BELGA/WARNAND

Belofte maakt schuld: heeft Pact 2020, dat van Vlaanderen een Europese topregio wou maken, zijn ambities waargemaakt?

Van Vlaanderen een Europese topregio maken op economisch, ecologisch, sociaal en maatschappelijk vlak. Dat was de ambitie met het Pact 2020 van de Vlaamse regering Peeters I (2007-2009). Van de twintig doelstellingen in het pact waren er toch enkele met duidelijke en concrete streefcijfers. Zijn die doelstellingen ook gehaald? Achterhalen of de beloftes van 2009 in 2020 zullen worden ingelost, is lang niet zo eenvoudig. 

Nog enkele dagen zijn we verwijderd van 2020, het jaar waarin we de kinderarmoede in Vlaanderen zouden  halveren, er de helft minder doden en zwaargewonden op onze wegen zouden moeten vallen, het jaar ook waarin aids een beheersbare ziekte zou worden en het jaar ook waarin Antwerpen weer vlot bereikbaar zou worden. Om maar te zeggen: op alle niveaus - internationaal, nationaal, regionaal en zelfs lokaal  - werden in pacten en documenten heel wat streefcijfers en doelstellingen geformuleerd die we zouden proberen te halen tegen of in het jaar 2020. 

Pact 2020: twintig doelstellingen voor 2020

Pact 2020 was zo'n document. Het werd voorgesteld in januari 2009 door de toenmalige Vlaamse regering-Peeters I (CD&V-N-VA, VLD-Vivant, SP.A- Spirit).  “20 doelstellingen die maatschappelijke dynamiek moeten stimuleren zodat Vlaanderen tegen 2020 tot de allerbeste Europese regio’s behoort op economisch, ecologisch, sociaal en maatschappelijk vlak”, zo stond te lezen in de introductie.  Een behoorlijk ambitieus plan dus. 

Pact 2020 was de vertaling van de  langetermijnvisie van de toenmalige Vlaamse regering en  de sociale partners.  Dit was hun gezamenlijke kijk op de toekomst. Het document kon zo steunen op een breed draagvlak. 

(Lees verder onder de foto) 

Kris Peeters gaat in 2009 de boer op met "Vlaanderen in Actie" en "Pact 2020".

Welvaartscreatie, inclusie en duurzaamheid: die kernwoorden hadden de opstellers voor ogen.  Die welvaartscreatie zou er komen via een Vlaamse economie die uitstekend presteert en toekomstgericht is.  "De Vlaamse industrie en marktdiensten concentreren zich in 2020 op kennisintensieve goederen en diensten met een hoge toegevoegde waarde. De ondernemingen hebben hun inbedding in het internationale economische weefsel verder uitgebouwd en daarmee de slagkracht van de gehele Vlaamse economie verhoogd."

Om dat te bereiken is een hoge productiviteit en werkzaamheidsgraad nodig , een groot innovatievermogen en een positief ondernemingsklimaat.

Tegen 2020 hebben we belangrijke stappen gezet naar een ‘kringloop’-economie met een zo laag mogelijke grondstof-, energie-, materiaal- en ruimtegebruik

Uit Pact 2020

Inclusie zou er komen door barrières voor maatschappelijke participatie zoals armoede, sociale ongelijkheid en andere vormen van uitsluiting te bestrijden. Zoveel mogelijk mensen laten deelnemen en een bijdrage laten leveren aan welvaart en welzijn, was het opzet. "Daarom streven we tegen 2020 naar een inclusieve samenleving wat resulteert in een hoge mate van sociale bescherming, in gelijke kansen en een grote participatie in het onderwijs en evenredige participatie op de arbeidsmarkt, in een toegankelijk, sluitend en kwaliteitsvol aanbod inzake zorg- en dienstverlening, en in ruimte voor zelfontplooiing voor iedereen."

Om het label duurzaamheid te verdienen, moest de samenleving en de economie zich ontwikkelen op een manier die op lange termijn stand houdt. “Met een kritische kijk op wat en hoe we vandaag (in 2009 dus, red.) consumeren, bouwen en wonen, ontspannen en verplaatsen (…)Tegen 2020 hebben we belangrijke stappen gezet naar een ‘kringloop’-economie met een zo laag mogelijk grondstof-, energie-, materiaal- en ruimtegebruik en een zo beperkt mogelijke impact op milieu en natuur in Vlaanderen en de rest van de wereld."

