Iraans buitenlandminister Javad Zarif

Iran slaat en zalft: "Nucleaire deal is toch nog niet dood"

De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Javad Zarif zegt dat het nucleaire akkoord dat Iran in de zomer van 2015 sloot met zes wereldmachten nog kan worden gered. Hij belooft ook antwoord aan de drie Europese partners, die Iran in gebreke willen stellen. Tegelijk laat president Hassan Rouhani nog eens weten dat er geen sprake kan zijn van een nieuw akkoord met de Verenigde Staten. 

De Amerikaanse president Donald Trump was in 2018 al uit het akkoord gestapt, maar Europa probeerde al die tijd nog te redden wat er overbleef van het nucleaire akkoord met Iran.

Maar een paar dagen geleden hebben Frankrijk, Duitsland én het Verenigd Koninkrijk laten weten dat ze een procedure opstarten tegen Iran. Dat zou ertoe kunnen leiden dat ook de Europese landen uit het nucleair akkoord stappen. Niet helemaal onverwacht, want Iran zélf had na de Amerikaanse aanval op generaal Soleimani nog eens laten weten dat het zich niet meer zou houden aan de bepalingen van het akkoord. 

Is het akkoord nu dood of niet?

Op een persconferentie in Dehli liet de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken dus weten dat het akkoord wat hem betreft toch nog niet dood is. "We zullen een schriftelijk antwoord geven op de Europese opmerkingen" zei Zarif. "De toekomst van het akkoord hangt af van Europa".

Tegelijk liet hij verstaan niets te voelen voor een nieuw en allicht strenger akkoord met de Verenigde Staten, een "Trump-deal" zoals de Britse premier Boris Johnson onlangs nog had voorgesteld. De Iraanse president Rouhani was daar nog duidelijker over op de Iraanse staatstelevisie. Hij noemde zo'n "Trump deal" een vreemd voorstel, en zei dat de Amerikaanse president zijn beloftes toch altijd breekt. 

De Britten praten gewoon de Amerikanen na 

Vleuggellam Europa

Iran blijft dus hopen op Europa, om het akkoord uit 2015 alsnog te redden. In het akkoord belooft Iran kort samengevat dat het geen hoogverrijkt uranium meer zou maken, waardoor het dus geen kernbom zou kunnen fabriceren. In ruil verdwenen in 2016 de VN-sancties tegen Iran.

Maar het is rekenen op Europa tegen-beter-weten-in. Europa is er de voorbije twee jaar al niet in geslaagd om Iran te compenseren, nadat de Amerikanen zich eenzijdig hadden terugtrokken uit de deal.

Veel Europese bedrijven zijn intussen alweer verdwenen uit Iran, vaak zeer tegen hun zin en alleen uit vrees voor Amerikaanse handelssancties. Dat Europa geen zaken meer kon doen in Iran, was zeker ook niet de wens van de Franse president Macron of de Duitse kanselier Merkel. Maar het bleek in de praktijk wel de enige uitweg. Iran rekende dus wel op Europa, maar dat was in de praktijk vleugellam. 

Stoorzender Boris?

Intussen liggen de kaarten nog een stuk moeilijker. Want sinds Boris Johnson de verkiezingen heeft gewonnen lijkt één van de Europese partners - Groot-Brittannië dus - weer wat dichter aan te leunen bij het Amerikaanse standpunt.

Een paar dagen geleden nog postte de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Zarif een reeks tweets waarin hij duidelijk maakte hoe hij denkt over de houding van Boris Johnson. "Ze apen de Amerikanen gewoon na. De laatste keer dat de Britten de Amerikanen volgden, was in de Irak-oorlog. Hoe is dat uitgedraaid?", vroeg hij zich retorisch af.

Hoe dan ook: Europa heeft een formele procedure opgestart tegen Iran, dat kan ertoe leiden dat ook de Europeanen het akkoord verlaten. Iran zelf laat om de haverklap weten "dat het niet alle bepalingen uit het nucleaire akkoord respecteert". In de gegeven omstandigheden lijkt de hoop dat Frankrijk, Duitsland én Groot-Brittannië de deal levend houden weinig realistisch.