Geldt er over een paar jaar een snelheidsbeperking van 70 km per uur op de ring rond Brussel?

Vanmiddag stelden Vlaams Minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open VLD) en de Werkvennootschap, dat is de organisatie die de werkzaamheden voor de verbreding van de ring rond Brussel gaat uitvoeren, hun plannen voor in de Commissie Mobiliteit en Openbare werken van het Vlaams Parlement. Conclusie: de schop gaat ten vroegste in 2024 in de grond. Waarom duurt dat toch zo lang?

Voor alle duidelijkheid: de plannen van de Vlaamse overheid om de mobiliteit in de rand rond Brussel en op de ring weer vlot te trekken, gaan véél verder dan alleen extra rijstroken voor auto’s. Veel verplaatsingen in de rand en naar Brussel zijn vrij kort. Die kunnen veel mensen afleggen met de fiets of het openbaar vervoer maar dan heb je wel comfort en veiligheid nodig. 

Zo komen er drie nieuwe lijnen met trams of trambussen. Aan elke halte worden parkeerplaatsen voor auto’s en fietsen voorzien, onder meer in Vilvoorde en in Sint-Genesius-Rode. Dan kan je makkelijk overstappen van de auto of de fiets op trein, bus of tram. De Werkvennootschap investeert ook in betere fietsverbindingen tussen Vlaanderen en Brussel. Er komen ongelijkvloerse kruisingen voor fietsers aan het complex Vilvoorde-Koningslo met de ring en ook bij Zaventem en Diegem, zodat fietsers ongestoord kunnen doorrijden.

Maar wat als u toch met de auto komt? Wordt de ring zelf aangepast? Of breder?

Bredere ring of niet? Een klein beetje oorlog tussen Brussel en Vlaanderen

De discussie over een bredere ring is al bezig sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw. Toen al werd nagedacht over het scheiden van doorgaand en lokaal verkeer via twee aparte rijbanen. Een deel van die plannen is trouwens uitgevoerd, m.n. tussen Groot-Bijgaarden en Zellik. Daarna viel de uitvoering van de plannen stil.

In deze eeuw hebben tal van regeringen en studiebureaus hun tanden op dit dossier al stuk gebeten. Geen geld of andere prioriteiten. En ruzie met het Brussels Gewest. Brussel wil die bredere ring niet. Het idee is: méér auto’s op de ring betekent ook méér auto’s in Brussel. Terwijl de hoofdstad net minder auto’s wil en vooral méér fiets en openbaar vervoer.

 

(c) De Werkvennootschap

Voorlopig is er tussen Vlaanderen en Brussel nog steeds geen politiek akkoord over de aanpak van de ring. Intussen zet Vlaanderen wel door met het ontwerp van de plannen. En via de Werkvennootschap overlegt ze wel degelijk met het Gewest Brussel, al is het slechts op ambtelijk en niet op politiek niveau.

Wat wil Vlaanderen met de ring rond Brussel? "Light", "parallel" of "lateraal"?

Vlaanderen moet dus rekening houden met de tegenstand vanuit Brussel, maar ook met bezwaren van bijvoorbeeld buurtbewoners in de wijken naast de ring. Het bedrijfsleven hamert dan weer op een snelle aanpak want pendelaars en vrachtwagens staan de hele dag door in de file. Daarom pakt de Werkvennootschap het ook erg omzichtig aan. In de plannen die voorliggen, zijn er drie varianten.

Variant 1: “light”

In deze variant wordt de ring niet breder. Er worden alleen sommige op- en afritten geschrapt of ze worden samengevoegd met andere opritten. Dat verkleint het aantal bewegingen tussen rijstroken en is dus veiliger. In dit geval zou de huidige parallelweg tussen Groot-Bijgaarden en Zellik zelfs worden afgebroken, zodat het ruimtebeslag van de weg vermindert. De op- en afritten in Wemmel worden dan afgeschaft (sowieso in alle varianten). In de plaats daarvan krijgt Jette een volledig op- en afritten complex. En Zaventem-Henneaulaan wordt dan misschien gekoppeld aan een herbouwd knooppunt van de A201 met de ring in Zaventem.

(c) De Werkvennootschap

Variant 2: “parallel”

Dat is het oorspronkelijke plan van de Vlaamse overheid. Het doorgaande en lokale verkeer wordt volledig gescheiden. Met bijvoorbeeld drie rijstroken voor het doorgaande verkeer en twee voor het lokale verkeer, met toegang tot alle lokale op- en afritten. Het probleem hier is dat er ter hoogte van het Laarbeekbos tussen Jette en Zellik dan extra ruimte nodig is. Ofwel gaat de ring hier onder de grond (met extra kosten) ofwel schrap je de parallelweg (met gevaar voor dagelijkse files, zoals vandaag).

Variant 3: “lateraal”

De ring zoals ze er nu ligt blijft min of meer bestaan maar er gaan wel op- en afritten dicht. Het plaatselijke autoverkeer verloopt via een zogenoemde laterale weg langs één kant van de ring. Die takt via rotondes en kruispunten aan op de kleinere wegen in de Vlaamse rand

Busstroken, carpoolstroken en maximaal 70 km/u?

Binnen die varianten worden allerlei extra mogelijkheden onderzocht. Een deel van de extra rijstroken kunnen busstroken of carpoolstroken worden. En wat met het snelheidsregime op de ring? Eén mogelijkheid in de parallelvariant is maximaal 100 km/u op de doorgaande ringweg en 70 km/u op de parallelweg. Maar in andere varianten is het evengoed mogelijk dat er overal slechts 70 km/u kan gereden worden.

Wanneer wordt dat dan allemaal gebouwd?

Niet zo snel. In de periode 2019-2022 worden alle plannen opgemaakt. En wordt er veel overlegd met bedrijven, bewoners, gemeenten en natuurlijk ook met het Brussel gewest. Gewoon om ervoor te zorgen dat er tijdens de aanvragen voor de vergunningen geen verrassingen ontstaan. In 2023 wil de Werkvennootschap de bouwvergunning beet hebben. En dan kunnen in 2024 de eerste werkzaamheden starten.

Op de ring rond Parijs geldt al sinds lang 70 km/u. (c) Frankrijk.nl

Op- en afritten worden al anders voor 2024

Dat gaat dan bijvoorbeeld om het complex Zaventem-Henneaulaan. De brug over de ring is oud en moet helemaal vervangen worden. In de plaats komt een nieuwe brug met een totaal nieuwe verkeersorganisatie, onder meer met méér ruimte voor de fiets en het openbaar vervoer. De werkzaamheden starten eind 2020. Voor het einde van 2023 zou ook het complex Vilvoorde-Koningslo herbouwd worden, vooral om het veiliger te maken voor de fiets. En het knooppunt Zaventem van de A201 met de ring gaat ook voor 2023 volledig op de schop.