Vlaamse wetenschappers vinden methode om kleinste microplastics op te sporen

Wetenschappers van de Universiteit Gent (UG) en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) hebben een methode gevonden om de kleinste microplastics in vloeistoffen op te sporen. De methode kan helpen om het probleem van microplastics beter in kaart te brengen.

Microplastics zijn kleine deeltjes plastic die met het oog moeilijk zichtbaar zijn. De grotere deeltjes microplastic meten tussen de 1 en 5 millimeter en zijn nog relatief makkelijk op te sporen. Maar de kleinere deeltjes, die tot een duizendste van een millimeter klein kunnen zijn, zijn dat niet.  

Opgeloste metalen

"Microplastics worden gewoonlijk opgespoord met een zeef", zegt professor Frank Vanhaecke (UGent), die de methode mee heeft gevonden. "Maar in een zeef blijven alleen maar de grotere deeltjes achter. De kleinere glippen erdoor."  

"De methode die wij gebruiken (ICP-massaspectrometrie, red.) is oorspronkelijk ontwikkeld om concentraties van opgeloste metalen te meten. Wij hebben proefondervindelijk aangetoond dat ze ook gebruikt kan worden om concentraties van het kleinste microplastic te meten."   

1000 deeltjes in 1 minuut

"De methode laat het bijvoorbeeld toe om in een staal rivierwater de hoeveelheid microplastics te bepalen", gaat Kristof Tirez (VITO) voort. "We kunnen er niet alleen het aantal mee bepalen, maar ook de grootte en de verspreiding."

"De methode is ook heel snel. Want binnen de minuut kunnen we er een duizendtal deeltjes mee meten."

Nog niet voor dagelijks gebruik

Rivierwater is er met de methode nog niet geanalyseerd. Om dat te doen, moet ze eerst nog verfijnd worden. Vanhaecke en Tirez hebben de methode voorlopig alleen nog maar gebruikt om waterstalen mee te analyseren waaraan ze zelf microplastics hadden toegevoegd. De methode is met andere woorden nog niet klaar voor dagelijks gebruik. 

Gevaar voor de gezondheid?

Toch zou de methode, als ze op punt staat, wel eens veel succes kunnen hebben. Want microplastics worden beschouwd als een groot probleem. Ze komen niet alleen voor in rivieren en zeeën, maar ook op de ijskappen en op hoge bergen. Wat doet vermoeden dat ze ook in de lucht zitten en dus ingeademd kunnen worden. 

Bovendien zitten microplastics ook in drinkwater en in voedingsmiddelen. Ook via die weg kunnen ze in ons lichaam geraken. Of ze daar schade aanrichten, is nog niet duidelijk. Maar de wetenschap is wel bezorgd. 

De methode die Vanhaecke en Tirez gevonden hebben, laat in ieder geval toe de aanwezigheid van microplastics beter te monitoren.