Leesvaardigheid 15-jarigen daalt meer dan ooit en nog half zoveel wiskundeknobbels: dit zijn de nieuwe PISA-resultaten

De leesvaardigheid van Vlaamse 15-jarigen is op drie jaar tijd sterker gedaald dan ooit. Dat blijkt uit de nieuwe PISA-studie, een driejaarlijks onderzoek in 79 landen naar de vaardigheden van 15-jarigen. Op alle domeinen die werden onderzocht (lezen, wiskunde en wetenschap), daalden de prestaties van Vlaamse leerlingen. Sinds 2003 is de groep "wiskundeknobbels" zo goed als gehalveerd, al blijven we tot de Europese subtop behoren. 

Elke drie jaar test de bekende PISA-studie de vaardigheden van 15-jarigen in 79 geïndustrialiseerde landen. In het Vlaamse onderwijs werden in 2018 voor de studie 4.882 leerlingen bevraagd in 172 scholen. De leerlingen die werden getest, meestal uit het vierde middelbaar, waren verdeeld over het ASO, BSO en TSO, maar ook deeltijds beroeps en buitengewoon onderwijs. 

Bye, bye top 10

Op alle domeinen die werden onderzocht (lezen, wiskunde en wetenschap), zakt de vaardigheid van Vlaamse leerlingen. De dalende leesvaardigheid valt het meest op: nog nooit scoorden de Vlaamse 15-jarigen lager, en ze zijn nog sterker gedaald dan de voorbije jaren.

Bij het onderzoek krijgen leerlingen een reeks vragen voorgeschoteld. Die levert een PISA-score op, die in de grafiek hieronder staat. Om de leesvaardigheid van leerlingen te testen, wordt gekeken hoe goed ze een tekst begrijpen, of ze erover kunnen nadenken en of ze info uit de tekst kunnen gebruiken. 

Met deze scores zakt Vlaanderen voor het eerst uit de top tien van alle OESO-landen die meededen aan de test. Binnen de Europese Unie moet Vlaanderen Estland, Finland, Ierland en Polen laten voorgaan.

Kloof

Vooral de laag presterende leerlingen scoren steeds slechter. In 2009 scoorde nog 13,4 procent van de leerlingen in de laagste groep, nu is dat bijna 20 procent. “1 op 5 van de Vlaamse leerlingen haalt het minimumniveau niet: ze kunnen teksten niet goed gebruiken en ze kunnen er de belangrijkste elementen niet uit halen”, concludeert het kabinet van Vlaams minister van onderwijs Ben Weyts (N-VA).

De kloof tussen de laagst presterende en de hoogst presterende leerlingen is ook groter dan gemiddeld. Er is een verschil van 275 punten tussen de score van de beste 10 procent (633 punten) en de slechtste 10 procent (359 punten), tegenover een verschil van 260 punten in de andere OESO-landen die deelnamen.

Daarbij weegt de sociaal-economische achtergrond van leerlingen (denk aan het beroep, het onderwijsniveau en rijkdom van hun ouders) ook sterker door dan elders. Logischerwijs scoren leerlingen met een andere thuistaal ook opvallend zwakker.

Vlaanderen scoort beter (502) dan het Belgische gemiddelde (493), of dan leerlingen van het Franstalige (481) of Duitstalige (483) onderwijs. Maar op vlak van leesplezier moet Vlaanderen de andere regio’s opvallend laten voorgaan: de helft van de Vlaamse 15-jarigen vindt lezen gewoonweg tijdverlies. 

Wiskundeknobbels

Ook de resultaten op vlak van wiskunde springen in het oog. De groep "wiskundeknobbels" wordt steeds kleiner. In 2003 behaalde nog 34,3 procent van de onderzochte leerlingen de hoogste niveaus, in de nieuwe cijfers is dat nog 18,8 procent, bijna een halvering.

En de "wiskundeknobbels" presteren ook steeds zwakker. De bovenste lijn op deze grafiek toont steeds de score van de 10 procent beste leerlingen. De onderste lijn toont hoe de "laagste" 10 procent het ervan afbrengt. Bij wiskunde is de score van de toplaag het sterkst gedaald.

De gemiddelde score op vlak van wiskunde is (behalve in Finland) nergens zo fel gedaald als in Vlaanderen. Toch blijft onze regio koploper binnen Europa, samen met Nederland, Estland en Polen, en scoort Vlaanderen nog beter dan Zweden, Noorwegen en Denemarken. 

Weyts: "Ingrijpen, nú"

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) wil de resultaten serieus nemen. “Ten eerste moeten we focussen op Nederlands, want taal is de sleutel tot alle andere kennis”, zegt hij. “Ten tweede moeten we de lat hoger leggen, met aangescherpte eindtermen die focussen op Nederlands en Wiskunde. Ten derde moet ons onderwijs meer in de spiegel kijken, met in heel Vlaanderen dezelfde proeven die meten of we erin slagen om leerwinst te boeken.”

De minister gaat ook aan onderwijs-expert Dirk Van Damme vragen om een internationale onderzoeksgroep op te richten. Die moet tegen volgend najaar concrete suggesties doen om het beleid te verbeteren. Al zal het “zeker 10 jaar duren” vooraleer de effecten daarvan zichtbaar zijn, geeft Weyts toe. 

Bekijk hieronder de reportage uit "Het Journaal":

Video player inladen...