West Mercia Police

Jarenlange celstraf voor Britse schattenjagers omdat ze historische vondst voor zich hielden

Twee Britse schattenjagers zijn veroordeeld tot een jarenlange gevangenisstraf omdat ze een kostbare archeologische schat gestolen en doorverkocht hebben. De munten en juwelen waren naar schatting ongeveer 1.100 jaar oud en zouden minstens 3 miljoen Britse pond waard geweest zijn. Slechts een klein deel van de schat is teruggevonden.

In 2015 waren schattenjagers George Powell (38) en Layton Davies (51) aan de slag met metaaldetectoren op een veld in Eye, in Herefordshire, in centraal Engeland. Ze botsten op een wel heel erg waardevolle schat: een grote collectie munten en juwelen uit de 9e eeuw, de periode toen Engeland verdeeld was in verschillende Angelsaksische koninkrijken. De schat bestond uit heel wat gouden en zilveren juwelen en een 300-tal munten.

Volgens de Britse wet ben je verplicht om zulke historische ontdekkingen te melden aan de eigenaar van het stuk grond waar je de schat gevonden hebt. Zowel de vinder als de eigenaar heeft dan recht op een deel van de waarde van de vondst. Ook ben je als vinder verplicht om zulke vondsten aan te geven bij de autoriteiten.

Maar dat hebben Powell en Davies allemaal niet gedaan. Ze hielden de schat voor zichzelf en begonnen ze door te verkopen via tussenpersonen. De politie kreeg lucht van de zaak toen foto's van de schat begonnen te circuleren. Slechts een dertigtal munten en enkele juwelen konden worden gerecupereerd.

"Schat van immense archeologische, historische en academische waarde"

De munten waren volgens experts meer dan 1.100 jaar oud en droegen inscripties van koning Alfred De Grote, een belangrijk figuur in de ontstaangeschiedenis van Engeland en Groot-Brittannië. Hij was een Angelsaksische vorst die tussen 871 en 899 regeerde als koning van Wessex. Alfred verenigde meerdere Angelsaksische vorstendommen in het zuiden van Engeland en won zo de strijd tegen de aanvallen van Denen en de Noren uit het oosten en het noordwesten. Hij noemde zichzelf de eerste koning van de Angelsaksen.

Volgens de aanklagers was de vondst zeker 3 miljoen Britse pond (ongeveer 3,5 miljoen euro, red) waard en had ze een immense archeologische, historische en academische waarde. "De schat is een verzameling van nationaal belang, daterend van het eigenste moment dat Engeland zich aan het vormen was, één natie begon te vormen met één identiteit, volgens de visie van Alfred De Grote", zegt openbaar aanklager Kevin Hartegy.

Volgens experts had de vondst meer inzichten kunnen bieden in een cruciale periode in de ontstaansgeschiedenis van Engeland. Maar dat is nu niet meer mogelijk, want "die schat is nu verloren voor de geschiedenis", aldus Hartegy. De politie heeft eerder een oproep gedaan aan kopers om hun deel terug te geven, maar het is de vraag of daar nog op gereageerd zal worden.

(tekst gaat verder onder de foto)

West Mercia Police

"Jullie wilden meer"

Powell en Davies moesten gisteren voor de rechter verschijnen. Ze werden schuldig bevonden aan diefstal en het verbergen en verkopen van crimineel verkregen bezit. Ze kregen zware gevangenisstraffen van 10 en 8,5 jaar. Een derde man werd veroordeeld tot 5 jaar cel omdat hij mee in het handeltje zat. Ook een vierde persoon werd daaraan schuldig bevonden, hij hoort zijn straf eind december.

Mijn cliënt wou dat hij de schat nooit gevonden had. Het was een verleiding voor hem, een vloek.

Advocaat van George Powell

De rechter was bijzonder scherp voor de hebzucht van de schattenjagers en wees ook op de ironie van hun daden. "Als jullie nu gewoon de vondst gemeld hadden aan de autoriteiten, hadden jullie recht op een derde tot de helft van de waarde ervan", zei hij. "Je had elk minstens 500.000 Britse pond (ongeveer 580.000 euro, red) kunnen krijgen. Maar jullie wilden meer."

De advocaat van schattenjager George Powell zegt dat zijn cliënt nu wenst dat hij de schat nooit gevonden had. "Het werd een verleiding, en voor hem, een vloek."