Een nieuwe regering zonder de PS, kan dat?

We zijn vandaag precies 200 dagen na de verkiezingen van 26 mei en we hebben nog altijd geen nieuwe federale regering. De voorbije maanden telde eigenlijk maar één vraag: kan er een regering komen met de PS én de N-VA of zonder de N-VA? Over de PS wordt daarbij gezegd dat die partij “incontournable” of onmisbaar is voor de vorming van een nieuwe regering. Maar klopt dat wel? Politiek journalist van VRT NWS Bart Verhulst legt uit.

Koning Filip heeft nu twee nieuwe informateurs het veld ingestuurd, twee kersverse partijvoorzitters: de Vlaamse christendemocraat Joachim Coens van CD&V en de Franstalige liberaal Georges-Louis Bouchez van de MR. Daarmee zitten we op vijf informateurs, na ook de Vlaamse socialist Johan Vande Lanotte van SP.A en de Franstalige liberaal Didier Reynders van de MR en de voorzitter van de Franstalige socialisten van PS Paul Magnette. We hadden ook al twee preformateurs: de Vlaams-nationalist Geert Bourgeois van N-VA en de Franstalige socialist Rudy Demotte van de PS. Over zijn partij wordt gezegd: ze is incontournable. Maar wat betekent dat eigenlijk? 

Video player inladen...

"Een politieke partij is incontournable als ze onmisbaar is voor de vorming van een nieuwe regering. Sinds de verkiezingen zit de PS in die positie. Dat wordt althans gezegd. Want als je naar de zetelverdeling in de Kamer kijkt klopt dat niet. Er zijn tal van formules mogelijk zonder PS. Maar als je naar de politieke realiteit kijkt, klopt het wel."

Dat de PS onmisbaar is voor de vorming van een nieuwe federale regering heeft te maken met vier fenomenen: de radicale partijen, de politieke families, de veto’s tussen partijen en de vorige regering. 

Video player inladen...

"Niemand wil besturen met de radicale partijen Vlaams Belang en PVDA. Dat beperkt al meteen de mogelijkheden voor coalities zonder de PS. Daarnaast zitten sommige partijen ook vast aan hun zusterpartij aan de andere kant van de taalgrens en hebben sommige partijen ook veto’s om te besturen met elkaar." 

Het vierde fenomeen dat speelt is de vorige regering. Daarin zaten vier centrumrechtse partijen: N-VA, CD&V, Open VLD en MR. Zij hebben sinds de verkiezingen samen géén meerderheid meer, ook niet als je er de vijfde centrumpartij CDH bijneemt. Je hebt dus een linkse partij nodig. Door de vorige regering, waar de PS niet inzat, uit te breiden met bijvoorbeeld CDH en SP.A kan je de PS omzeilen. Maar SP.A heeft oppositie gevoerd tegen de vorige regering en wil een ommekeer van het vorige beleid.  De vier partijen van de vorige regering willen dat net niet. 

Video player inladen...

"Er blijven dus in de politieke realiteit maar twee opties over: paars-geel en paars-groen. N-VA zit alleen in paars-geel, de PS zit in beide formules en is dus incontournable. Tenzij de politieke realiteit verandert: veto’s kunnen worden ingeslikt of familiebanden doorgeknipt. Maar weinig kans dat dat gaat gebeuren."

Meest gelezen