© IWM (A 26271)

75 jaar geleden: D-day op Zeeuwse eiland Walcheren, eindstrijd van Slag om de Schelde is ingezet

Op 1 november 1944 landen geallieerde troepen op het Zeeuwse eiland Walcheren. Daarmee is de eindstrijd van de zwaar bevochten Slag om de Schelde ingezet. Eind november zal een eerste schip terug de haven van Antwerpen kunnen binnenvaren. Maar de geallieerde aanpak op Walcheren blijft zeer omstreden. 

Dit is een bijdrage van Gerry De Mol, journalist en museumdramaturg. In de voorbije jaren werkte hij mee aan verhalende tentoonstellingen over WOI en WOII. Onder andere aan de tentoonstelling “Operatie Noordzee” , over de Slag om de Schelde, in Seafront Zeebrugge, nog tot begin 2021. 

In de vroege ochtend van 1 november 1944 stomen 200 schepen van Oostende naar de westelijke punt van het Zeeuwse eiland Walcheren bij  Westkapelle. Commando’s en landingsvaartuigen gaan er het eiland innemen om de vaarroute naar Antwerpen vrij te maken. Het is de tweede en laatste keer dat de geallieerden de Duitse Atlantikwall bestormen. Volgens velen gaat het er op Walcheren heftiger  aan toe dan de eerste keer, op D-day in Normandië. 

Video player inladen...

Hierboven een Canadese documentaire over de Slag om de Schelde van eind 1944/begin 1945. De documentaire begint kort met de strijd om Zeeuws-Vlaanderen, maar toont dan vooral hoe zwaar de gevechten op Zuid-Beveland en Walcheren zijn geweest, en hoe de bevolking te lijden had (9 '', Frans commentaar, Nederlands ondertiteld).

Sinds 4 september is de haven van Antwerpen in geallieerde handen, maar vanuit Zeeland wordt de Scheldemonding met de batterijen vanuit de bunkers van de Atlantikwall hermetisch dichtgehouden.  Opperbevelhebber Eisenhower dringt al lang aan om de Schelde vrij te maken, maar de Britse veldmaarschalk Montgomery heeft zijn zinnen eerst gezet op de inname van de bruggen over de  Maas, de Waal en de Rijn in Nederland. Die Operatie Market Garden, in de tweede helft van september,  mislukt.

Met weken vertraging begint Montgomery, met weinig enthousiasme,  aan het vrijmaken van de Schelde.   Al van begin oktober zijn de Canadese en Poolse troepen in de weer om Zeeuws-Vlaanderen, aan de zuidelijke oever, te heroveren.  Dat gaat moeizaam, pas de dag van de landing op Walcheren, op 1 november, wordt Knokke bevrijd

Deze kaart toon de situatie na de eerste dag gevechten op 1-11-1944.

De inname van Walcheren is al begin oktober voorbereid. Nadat ze pamfletten met waarschuwingen aan de bevolking hebben uitgegooid bombarderen de geallieerden de dijken van Walcheren.  De pamfletten blijken nogal onduidelijk te zijn en niet iedereen heeft door wat de bedoeling is.

Als duidelijk wordt dat de geallieerden bressen in de dijken bombarderen en het laag gelegen Walcheren onder water willen zetten, is het voor velen te laat. In Westkapelle vluchten 47 burgers in een veilig gewaande molen. Ze komen allen om bij de eerste bombardementen op 3 oktober. Velen hebben in de grond schuilkelders gegraven, maar die lopen snel onder. In het kleine stadje komen die  dag 157 burgers om. 

Het pamflet dat boven Walcheren werd uitgegooid en Westkapelle na het bombardement.

Het doel van de onderwaterzetting is om de bevoorrading van de bunkers langs de kust af te snijden. Dat lukt maar deels, de bunkers zelf blijven grotendeels ongeschonden. Maar Walcheren loopt wel langzaam maar zeker onder water, slechts de kuststrook en enkele hoger geleden gebieden blijven droog.  

Middelburg, grotendeels onder water, november 1944 (Nederlands Instituut voor Militaire Historie)..

Op 1 november trekken dus vanuit de opgekalefaterde haven van Oostende de marineschepen en commando’s op naar Walcheren. Tegelijk met die aanval zullen Britse troepen in  Vlissingen landen vanuit Breskens en wordt Walcheren langs het oosten aangevallen vanop Zuid-Beveland, waarvoor in de weken voordien zwaar gevochten is.

