De grootooropossum blijkt een zeer belangrijke bestuiver te zijn voor een lastige, met schutbladen bedekte bloem.
Christian Roger Dockhorn/Public domain

Filmpje van opossum op vreemde bloem bevestigt 30 jaar oude theorie

In Brazilië groeit er een plant die zo vreemd is dat onderzoekers 27 jaar geleden voorspelden dat opossums - Zuid-Amerikaanse buideldiertjes - een cruciale rol zouden spelen bij zijn bestuiving. Nu is dat bevestigd, dankzij een filmpje van een nachtcamera waarop grootooropossums te zien zijn die de bloemen blootleggen en hun snuit in de bloemen duwen om de nectar te kunnen eten.  

Scybalium fungiforme is een weinig bekende, op een paddenstoel lijkende plant uit de familie Balanophoraceae, die bosjes kleine, bleke bloemen heeft die ingekapseld zitten onder een hard oppervlak van schutbladeren - zoals bij een artisjok. Omdat die schutbladeren elkaar gedeeltelijk bedekken zoals schubben, moeten ze geopend of naar achter getrokken worden om de bloemen en de nectar bloot te leggen voor bestuivers zoals bijen. 

Hoewel de meeste soorten in de plantenfamilie Balanophoraceae voornamelijk bestoven worden door bijen en wespen, bedachten onderzoekers van de Universidade Estadual Paulista (UNESP, de Staatsuniversiteit van São Paulo) een andere hypothese voor Scybalium fungiforme.

Ze dachten dat opossums, met hun opponeerbare duimen, zeer belangrijke bestuivers zouden zijn van de plant vanwege het feit dat de lastige schutbladeren de bloemen bedekken.  

In de vroege jaren 90 was Patricia Morellato, een professor aan UNESP, de eerste die de voorspelling deed. Morellato en haar collega's bestudeerden de plant en vingen een opossum met nectar op zijn neus. Hun waarnemingen werden echter niet gepubliceerd omdat ze geen direct bewijs konden vastleggen voor het feit dat opossums de bloemen bestoven.

Hier hangt een grootooropossum in de bomen, maar hij daalt ook af naar de bodem om nectar te snoepen van de kleine S. fungiforme-planten.
Felipe Amorim

Nachtcamera

Felipe Amorim, een assistent aan de universiteit en de belangrijkste auteur van de studie over de opossums, kwam de plant pas tegen in 2017 en hij had als hypothese dat, gelet op de morfologie van de bloem, er een niet-vliegend zoogdier nodig was voor de bestuiving. In april 2019 kwamen zijn studenten op eigen houtje met de hypothese naar voren dat mogelijk knaagdieren konden fungeren als de belangrijkste bestuiver van de soort. 

"In die tijd was niemand van ons op de hoogte van de niet-gepubliceerde waarnemingen die Patricia in de jaren 90 gedaan had", zei Amorim. 

In mei 2019 gingen Amorim en een team onderzoekers naar het biologische reservaat Serra do Japi, op zo'n 50 kilometer van het gebied dat Patricia Morellato eerder bestudeerd had, en plaatsten er nachtcamera's om de activiteiten van de nachtelijke bezoekers van de bloemen vast te leggen. 

De camera's legden opossums vast die de schutbladeren verwijderden van de paddenstoelachtige planten en die hun snuit in de bloemen duwden om van de nectar te eten. Het was het eerste directe bewijs van opossums die de plant bestoven. 

Amorim stuurde zijn collega Morellato de beelden. "Toen ze de video's bekeken had, sprak ze een boodschap in op mijn telefoon, en ze was even opgewonden als wij waren toen we voor het eerst zagen dat de opossums de bloemen bezochten, omdat het de eerste keer was dat ze iets zag dat ze 25 jaar eerder voorspeld had", zo zei hij.   

Een screenshot van de camerabeelden waarop een opossum te zien is die de bloemen bezoekt en de schutbladeren afpelt om aan de nectar te kunnen.
Felipe Amorim

Bestuivingssyndroom

De onderzoekers hadden de voorspelling over de opossums gemaakt op basis van het 'bestuivingssyndroom' - het concept dat eigenschappen van bloemen zoals de kleur, de vorm, de reuk en de grootte de aanpassingen weerspiegelen van een plantensoort aan bestuiving door een bepaalde groep van dieren.

Opossums, die 'handen' hebben met opponeerbare duimen, zijn in staat om de op schubben lijkende bladeren af te pellen die de bloemen van S. fungiforme bedekken.  De plant krijgt nog andere soorten op bezoek die als secundaire bestuivers werken zodra de schutbladeren verwijderd zijn. Bijen en wespen vormen daar het grootste deel van, maar verrassende bijkomende bezoekers waren verschillende kolibries. 

"Gebaseerd op de morfologie van de bloem", zei Amorim, "konden Morellato, mijn studenten en ik veilig voorspellen dat deze plant bestoven zou moeten worden door niet-vliegende zoogdieren, maar het feit dat kolibries naar de grond komen om een bezoek te brengen aan deze bloemen, was een volledige verrassing voor mij."

Morellato had geen kolibries gezien die een bezoek brachten aan de plant op de plaats waar ze in de jaren 90 haar studie verricht had, maar onderzoekers hebben onlangs indirect bewijs gevonden dat kolibries op de beide plaatsen wel degelijk de plant bezoeken. 

Een violetkapbosnimf, een soort kolibrie, zuigt nectar uit een bloem van S. fungiforme waarvan de schutbladeren verwijderd zijn.
Felipe Amorim

Nog niet geboren

De auteurs van de studie hopen de bestuivers van S. fungiforme nog verder te bestuderen om de efficiëntie van elke groep van bezoekers - zoogdieren, kolibries, bijen en wespen - vast te stellen en zo hun bijdrage aan de fruitproductie van de plant te kwantificeren. 

Ze willen ook de chemische verbindingen van de nectar en van de geur van de bloemen analyseren, iets wat veel kan blootgeven over de aanpassing van een plant aan een bepaalde groep van bestuivers. 

Alles bij elkaar vindt Amorim het best een interessant verhaal, het hoogtepunt van bijna drie decennia van voorspellingen en waarnemingen, gebaseerd op de harde schil die een bosje kleine bloemen omgeeft. Het ontlokte hem de mijmering: "Toen de niet-vliegende zoogdieren voor het eerst voorspeld werden als de bestuivers van deze paddenstoelachtige plant, was ik zo'n 11 jaar oud, en het grootste deel van de auteurs van deze studie was zelfs nog niet eens geboren."

De studie van Amorim, het team van UNESP en een collega van de Universidade federal do ABC is gepubliceerd in Ecology. Dit artikel is gebaseerd op een persbericht van de Ecological Society of America.