Hilde De Windt

Een op de vier jongeren "heeft een ongezonde relatie met zijn smartphone"

Bijna een op de vier tieners en adolescenten is zo verknocht aan hun smartphone dat hun gedrag kenmerken van een verslaving vertoont. Dat zeggen althans Britse onderzoekers in een nieuwe studie. Ze raken bijvoorbeeld in paniek als ze niet altijd aan hun gsm kunnen en hebben moeite om hun gsm-tijd onder controle te houden. Al is het volgens de wetenschappers voorlopig nog te vroeg om van een échte smartphoneverslaving te spreken.  

Kinderen en jongeren zijn steeds meer vertrouwd met nieuwe media. Uit een onderzoek van de VRT-studiedienst bleek onlangs dat het merendeel van de kinderen vanaf 11 jaar een eigen smartphone heeft en dat ook meteen hun favoriete activiteit noemt. Uit een bevraging van de Onafhankelijke Ziekenfondsen vorig jaar bleek dat de helft van de jongeren tussen 12 en 23 zich verslaafd voelt aan zijn gsm.

Het is niet altijd gemakkelijk voor ouders om te weten hoe je daarmee moet omgaan en of dat gsm'en wel zo gezond is. De hoeveelheid tijd die jongeren op hun toestel doorbrengen is bijvoorbeeld zo'n bron van ongerustheid. Al is er volgens experts voorlopig nog maar weinig bewijs dat de tijd die je eraan spendeert op zichzelf schadelijk is.

In een nieuwe studie aan het King's College in de Britse hoofdstad Londen wilden de onderzoekers naar eigen zeggen verder kijken dan enkel die tijd. Ze wilden in de plaats de relatie onderzoeken die jongeren met hun toestel hadden.

De resultaten suggereren dat 23 procent van de jongeren een "disfunctionele" (lees: ongezonde) relatie met zijn smartphone heeft. Ze vertoonden gedrag dat ook voorkomt bij verslaving, denk aan onrust als ze hun gsm niet kunnen gebruiken, moeite om de gsm-tijd te beperken, en zulk overmatig gebruik dat andere bezigheden in het gedrang kwamen.

Paniekerig en overstuur

Nicola Kalk, professor aan het instituut voor psychiatrie, psychologie en neurowetenschap aan King's College, analyseerde gegevens van 41 eerdere studies over smartphonegebruik bij tieners en adolescenten uit verschillende landen in Europa, Azië en Amerika. Daarbij waren in totaal 41.841 jongeren betrokken, meer dan de helft meisjes, de grootste groep waren tieners.

De studies gebruikten vragenlijsten om te peilen naar problematisch smartphonegebruik. Word je onrustig als je je gsm niet kan gebruiken? Verwaarloos je andere zaken om meer met je smartphone bezig te zijn? Volgens Kalk en haar collega's is de algemene conclusie dat 23 procent van de kinderen en jongeren problematisch smartphonegebruik vertoonden. Ze werden paniekerig of raakten overstuur als ze niet de hele tijd aan hun gsm konden. Ze hadden ook veel moeite om te controleren hoeveel ze op hun gsm zaten.

Vooral meisjes in hun latere tienerjaren meldden het vaakst zulk gedrag. Problematisch smartphonegebruik lijkt vaker voor te komen in rijkere milieus, bij jongeren met een laag zelfbeeld of bij jongeren die zich eenzaam voelen. Er lijkt ook een link te zijn tussen problematisch smartphonegebruik en mentale gezondheidsproblemen, hoewel het onderzoek van Kalk en haar collega’s niet kan zeggen of smartphonegebruik zelf die problemen veroorzaakt.

"Kenmerken van verslaving"

De wetenschappers wijzen zelf op enkele tekortkomingen in hun onderzoek. Zo baseerden de onderzochte studies zich vooral op vragenlijsten die de deelnemers zelf hadden ingevuld, in plaats van officiële diagnoses. Bij bijna de helft van de onderzoeken waren ook vragen te stellen over de gebruikte methode. Andere experts wijzen erop dat de definitie van "problematisch smartphonegebruik" voor interpretatie vatbaar is.

Volgens Kalk en haar collega's is het hoe dan ook te vroeg om problematisch smartphonegebruik echt een verslaving te noemen, al merken ze wel op dat er patronen zijn in gedrag en emoties die daaraan doen denken. "Het lijkt erop dat een aanzienlijke minderheid van tieners en jonge mensen uit verschillende landen zelf gedrag beschrijven dat we herkennen van andere verslavingen", zegt professor Kalk. "Er is nog niet afdoende bewijs, maar wel genoeg om verder onderzoek noodzakelijk te maken."

Daarin kan bijvoorbeeld onderzocht worden of die gedragingen en emoties moeilijk te doorbreken waren of schade veroorzaken, dat zijn andere kenmerken van verslaving. Kalk en haar collega's willen ook nagaan of de smartphones slechts de boodschapper van verslavende inhoud zijn, of dat er iets verslavends is aan het gebruik zelf.

Meer lezen?