Nooit meer een Irak, Afghanistan of Somalië? Deze drie lessen houden de politici maar beter in het achterhoofd

Drie weken lang trok VRT-journalist Rudi Vranckx voor zijn docureeksen Tussen oorlog en leven en De eeuwige oorlog door Irak, Somalië en Afghanistan. “Buitenlandse interventies zijn niet per definitie fout”, besluit hij. “Maar we moeten leren uit de fouten van het verleden.”

“Mission accomplished” blokletterde een enorme Amerikaanse vlag boven de Amerikaanse president George W. Bush. Het was 2003 en vanop een oorlogsschip stuurde hij de wereld de boodschap dat Saddam Hoessein, de gevreesde dictator, gevallen was.

“The mission has just begun”, had er beter gestaan. De Amerikaanse inval ontwortelde de Iraakse maatschappij. 17 jaar later woedt de onrust er nog steeds.

Westerse interventies hebben de neiging om uit te lopen in Griekse tragedies. Soms worden ze met de beste bedoelingen aangevat, maar bewerkstelligen ze uiteindelijk wat ze hadden moeten bestrijden. 

Het was zo in Irak, het was zo in Somalië en het was zo in Afghanistan. Ik bezocht elk van die drie landen voor mijn docureeksen De eeuwige oorlog en Tussen oorlog en leven. Heel verscheiden conflicten, dat klopt, maar met opvallende parallellen. Telkens maakte het Westen dezelfde fouten.

Les 1: Hou rekening met de lokale breuklijnen

In De eeuwige oorlog hebben we de oude conflicten tussen bevolkingsgroepen blootgelegd. Sjiieten en soennieten in Irak, Pasjtoen en Tadzjieken in Afghanistan, en de stammen in Somalië: ze zijn allen verwikkeld in een strijd om de macht. En daar had het Westen geen rekening mee gehouden. Toen het centrale gezag verdween, werden drie maatschappijen ontwricht… en laaide het vuur vanuit die breuklijnen weer op.

De meeste topmilitairen die ik sprak, kennen het terrein. Het zijn de politici die fouten gemaakt hebben

Het is ook niet noodzakelijk zo dat de inwoners van Irak, Afghanistan en Somalië zonder hulp van het Westen voor eeuwig veroordeeld zijn tot die oude machtsstructuren. Kijk naar Irak, waar er massaal geprotesteerd wordt tegen een incompetente regering. Of in Somalië, waar vluchtelingen die teruggekeerd zijn hun land opnieuw proberen op te bouwen – ze vormen er intussen bijna een eigen “clan”. In Afghanistan laten jonge, stedelijke vrouwen dan weer voelen dat ze de paternalistische plattelandsmentaliteit van de taliban nooit meer zullen slikken.

Zij zijn de kracht van verandering. Is die kracht nog pril? Ja. Zijn ze een partij voor de kracht van het geweer, die zo vaak zegeviert? Geen idee. Zeker is dat het een proces van lange adem wordt.

Les 2: Luister naar de mensen op het terrein

Wat me ook is opgevallen: de meeste topmilitairen die ik sprak, wisten zeer goed waarover ze spraken. Ze kenden het terrein. Het zijn de politici die fouten gemaakt hebben. 

Neem de aanloop naar de Irak-oorlog: toen hebben de topmilitairen mogelijke scenario’s opgesteld, en de alarmbel geluid. Hetzelfde geldt voor Afghanistan. We hebben gepraat met een toenmalige CIA-baas die maar al te goed begreep in welk wespennest de VS zich begaf. Ze wisten wat er fout kon lopen. Maar er werd niet naar hen geluisterd.

Zelfs buitenlandminister Colin Powell had president George W. Bush nog gewaarschuwd: zorg dat je een exit-strategie hebt als je een land binnenvalt. Powell had de Vietnamoorlog meegemaakt. Hij wist waarover hij sprak.

Helaas. De neocons in de administratie van de jonge Bush, de John Boltons en de Donald Rumsfelds: ze  zaten gevangen in hun eigen denkpatronen. Hun wishful thinking had nog weinig te maken met de realiteit. Niettemin waren zij het die de uiteindelijke beslissingen maakten, en hun land in oorlogen stortten waar het niet meer uit raakte. 

Les 3: Hou een duidelijk doel voor ogen... en laat je niet meeslepen

Afghanistan lijkt wel een les van hoe je een oorlog niet plant. Het aanvankelijke doel was Osama Bin Laden vatten, samen met een dertigtal emirs uit zijn nabije cirkel. Ergens onderweg is dat doel uitgebreid naar de vernietiging van de hele taliban. Alleen: de taliban zijn een islamistisch-nationalistische beweging, en daardoor een heel ander beest dan Al Qaeda met zijn internationale jihad.

De Amerikanen zagen het verschil niet. Wat islamistisch was, moest aangepakt worden.

In Somalië werd dezelfde fout nog eens gemaakt in 2006, toen Ethiopië er binnenviel met Amerikaanse steun. En ja, de sharia heerste toen, met zijn strenge straffen, maar misschien viel er met die islamistische nationalistische beweging nog te praten. Vergelijk eens met wat er daarvoor in de plaats is gekomen: de terreur van Al-Shabaab met zijn bloedige bomaanslagen die Mogadishu gijzelen.

Buitenlandse interventies hebben de neiging een extremere versie te creëren van wat ze proberen te vernietigen. Het mechanisme is simpel: in chaos nestelt zich terreur. En in een wereld waar religie het bindmiddel is van zowat het hele dagelijkse leven, krijgen verzet en terreur onvermijdelijk een extreem-religieuze saus. Hoe radicaler het verzet, hoe radicaler de godsdienstige pijler. Vraag maar aan IS.

Begrijp me niet verkeerd: buitenlandse interventies zijn niet per definitie fout

Zeg ik dat je die jihadistische terreurgroeperingen niet moet bestrijden? Nee. Je moet wél altijd rekening houden met de plaatselijke realiteit. Dat is een dure les uit drie interventies.

En volgende keer?

Begrijp me niet verkeerd: met dit stuk wil ik niet aantonen dat buitenlandse interventies per definitie fout zijn. 

De internationale gemeenschap heeft soms de plicht om te interveniëren, bijvoorbeeld wanneer er misdaden tegen de menselijkheid gepleegd worden, of wanneer er een gigantische hongersnood dreigt. De interventie in Somalië was dan ook perfect te verdedigen, vanuit humanitair oogpunt. Anders was het in Afghanistan en Irak, met (respectievelijk) een ontspoorde war on terror en drogredenen.

Eén ding is zeker: er zullen nog westerse interventies plaatsvinden. Nu al is Libië een potentieel extremistisch moeras. Voor Mali en Niger geldt hetzelfde. We kunnen dus maar beter proberen leren uit de fouten van het verleden. Anders is het een kwestie van tijd voor de volgende Griekse tragedie opgevoerd wordt.

Deze namiddag omstreeks 15 uur kunt u vragen stellen aan Rudi. Als u op voorhand vragen wil insturen, dan kunt u dat doen via onderstaand invulveld.