Zwaarbeveiligde operatie: Polen haalt 100 ton goud terug uit Engeland, maar hoe en waarom?

Polen heeft in het grootste geheim 100 ton goud teruggehaald uit Engeland. De stapel goudstaven heeft een waarde van maar liefst 4,3 miljard euro. Adam Glapinski, het hoofd van de Poolse Centrale Bank, heeft gisteren bekendgemaakt dat de grootste operatie succesvol is afgerond. Maar waarom heeft Polen dit nu gedaan? 

Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog hield de Poolse Centrale Bank een groot deel van haar goudvoorraad opgeslagen in de Bank of England. Maar daar hebben de Polen de afgelopen tijd verandering in gebracht. 

Acht vliegtuigen hebben telkens een kostbare vracht van duizend goudstaven vanuit Engeland overgebracht naar de luchthavens in Warschau en Poznan. Vervolgens werden die vrachten naar kluizen van de Poolse centrale bank gebracht, die verspreid zijn over het hele land.

In een mededeling zegt de Centrale Bank van Polen nog dat de transporten werden uitgevoerd door een gespecialiseerd internationaal bedrijf en dat er telkens duizend medewerkers werden ingezet om de transporten vlot en veilig te laten verlopen. (Lees verder onder de foto.)

“Polen haalt niet alleen in sneltreintempo goud terug, maar het land is ook zijn goudvoorraad aan het opbouwen”, zegt Erik Joly, hoofdeconoom van ABN AMRO in “De ochtend” op Radio 1. 

De laatste twee jaren hebben de Polen 126 ton toegevoegd aan hun totale goudvoorraad, waardoor ze nu een totale voorraad van 228,6 ton goud hebben. Dat is iets meer dan België: wij hebben een voorraad van 227 ton goud, ook bij de Bank of England.  Na de recente goudrepatriëringen ligt 105 ton van het Poolse goud opgeslagen in hun eigen kluizen. 

“Daarmee hinken ze nog heel ver achter op de reserves van Duitsland, de Verenigde Staten, maar naar Oost-Europese normen is dit best belangrijk”, merkt Erik Joly op. De Poolse Centrale Bank is hierdoor van de 34e naar de 22e plaats geklommen qua goudvoorraad op wereldvlak, en van de 15e naar de 11e plek in Europa. (Lees verder onder de grafiek.)

Waarom vergroten de Polen nu hun goudvoorraad en waarom halen ze die naar eigen bodem? “Wel, de Poolse economie groeit op dit moment als kool; ze kennen een groei van 5 procent van het bruto binnenlands product en je ziet dat de Poolse regering er alles aan doet om de koopkracht te stimuleren.” 

Omdat goud relatief waardevast is, is een grote goudvoorraad een goede waarborg voor de economie van een land. Want een munt, zoals de Poolse zloty, loopt altijd het risico om waarde te verliezen en is dus een risico voor een economie.

Bevestigingsdrang

“Maar tegelijk ligt Polen over een aantal thema’s toch op ramkoers met de Europese Unie: de opvang van vluchtelingen, gelijke rechten voor holebi’s. En ik denk dat de repatriëring van het goud voor een deel te maken heeft met het zich willen affirmeren; dat ze willen laten zien dat het zijn eigen goudvoorraad op eigen bodem heeft en die beheert als grote jongen.”

Waarom werd het Poolse goud nu in Engeland bewaard? Daarvoor ziet Erik Joly twee redenen: diversificatie en de vrees dat het goud in Polen niet veilig zou zijn. Met diversificatie bedoelt Joly dat Polen - net als andere landen - zijn goudvoorraad altijd op verschillende plaatsen heeft bewaard om te voorkomen dat er iets met de volledige voorraad zou gebeuren. 

En dat het goud in Polen niet veilig zou zijn, moet volgens Joly gezien worden in het licht van de Koude Oorlog. In de gouden periode - figuurlijk en letterlijk - na de Tweede Wereldoorlog hebben vele landen hun rijkdom deels omgezet in goudvoorraden. “Omdat men in die periode vreesde dat de Sovjets Europa zouden binnenvallen, hebben heel wat landen hun goud bij de Bank of England gelegd”, legt Erik Joly uit.

Beluister het volledige gesprek met Erik Joly in "De ochtend" op Radio 1: