Russische president Poetin noemt Poolse ambassadeur tijdens Tweede Wereldoorlog "antisemitisch zwijn"

De Russische president Vladimir Poetin heeft de Poolse ambassadeur in Berlijn tijdens de Tweede Wereldoorlog een "uitschot" en "een antisemitisch zwijn" genoemd. Dat deed hij in een toespraak voor de leiding van het ministerie van Defensie. Poetin had ook kritiek voor de Europese Unie, die onlangs het niet-aanvalspact tussen nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie de oorzaak noemde van WO II. Volgens de Russische president is dat complete onzin.

Poetin baseert zich op archiefmateriaal, dat na de Tweede Wereldoorlog uit Duitsland werd meegenomen. De Poolse ambassadeur in Berlijn schreef in 1938 in een rapport aan de Poolse minister van Buitenlandse Zaken, dat hij een standbeeld voor Hitler zou oprichten in Warschau, als die zijn plan zou uitvoeren om Joden te deporteren naar Afrika, om ze daarna daar uit te roeien, ontdekte Poetin in de historische bronnen.

"Uitschot, een antisemitisch zwijn. Anders kun je het niet zeggen", zei hij. Naar eigen zeggen is de Russische president aangeslagen door de manier waarop in Polen het Joodse vraagstuk werd aangepakt. "Het zijn dezelfde soort mensen die nu standbeelden van bevrijders van het Rode Leger naar beneden halen. In dat opzicht is er jammer genoeg weinig veranderd", aldus Poetin.

Hij illustreert daarmee de frustratie die leeft bij de Russen over de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog. In Rusland wordt de overwinning op de nazi's steevast als de grote verdienste van het Rode Leger gezien, terwijl dat bij ons niet zo is. De Russen verdienen meer erkenning, en die krijgen ze niet, zo klinkt het.

Vete over Tweede Wereldoorlog

De Tweede Wereldoorlog, meer bepaald hoe die herdacht wordt, zorgt ook al veel langer voor spanningen tussen Polen en Rusland. De Russen zien zich als de redders van Europa, maar de Polen hebben daar een heel andere perceptie van.

De inval van Stalin in Polen twee weken na de inval van de nazi's op 1 september 1939, het gebrek aan steun vanuit Moskou tijdens de opstand van Warschau in 1944, en de installatie van het communistisch regime in Polen na de Tweede Wereldoorlog, het is maar een greep uit de historische gebeurtenissen waarbij de Polen zich verraden voelen door de Russen.

Ook vorige week was er al een diplomatiek relletje rond dit thema tussen Polen en Rusland. Poetin beschuldigde tijdens zijn jaarlijkse persconferentie Polen ervan meegeholpen te hebben bij de annexatie van Tsjechoslowakije door de nazi's in 1938.

Kritiek voor de Europese Unie

Een variatie op hetzelfde thema weerklonk ook vandaag in de toespraak van de Russische president. Hij uitte kritiek op een resolutie die onlangs werd goedgekeurd door het Europees parlement: daarin staat dat het Molotov-Von Ribbentroppact dat in 1939 werd gesloten tussen nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie, de oorzaak was van de inval van de Duitsers in Polen, de start van de Tweede Wereldoorlog.

Volgens Poetin is dit totale onzin. Volgens hem was de Sovjet-Unie genoodzaakt om het zogenoemde Duivelspact met de nazi's te sluiten, omdat de Europese mogendheden ook al akkoorden hadden gesloten met nazi-Duitsland. Daarbij gaf hij het voorbeeld van het akkoord uit 1938 tussen nazi-Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Italië over Tsjechoslowakije. 

Ter illustratie: in het Molotov-Von Ribbentroppact verdeelden Stalin en Hitler de invloedssferen in Europa. Volgens de afspraak zouden onder meer de Baltische staten onder controle van de Sovjets komen, en werd Polen opgedeeld. Na de Tweede Wereldoorlog viel Europa uiteen in een westelijk en oostelijk blok grotendeels volgens de lijnen van dat Molotov-Von Ribbentroppact.