Schelpen van de soort Aporrhais limburgensis in kalksteen uit de buurt van Maastricht. KU Leuven

Zeeleven in Lage Landen had weinig last van meteoriet die einde maakte aan dino's

Het zeeleven in wat later onze contreien zouden worden, heeft zich uitzonderlijk snel hersteld na de catastrofale meteorietinslag die het einde van de dinosauriërs en talloze andere soorten inluidde. Dat besluiten Belgische en Nederlandse paleontologen na onderzoek van fossielen van schelpen en slakken in kalksteen uit de buurt van Maastricht.

De inslag van een meteoriet van zo'n 10 kilometer diameter op het Mexicaanse schiereiland Yucatan, 66 miljoen jaar geleden, veroorzaakte wereldwijde milieurampen, onder meer tsunami’s, een jarenlange verduistering van het zonlicht, zure regen en plotse klimaatveranderingen.

Het resultaat was een massa-uitsterving, een van de grootste biodiversiteitscrisissen ooit. Driekwart van alle diersoorten en de helft van alle plantensoorten die toen leefden, verdwenen van de aardbol. 

Toch waren de gevolgen van de meteorietinslag niet overal even dramatisch, zo blijkt.

Een nieuwe studie van Belgische en Nederlandse paleontologen van de Katholieke Universiteit Leuven, het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) en het Natuurhistorisch Museum Maastricht toont aan dat het leven in de subtropische zee die Limburg toen bedekte, de milieurampen goed doorstond.

De Curfs-Ankerpoort kalksteengroeve in de buurt van Maastricht, waar de fossielen gevonden werden die nu bestudeerd zijn. Natuurhistorisch Museum Maastricht

Zelfde zeeslakken voor en na de inslag

De voormalige Curfs-Ankerpoort kalksteengroeve, 5 kilometer ten oosten van Maastricht, is een van de weinige plekken ter wereld waar men in detail de directe gevolgen van de meteorietinslag voor de zeefauna kan bestuderen.

Het team verzamelde er zo’n 1.400 fossielen van slakken en schelpen in kalksteenlagen die dateren van nét voor en nét na de meteorietinslag.

"We stelden vast dat de diversiteit van de zeeslakken uit de twee periodes erg op elkaar lijkt, alsof deze dieren nauwelijks onder de milieurampen hebben geleden", zei Johan Vellekoop van de KU Leuven. "Waarschijnlijk kon de Limburgse zeefauna ten tijde van het Krijttijdperk al met weinig voedsel overleven. Toen de meteoriet een kettingreactie van milieurampen in gang zette, doorstond een groot deel van de lokale fauna die moeilijke periode, waarna het ecosysteem zich hier relatief snel herstelde."

Het nieuwe onderzoek toont aan dat de lokale gevolgen van wereldwijde milieurampen sterk afhangen van de omstandigheden ter plekke vóór de ramp. "Het leven in de Limburgse Krijtzee bleek uitzonderlijk veerkrachtig", zo besluit Vellekoop.

De wetenschappers publiceerden hun bevindingen in het gezaghebbende vaktijdschrift Palaeontology. Dit artikel is gebaseerd op een persbericht van het KBIN.

Een deel van de 1.400 fossielen van slakken en schelpen die de onderzoekers verzamelden. KU Leuven