Het weer is niet optimaal die dag, zo vliegt de luchtondersteuning niet uit omwille van de mist. Historici betwijfelen vandaag wel eens of dat de echte reden was.  De interne strijd in het opperbevel en de controverse rond Montgomery kunnen ook een rol hebben gespeeld.

Geallieerde landingstroepen zoeken dekking in de haven van Vlissingen, niet ver van hen  slaan bommen in. Beginfoto: een landingsvaartuig lost troepen en voertuigen op het strand van Westkapelle (IWM).

De tactiek van deze landing is anders dan op D-day. De weerstand is ook heviger omdat het Duitse bunkernetwerk dichter is op Walcheren. Hoewel de kanonnen die er staan al wat verouderd zijn eind 1944, houden de bunkers wel stand. De geallieerden proberen bij de aanval de kanonnen aan de zeezijde bezig te houden,  en intussen commando’s aan land te zetten,  en de bunkers langs de achterzijde - het  binnenland -  in te nemen.  

Een "vlegeltank" is net vanuit een landingsvaartuig het strand van Westkapelle opgereden. Dit type tank werd gebruikt om mijnen onschadelijk te maken, door met de kettingen vooraan te "vlegelen"  of te slaan(IWM).

Dat laatste blijkt vaak niet zo moeilijk. De Duitse manschappen zijn helemaal niet zo paraat. De divisie die Walcheren verdedigt is een Magenkrankendivision, een divisie van maaglijders.  Naar het einde van de oorlog worden getraumatiseerde en zieke soldaten in het Duitse leger samengebracht in aparte Wittebrooddivisies waar ze een speciaal dieet krijgen en, volgens de nazi-ideologie, de beste remedie tegen trauma en ziekte: harde dril en discipline.

Al in september klagen hun oversten dat 75% van de manschappen niet geschikt is voor de strijd. Wanneer ze op het terrein geconfronteerd worden met de vijand geven de meesten zich over of gaan lopen, schrijft hun bevelhebber. 

Gewonden worden vanop een landingsvaartuig overgezet naar een hospitaalschip. IWM (A 26244)

Maar de stranden bereiken is voor de geallieerde commando’s een ander paar mouwen. Vanop zee – zo’n 20 km ver – worden bunkers beschoten door twee oorlogsschepen die ook op D-day een rol speelden: de War Spite en de met grote kanonnen uit de Eerste Wereldoorlog uitgeruste H.M. Roberts. Zij moeten de batterijen bezig houden en uitschakelen. Een vloot aan landingsvoertuigen met weinig diepgang moet manschappen en zwaar materieel -pantsers en tanks- aan land brengen. Dat lukt vrij vlot in Vlissingen, in Westkapelle gaat dat moeilijker. 

Een door een Duitse granaat getroffen en zinkend landingsvaartuig voor de kust van Westkapelle op 1 november 1944. © IWM (A 26236)

Uit de verhalen van de matrozen blijkt dat de geallieerden een aantal landingsvaartuigen dicht langs de kust laat cruisen. Die trekken het Duits geschut aan, wat de commando's de gelegenheid moet geven aan land te gaan. Daardoor ligt het dodental op die vaartuigen dan ook procentueel hoger dan op D-day.

In het eerste uur zinken 9 landingsvaartuigen en sneuvelen 157 manschappen.  Ook mislukt het idee om met de landingsvaartuigen de bressen in de dijk in te varen en direct achter de bunkers terecht te komen. Wat ook niet lukt is om de pantservoertuigen in te zetten, het achterland is immers onder water gezet en de tanks zakken weg. De geallieerden verliezen zo door eigen toedoen hun grootste voordeel. 

De Britse troepen stuiten in de straten van Vlissingen vaak op felle weerstand. © IWM (BU 1250)

De hele dag wordt hevig gevochten, maar dan vallen de Duitse batterijen stilaan uit. Sommigen hebben munitietekort, anderen zijn geraakt door de beschietingen, nog anderen gewoon langs achter ingenomen door de commando’s.  Eens geland is de chaos vrij algemeen. In steden als Vlissingen worden nog enkele dagen lang  huis-aan-huis gevechten gevoerd en verschansen de Duisters zich in hotel Brittannië.  

Belgische commando's in actie op Walcheren; zij zouden de kern vormen van het regiment paracommando's van het Belgisch leger, dat in 1952 werd opgericht (foto War Heritage Instituut).