Bekijk hier hoe Pact 2020 in 2009 werd voorgesteld: 

(Lees verder onder video en foto)

Video player inladen...

Hoe werden de Pact 2020-doelstellingen opgevolgd?

Nagaan wie precies de Pact 2020-doelstellingen opvolgt en controleren of we de oorspronkelijke streefcijfers halen, is allesbehalve eenvoudig, soms zelfs onmogelijk. 

In het oorspronkelijke pact stond:  “We zullen de globale uitvoering van dit Pact nauwgezet opvolgen via VESOC – het Vlaams Economisch en Sociaal Overlegcomité – en er jaarlijks publiek over rapporteren”.  Het VESOC is het tripartite overleg tussen de Vlaamse sociale partners en de Vlaamse Regering. De SERV, de Sociaal-Economische Raad voor Vlaanderen, staat in voor de praktische werking van het VESOC.

Navraag bij de SERV leert ons dat de opvolging van Pact 2020 nu gebeurt via de Dienst Beleidsondersteuning van het Vlaamse Departement Kanselarij en Bestuur. In maart 2010 publiceert deze dienst een nulmeting met wat toen aan cijfers beschikbaar was. Het werd een lijvig document van zo'n 300 pagina’s vol tabellen, en grafieken. In totaal werden 300 indicatoren en subindicatoren opgevolgd.

Jaarlijks kwam er een opvolgingsrapport. Het laatste dateert van 2016.

Hebben we de doelstellingen uit Pact 2020 dan gehaald?

Moeilijk - zo niet onmogelijk - om deze vraag duidelijk te beantwoorden.  Zoals hierboven al vermeld:  het laatste volledige opvolgingsrapport van Pact 2020 dateert alweer van 2016.  De Vlaamse regering Bourgeois I heeft in 2015 beslist om vanaf dan de 2020-doelstellingen op te volgen via de Vlaamse regionale indicatoren.

De opvolging gebeurt nu vanuit een dubbele invalshoek: het Pact 2020 maar ook de duurzaamheidsdoelstellingen van de Verenigde Naties (Sustainable Development Goals of SDG’s): 17 duurzame doelstellingen die in 2015 werden voorgesteld met de focus op 2030. 

We proberen toch zelf eens om na te gaan of enkele van de oorspronkelijke Pact 2020-doelen al dan niet gehaald zijn. 

Doelstelling 16: minder verkeersdoden en gewonden

Bij Vias, het Belgisch instituut voor verkeersveiligheid,  beseffen ze dat de Pact 2020-doelstelling niet gehaald zal worden. Was die dan te ambitieus? "Aan scherpe doelstellingen formuleren is niets mis", zegt Vias-woordvoerder Stef Willems.

"Die scherpe ambities blijven nodig om de mensen bewust te maken van het probleem.  Dat we de doelstellingen niet halen, heeft te maken met het feit dat het verkeer voortdurend verandert. Denk bijvoorbeeld aan het gebruik van de smartphone achter het stuur. En ook met het feit dat er veel fietsers zijn bij gekomen maar dat de veilige fietsinfrastructuur nog lang niet overal aanwezig is."

Ook duurt het een tijd voor beleidsmaatregelen om het verkeer veiliger te maken hun vruchten afwerpen. Denk daarbij aan het rijbewijs met punten, trajectcontroles of de invoering van het alcoholslot. "Het duurt toch zeker een paar jaar voor dergelijke maatregelen hun effect hebben op de slachtofferstatistieken", zegt Willems. 

Doelstelling 13: armoede en halvering kinderarmoede

Ook doelstelling 13 klonk  erg concreet: Het aantal kinderen dat geboren wordt in armoede halveert tegenover referentiejaar 2006  (van 8 procent naar 4 procent )

Over het terugdringen van de armoede en meer specifiek de kinderarmoede - is veel inkt gevloeid, vooral na de belofte van de toenmalig Vlaams minister van Armoedebestrijding Liesbeth Homans (N-VA) om de kinderarmoede te halveren tegen 2020. Homans gaf al toe dat die doelstelling niet wordt gehaald.

