Een klimaatmodel dat de temperatuurstijgingen tegen 2080 weergeeft als de CO2-uitstoot verdrievoudigt. Efbrazil/Wikimedia Commons/CC BY-SA 4.0

Klimaatmodellen krijgen veel kritiek maar meestal zijn ze opmerkelijk goed

De computermodellen die gebruikt worden om simulaties te maken van het effect van broeikasgassen op de wereldwijde temperatuur zijn behoorlijk accuraat in hun voorspellingen. Dat blijkt uit een nieuwe studie die de voorspellingen van oudere klimaatmodellen vergeleken heeft met de waarnemingen. 

"Het zijn geen waarnemingen, het zijn maar computermodellen, en die zijn niet erg betrouwbaar", het is een veel gehoorde kritiek op de klimaatwetenschap.

Nadat hij jarenlang de kritiek op de accuraatheid van de modellen aanhoord had, besloot klimaatwetenschapper Zeke Hausfather na te gaan hoe goed de modellen wel waren. Hij spoorde 17 modellen op die gebruikt werden tussen 1970 en 2007 en ontdekte dat de meeste ervan resultaten voorspelden 'die niet te onderscheiden waren van wat er in werkelijkheid gebeurd is'  

"Over het algemeen hadden onze modellen het juist, plus of min een klein beetje", zei Hausfather, een onderzoeker aan de University of California Berkeley die directeur is van de afdeling Klimaat en Energie aan het Breaktrough Institute. "Als ze het fout hebben, is dat lichtjes naar de warme kant, maar daar zou ik niet te veel achter zoeken." 

Een vergelijking tussen de modellen en de waarnemingen voor 14 klimaatsimulaties sinds 1970. AP

Model uit 1970 haalt score van 91 procent

Maar in werkelijkheid hadden de wetenschappers het zelfs nog meer juist, wat de natuurkundige kant betreft dan toch, zei Hausfather. 

Klimaatmodellen zijn immers gebaseerd op twee grote aannames. De ene is de fysica van de atmosfeer en hoe die reageert op broeikasgassen, de andere is de hoeveelheid broeikasgassen die in de lucht worden gebracht. 

Een aantal keren zaten de wetenschappers fout in hun voorspellingen over de toename van de CO2-vervuiling en dachten ze dat er meer van dat gas zou zijn dan er in werkelijkheid bleek te zijn, zei Hausfather. En als ze de hoeveelheid broeikasgas fout hadden, dan zaten ze er ook naast wat de temperaturen betrof. 

Dus gingen Hausfather en zijn collega's, onder wie NASA-klimaatwetenschapper Gavin Schmidt, na hoe goed de modellen presteerden louter op wetenschappelijk gebied, nadat de factor van de moeilijk te voorspellen uitstoot weg was genomen. En op dat vlak bleken 14 van de 17 computermodellen de toekomst accuraat te voorspellen. 

De onderzoekers gaven elke computersimulatie ook een score in percenten. Het gemiddelde was 69 procent, maar opvallend was dat een van de eerste computermodellen, uit 1970, 91 procent haalde. Wat daar indrukwekkend aan is, zei Hausfather, is dat in de tijd de opwarming van de aarde niet merkbaar was in de jaarlijkse temperatuurgegevens, iets wat nu wel het geval is. 

Opvallende resultaten

Klimaatwetenschapper Noah Diffenbaugh van de Stanford University, die niet aan het onderzoek deelnam, noemde de studie creatief en de resultaten opvallend. 

"Zelfs zonder te weten wat het huidige niveau van de concentratie aan broeikasgassen zou zijn, voorspelden de klimaatmodellen de evolutie van de temperatuur wereldwijd behoorlijk goed", zo zei Diffenbaugh.

Het is cruciaal dat deze modellen accuraat zijn omdat "we maar één planeet aarde hebben, zodat we geen gecontroleerde experimenten kunnen uitvoeren op het eigenlijke klimaatsysteem", zo voegde hij eraan toe.

Zijn collega Donald Wuebbles van de University of Illinois, die evenmin aan de studie deelnam, zei dat "klimaatontkenners een boel vreemde zaken doen om de klimaatmodellen verkeerd weer te geven. Geen enkele van die analyses houdt steek en ze zouden genegeerd moeten worden. We zouden niet meer moeten discussiëren over de wetenschappelijke basis van de klimaatverandering."

De studie van Hausfather, Schmidt en Henri Drake en Tristan Abbott van het Massachusetts Institute of Technology is gepubliceerd in Geophysical Research Letters. Dit artikel is gebaseerd op een telex van Associated Press.