Video player inladen...

Iedereen Chinees: Yang Yi, innovatieprofeet, "Hongkongse jongeren zouden zich beter spiegelen aan jongeren hier"

Terwijl een Belgische handelsmissie door China trekt, laten we hier de hele week jonge Chinezen aan het woord die een bijzondere missie of project hebben. Hoe slagen ze erin hun dromen waar te maken in een land dat almaar welvarender en machtiger is, maar waar steeds minder plaats is voor persoonlijke meningen en overtuigingen?  Hoeveel ruimte hebben burgers voor hun persoonlijke aspiraties en hoe zien ze de rol van hun land in de wereld? Iedereen Chinees.

Yang Yi is 30 en komt uit de provincie Sichuan, in het zuidwesten van China, bekend om zijn panda’s en pikante keuken. Hij werkt voor een bedrijf dat overheden en bedrijven adviseert hoe ze zich moeten aanpassen aan de recentste evoluties op technologisch gebied. Want die gaan in China razendsnel. 

De tijd dat China alleen maar de fabriek van de wereld was die onze supermarkten vult met goedkope producten is voorbij. De afgelopen jaren heeft Peking zich zelfs ontpopt tot “New Silicon Valley”, al is het klimaat er minder mild dan in het Amerikaanse origineel, de geboorteplaats van internetgiganten als Google en Facebook. 

Geen kassa meer

“Peking was altijd al een centrum van vernieuwing”, zegt Yang Yi, “omdat hier heel wat topuniversiteiten bij elkaar zitten. De eerste innovatiegolf dateert van 25 jaar geleden, en leidde tot de oprichting van Chinese computerbedrijven als Lenovo.” 10 jaar later volgden internetbedrijven als Baidu, Alibaba en Tencent. “En nu zien we een derde golf”, zegt Yang, “hoogtechnologische startups die zich specialiseren in smartphone applicaties en artificiële intelligentie.”

En die nieuwe technologieën zie je in China overal. “In grote stations hoef je je ticket niet meer te tonen” zegt Yang, “alleen je identiteitskaart scannen is voldoende. Een camera beslist vervolgens of je naar het perron mag.” Een bekende Chinese koffieketen accepteert alleen nog maar smartphonebetalingen, zoals ik zelf kon ondervinden. Ze hebben zelfs geen kassa meer. 

Technologische ontkoppeling?

“Twintig jaar geleden gingen Chinese bedrijven naar het Westen om te leren. Nu zie ik een omgekeerde evolutie. Veel Westerse bedrijven proberen nu de evolutie in China bij te benen. Ze moeten zich aanpassen aan Chinese technologische ontwikkelingen om hun klanten op de Chinese markt te bereiken. En omdat die markt zo enorm groot is, zijn ze eigenlijk verplicht om onze standaarden over te nemen als ze hier zaken willen doen.” zegt Yang.

Minder dan 100 jaar geleden kwamen mensen hier massaal om van de honger. En kijk waar we nu staan.

Yang ziet alleen maar voordelen aan de nieuwe technologie. “ Het heeft ons leven zoveel makkelijker en sneller gemaakt”, zegt hij. Toch onderschat hij de gevaren niet. “Ook in China worden consumenten zich meer en meer bewust van de waarde van privacy. Daarom komen er nu ook regels waar bedrijven zich aan moeten houden.”

Als er een ding is waar Yang bang voor is dan is het de zogenaamde “technologische ontkoppeling” tussen het Westen en China. Met de dreigende ban op Huawei bijvoorbeeld, probeert de Amerikaanse president Trump nieuwe barrières op te werpen tussen de VS en China. Yang vindt dat een slecht idee. “In de eeuw van innovatie en globalisering mogen we de stroom van informatie en mensen niet doorknippen. De band moet zelfs hechter worden.” 

Hongkong

Yang Yi heeft ook een mening over de protesten in Hongkong. “Hongkong heeft de trein van de vernieuwing gemist. Het is blijven hangen in zijn rol als financiëel centrum. Maar die rol wordt meer en meer overgenomen door Chinese steden als Shanghai. De jonge Hongkongers zouden zich beter spiegelen aan de jongeren van hier in plaats van revolutie te prediken."

Zelf is hij trots om Chinees te zijn. "Als je terugkijkt waar we 100 jaar geleden stonden, toen liepen we achter in de wereld en mensen kwamen om van de honger. Hoeveel is er sindsdien niet veranderd? Vorige maand hebben we 70 jaar Volksrepubliek gevierd. Als Chinezen zijn we daar allemaal heel erg trots op."

Meest gelezen