De verdubbeling van de kinderarmoede is zeer slecht nieuws en zou de alarmbellen toch op rood moeten zetten

Armoede-expert Wim Van Lancker (KU Leuven)

We legden de oorspronkelijke armoededoelstellingen uit Pact 2020 voor aan expert Wim Van Lancker (KULeuven) ."Ze zijn niet coherent en spreken elkaar soms tegen", is zijn mening. "Zo moet er goed gepresteerd worden in vergelijking met andere landen, moet de kinderarmoede gehalveerd worden en moet iedereen een inkomen hebben boven de armoedegrens. De kinderarmoede moet uiteindelijk dalen naar 5 procent. Er is geen langetermijnvisie op welke doelstellingen nu prioritair zijn en, vooral, op welke manier we ze zullen bereiken."

(Lees verder onder de foto)

De kansarmoede-index van Kind en Gezin is verdubbeld in de voorbije tien jaar. Die is gebaseerd op een inschatting van de regioverpleegkundigen van Kind en Gezin en meet de levensomstandigheden waarin kinderen worden geboren.  "Die indicator geeft een zeer realistisch beeld", zegt Van Lancker. "De verdubbeling is zeer slecht nieuws en zou de alarmbellen toch op rood moeten zetten."

"Geen enkele van de geformuleerde doelstellingen wordt behaald, behalve als ze zeer vaag werden geformuleerd", zegt Van Lancker nog. Zo staat er: "De percentages (van armoede, red.) liggen laag in vergelijking met de best presterende EU-landen." 

"Een statistisch, beetje technisch trucje is dat", meent Van Lancker. "Vlaanderen wordt als regio vergeleken met landen waar vaak ook heel grote regionale verschillen zijn in armoedecijfers. Omdat het armoederisico wordt berekend op basis van een Belgische armoedegrens, wordt een oneigenlijke vergelijking gemaakt. Correcter zou zijn om Vlaanderen als regio te vergelijken met regio's in andere landen."

Doelstelling 9: werkzaam en werkbaar werk

Ook doelstelling 9 liet aan duidelijkheid niets te wensen over: Het aandeel werkenden in de bevolking op beroepsleeftijd (15-64 jaar) stijgt tot minstens 70 procent in 2020 en minstens  60 procent  van de werknemers heeft in 2020 een werkbare job.  

Op economisch vlak lijken we de werkzaamheidsgraad van 70 procent  vlot  te halen.   Ruim 74,6  procent van de  bevolking op beroepsleeftijd (20-64 jaar) is aan de slag. De nieuwe Vlaamse regering streeft  zelfs naar een werkzaamheidsgraad van 80 procent.  Maar bij bepaalde doelgroepen (55-plussers, laaggeschoolden, mensen met een handicap of langdurig zieken) zijn we er nog lang niet. Daar schommelen de werkzaamheidscijfers iets boven de 50 procent. 

De doelstelling rond werkbaar werk is verre van gerealiseerd. Uit recente cijfers van de SERV blijkt dat amper de helft van de werkenden nog een werkbare job heeft

Maar de doelstelling rond werkbaar werk is verre van gerealiseerd.  Minstens 60 procent  van de werknemers moet in 2020 een job hebben die voldoende leermogelijkheden biedt, vlot te combineren is  met het privéleven en geen aanleiding geeft tot werkstress of motivatieproblemen. Uit recente cijfers van de SERV blijkt dat amper de helft van de werkenden nog een werkbare job heeft.

Het Pact 2020 als kompas

Was het dan wel zinnig om zoveel doelstellingen in 2009 in een pact te gieten, de opvolging ervan jaarlijks na te gaan via honderden parameters om dan in 2020 te merken dat heel wat doelstellingen mogelijk niet zullen worden gehaald?

Pact 2020 was een kind van zijn tijd. Het werd opgesteld met inzichten van toen over hoe de maatschappij zou evolueren, op basis van de toen beschikbare gegevens.  Het werd door de sociale partners van toen beschouwd als een kompas naar een nieuwe, grotendeels onbekende wereld in 2020.

Maar een kompas is pas een nuttig instrument als er kan worden bijgestuurd. Dat is voor Vlaanderen al  gebeurd met Vizier 2030 en in 2016 al met Visie  2050.  De focus ligt bij Vizier 2030 veel meer op duurzame doelstellingen, zoals die van de Verenigde Naties, en veel minder op absolute streefcijfers waarop we in 2030 of 2050 kunnen worden afgerekend.

Morgen gaan we dieper in op de zin en onzin van grote toekomstpacten, zoals Pact 2020, zijn voorgangers en opvolgers. Wordt dus vervolgd.