Cartoonisten over vijf jaar Charlie Hebdo: "Je mag iemand kwetsen die tegen een stootje kan"

Het is vandaag precies vijf jaar geleden dat de terreurorganisatie Al Qaeda een aanslag pleegde op de redactie van het satirisch weekblad Charlie Hebdo in Parijs. Hoe is het vandaag gesteld met (politieke) satire en cartoons? 

Exact vijf jaar geleden pleegden leden van de terreurorganisatie Al Qaeda een dodelijke aanslag op de redactie van Charlie Hebdo, een satirisch weekblad gevestigd in Parijs, gekend om zijn kritische cartoons. Er vielen daarbij twaalf doden.

Die dag liet een diepe indruk na bij de Vlaamse cartoonisten. "Die aanslag heeft misschien maar een minuut geduurd, maar plots waren al mijn idolen weg", zegt Marc De Cloedt, beter bekend als cartoonist Marec in "Terzake". Vijf cartoonisten kwamen om bij de aanslag: Cabu, Charb, Tignous, Georges Wolinski en Philippe Honoré.

Ik heb een aantal maanden politiebescherming gekregen.

Lectrr

"Een eerste reflex die je als cartoonist hebt, is om dat proberen in cartoons te gieten", zegt Steven Degryse, alias Lectrr. "Cartoons maken is mijn manier om naar de wereld te kijken. Een van mijn cartoons is de wereld rondgegaan. Daar zijn heel veel positieve reacties op gekomen, maar ook een doodsbedreiging. Uiteindelijk heb ik een aantal maanden politiebescherming gekregen."

Toch heeft Lectrr zich niet aangepast. "Ik zou dat wel willen kunnen, maar ik kan dat gewoon niet. Er zit niet echt een filter op." Ook Marec heeft er nooit aan gedacht om iets niet te tekenen. "Ik sta er geen moment bij stil dat ik me bedreigd moet voelen. Maar ik werk ook niet voor Charlie Hebdo. Je kunt dat moeilijk vergelijken. Ik maak ook geen tekeningen die heel choquerend zijn."

Ik wil geen aanslag op de redactie op mijn geweten hebben

GAL, cartoonist bij Knack

Cartoonist GAL (Gerard Alsteens) van Knack is wel voorzichtiger geworden. Hij tekent milder over de islam sinds de aanslag op Charlie Hebdo. "Ik doe het nog wel, maar eerder omfloerst. Ik wil geen aanslag op de redactie op mijn geweten hebben", vertelde hij op Radio 2.

Bekijk hier het interview met Lectrr en Marec in "Terzake": 

Video player inladen...

Ex-cartoonist Joris Vermassen, die jarenlang publiceerde onder het pseudoniem Fritz Van den Heuvel, zegt dat de aanslag op Charlie Hebdo hem gedwongen heeft tot een ernstig gewetensonderzoek. "Ik dacht er zelfs aan om de handdoek in de ring te werpen. Ik heb mijn redacteur gebeld met de boodschap: ‘zo kan ik niet verder’.”

Angst speelde een rol, maar voor Vermassen draaide het vooral om vrijheid. "Als we zulke tekeningen niet meer kunnen maken, dan bevinden we ons op een hellend vlak. Iedereen springt omzichtiger om met cartoons. Dat merk ik vooral in de grote media", vertelt hij. "Hoe groter de megafoon, hoe voorzichtiger men is."

In juni van dit jaar besliste de Amerikaanse krant The New York Times om geen politieke cartoons meer te publiceren in de internationale editie van de krant. Volgens Lectrr is dit zeer opvallend, omdat die krant zich profileert als een baken van vrije meningsuiting. "The New York Times was vijf jaar geleden een van de voortrekkers van het hele 'je suis Charlie'-gebeuren. Dat zij nu als eerste de stekker eruit te trekken bij de internationale cartoons, is heel frappant. Als The New York Times zijn cartoons buitenflikkert, dan geven zij een signaal aan de rest van de wereld dat cartoons niet zo belangrijk zijn."

Volgens cartoonist Kamagurka heeft The New York Times nooit toffe cartoons afgedrukt. "Dat zijn lafaards", zegt hij in "De afspraak". "Ik werk voor Humo, De Standaard, NRC en ik ondervind geen enkele restrictie."

"Er is altijd een soort van censuur geweest", zegt Kamagurka. "Daarom is Charlie Hebdo ontstaan. Dat is ook de reden waarom ik tekenaar geworden ben. Ik voel altijd 'dat is de grens, dat mag je niet doen' en dan ga ik dat gaan doen. Ik wil mensen niet kwetsen. Ik wil wel iets aanduiden, iets tonen. Je mag niet iemand kwetsen die al gewond is, maar je mag wel iemand kwetsen die tegen een duwtje kan."

Bekijk hier het gesprek met Kamagurka in "De afspraak":

Video player inladen...

Ook lachen met religie moet kunnen. "Het is bijna een verplichting voor cartoonisten. Wat voor rol spelen we anders nog?", aldus GAL. Daar gaat ook Vermassen mee akkoord: "Met symbolen van macht, bekende personen en politici mag je lachen. Ideologische ballonnen doorprikken, dat kan. En daarvoor moet je soms de symbolen van die machtsstructuren gebruiken. Een profeet hoort daar ook bij."

Meest gelezen