Een Belgisch-Noorse troep commando’s heeft de opdracht om vanuit Westkapelle Domburg te bevrijden. De pas tijdens de oorlog opgerichte Belgische commando’s hebben er al enkele verkenningsmissies in Joegoslavië en Frankrijk op zitten. Dit is hun eerste echte gevechtservaring. Ze moeten voornamelijk in het bos en duinenrijke gebied kleinere achtergebleven groepen en batterijen uitschakelen. Twee van de 78 Belgen sneuvelen op Walcheren. 

Video player inladen...

Deze Noorse film van kort na de oorlog brengt het verhaal van de strijd om Walcheren en het aandeel van de Noorse en Belgische commando's daarin. 

De meeste tegenstand komt voor de geallieerden na de eerste dagen nog door de overstromingen. Ondertussen wordt ook een hevige strijd beslecht aan de oostzijde van het eiland, waar de Sloedam is veroverd, de verbinding met het vaste land.  Op 8 november is het eiland helemaal bevrijd. Al op 6 november geeft de Duitse commandant Wilhem Daser zich over in Middelburg. Het verhaal daarover spreekt boekdelen.  Bij de overgave blijkt dat onder de Britse officieren geen enkele een rang heeft die hoog genoeg is voor Daser om zich aan over te geven. Enkele van de officieren naaien hun strepen samen op een vest en dan pas geeft hij zich over. Het grootste praktische probleem is dan hoe enkele tientallen Britten met de duizenden krijgsgevangenen om moeten gaan.

Een Canadese officier en de Duitse generaal Wilhelm Daser na de ondertekening van zijn onvoorwaardelijke overgave. Zo werd vermeden dat er nog zwaar gevochten werd om Middelburg en de stad, die bij het begin van de oorlog al zwaar had geleden, nog meer schade opliep.
Duitse krijgsgevangenen wachten om vanop Walcheren naar een kamp afgevoerd te worden.

De inname van Walcheren zal op veel kritiek stuiten. Vooral de onderwaterzetting is controversieel. Ze blijkt uiteindelijke eerder contraproductief voor de geallieerden. Het eiland is met zeewater overstroomd, wat deze ‘tuin van Zeeland’ voor vele jaren onvruchtbaar maakt De onderwaterzetting kost ook veel burgers het leven. 

Het vreemde is dat eerder in 1944 gevreesd werd dat het Duitse leger Walcheren onder water zou zetten. Maar de geallieerden sloten dat uiteindelijk uit omdat ze dachten dat Duitsland dit omwille van de humanitaire gevolgen niet zou durven. Maar zelf aarzelden ze dus niet. De Nederlandse regering in ballingschap was ook zeer boos omdat ze pas verwittigd werd toen het al te laat was.  

De strandboulevard van Vlissingen, zwaar beschadigd door de geallieerde bombardementen.

De bevrijding van Walcheren roept in Zeeland nog steeds soms bittere reacties op.  Veel burgerdoden hadden vermeden kunnen worden en vooral het lang wachten om de Scheldemonding te bevrijden roept nog veel vragen op. De keuze van Montgomery om eerst voor Market Garden te gaan, gaf het Duitse leger de kans zich te hergroeperen en versterken in Zeeland. 

In deze periode, waarin Antwerpen niet als haven gebruikt kon worden, stagneerde de bevoorrading van de troepen aan het front, waardoor de geallieerde opmars stokte. De Duitsers kregen hierdoor de gelegenheid het Ardennenoffensief te lanceren en de verdedigingslinie langs de Rijn te versterken. Vandaag wordt deze passage in de Tweede Wereldoorlog eerder als een reeks gemiste kansen gezien dan als een glorieuze bevrijding. 

In een oproep van het stadsbestuur van Middelburg van 7 november 1944, om rustig te blijven en zelf niet het recht in handen te nemen tegen Duitsgezinden, wordt het zo geformuleerd: "De Duitsche bezetting is overwonnen. Helaas eerst na hardnekkigen weerstand en niet nadat onze stad en ons eiland veel offers hebben moeten brengen. Tot uitbundig feestbetoon leent de toestand zich niet".

Vanaf 3 november komt een vloot mijnenvegers in de weer om de Schelde mijnenvrij te maken. Dat lukt pas helemaal tegen 28 november. Meer dan 500 mijnen zijn dan opgeruimd en de eerste schepen kunnen Antwerpen binnenvaren. De geallieerden hebben eindelijk een grote haven om zich dicht bij het front te bevoorraden.