Jambon (N-VA). "Maar excellent onderwijs heeft zijn prijs", zegt directeur-generaal van het katholiek onderwijs Lieven Boeve.

Het is niet uitgesloten dat dit een stijging van de schoolfactuur betekent

Lieven Boeve, katholiek onderwijs

"Het is niet uitgesloten dat dit een stijging van de schoolfactuur betekent", zegt hij. Het secundair onderwijs zal de komende vijf jaar 50.000 extra leerlingen ontvangen, en daarvoor zijn bijkomende inkomsten nodig. Behalve in zeven secundaire scholen van het Provinciaal Onderwijs Antwerpen, geldt er momenteel geen maximumfactuur in het secundair onderwijs. 

"In de eerste plaats zullen scholen kijken welke manieren er nog zijn om kosten te beperken. In de tweede plaats zullen ze extra inkomsten proberen te krijgen via een extra schoolfeest, of via de schoolfacturen de kosten op de ouders verhalen", zegt ook woordvoerster Nathalie Jennes van het Gemeenschapsonderwijs.

Infrastructuur

Dat Weyts uitpakt met 500 miljoen investeringen in scholenbouw, ook in het secundair onderwijs, kan hier niet gebruikt worden als argument, vindt Boeve bovendien. "Als wij een nieuwe school bouwen, dan leggen scholen zelf 40 procent bij. De minister mag dus nog voor een miljard voorzien, scholen zullen altijd een deel uit hun werkingsmiddelen moeten bijleggen."

Dat een deel van die middelen niet wordt geïndexeerd, brengt werken aan de infrastructuur in gedrang, klinkt het. Boeve stelt daarom voor om die "40 procent-spelregel" bij te sturen, en te verlagen naar 25 procent opleg door de scholen.