We komen nu in fase 2 van het "corona-noodplan", welke maatregelen neemt ons land om het virus te bestrijden?

Het is zover: het nieuwe coronavirus is in ons land. En dat betekent dat we in de tweede fase van het noodplan zitten. Maar welk draaiboek hanteert de overheid nu eigenlijk om dat virus te bestrijden? En welke maatregelen kunnen daaraan gekoppeld worden? We zetten de verschillende fases van het noodplan op een rij.

Al wekenlang worden er inschattingen gemaakt over het coronarisico. Op wereldniveau, op Europees niveau en op Belgisch niveau. 

Dat gebeurt in ons land enerzijds door de Risk Assessment Group, die de situatie op de voet volgt en analyseert, en anderzijds door Risk Management Group, die maatregelen kan nemen om de volksgezondheid te beschermen. Daarnaast is er nog een speciaal wetenschappelijk comité voor het nieuwe coronavirus opgericht, dat de autoriteiten bijstaat. Al die organisaties samen maken voortdurend een risicoanalyse. En er is dus ook een noodplan. 

De aanpak hangt niet vast aan een bepaalde ziekte of een bepaald virus

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

"In het verleden werden die plannen geschreven op maat van bepaalde bedreigingen. Je had dus een Ebolaplan, een vogelgriepplan... Maar door die verschillende plannen was het moeilijk om die allemaal te kennen en toe te passen. Nu is er dus een generieke gereedschapskist samengesteld met verschillende tools, die we dan kunnen samenzetten. De aanpak hangt niet vast aan een bepaalde ziekte of een bepaald virus", vertelt Jan Eyckmans van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid.  Het noodplan bestaat uit 3 fases. Intussen is in ons land fase 2 van kracht.

Tot nu toe zaten we in de eerste fase van het noodplan, wanneer er nog geen besmettingen zijn. En het doel was om dat zo (lang mogelijk) te houden. "Je probeert het grondgebied te bewaken en het virus zo lang mogelijk buiten te houden", duidt Eyckmans. 

Je probeert het grondgebied te bewaken en het virus zo lang mogelijk buiten te houden

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

En dat betekent in de eerste plaats wetenschappelijke informatie over het virus verzamelen: hoe kan het virus herkend worden? Hoe moet het getest worden? Wat zijn de mogelijke behandelingen? Daarna wordt het generieke plan - dat dus altijd klaarligt - aangepast aan de specifieke omstandigheden. "We maken dan een template voor de artsen en vullen die inhoudelijk aan. Het is als het ware een checklist voor de artsen waar ze op moeten letten en wat ze moeten doen. Van de huisarts in het kleinste dorpje tot het grootste universitaire ziekenhuis, iedereen krijgt dat plan. En niet alleen dokters krijgen dat, ook tandartsen of apothekers. Dat plan wordt ook voortdurend aangepast en nog gedetailleerder gemaakt. Voor het coronavirus zijn er zo al een aantal plannen de deur uit." 

Van de huisarts in het kleinste dorpje tot het grootste universitaire ziekenhuis, iedereen krijgt dat plan 

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

Daarnaast wordt er ook bepaald welke referentieziekenhuizen er aangeduid worden. In het geval van het coronavirus gaat het om het UZ Antwerpen en het Sint-Pietersziekenhuis in Brussel. Het is belangrijk dat dat op voorhand gebeurt, benadrukt Eyckmans. "Op het moment dat er een besmette patiënt is, dat er een crisissituatie is, moeten we dan niet meer op zoek naar wie wat doet. We hebben geen tijd te verliezen als er zich iets voordoet." Hetzelfde geldt ook voor de laboratoria. "We weten heel goed waar we op wat kunnen testen, we weten wat de mogelijkheden en de capaciteit is." In ons land is de KU Leuven het referentielab. "Moesten zij aan hun limiet zitten, ligt er een handleiding klaar zodat andere labs kunnen bijspringen."

"Terzake" kon een kijkje nemen in het UZ Antwerpen, en hoe ze zich daar voorbereid hebben. Lees verder onder de reportage: 

Video player inladen...

In deze fase worden mensen die met verdachte symptomen bij de dokter komen, ook getest uiteraard. "We zijn streng. Maar dat moet ook. Als je iemand over het hoofd ziet, heeft die voor je het weet vijf of tien mensen besmet. En dan ben je vertrokken." Als het nodig is, wordt er ook gekozen voor een quarantainemaatregel, denk maar aan de mensen die begin februari terugkeerden uit Wuhan en 14 dagen in quarantaine moesten. 

Een quarantainekamer in het militair hospitaal van Neder-Over-Heembeek.
BORDIGNON V._BELGIAN DEFENSE

Om een idee te geven van de quarantainecapaciteit: "We kunnen zonder problemen, de dag zelf, 50 mensen in quarantaine opvangen over heel België. Als dat nodig is, kan dat ook uitgebreid worden, bijvoorbeeld door een vleugel van een ziekenhuis in te richten als quarantainevleugel. Een vakantiepark als quarantainepark, zoals in Frankrijk gebeurde, daar ben ik minder fan van. We willen het liefst toch een minimum aan medische infrastructuur."

Fase twee gaat van kracht zodra er een besmetting in ons land opduikt. Dat is nu dus het geval. Het gaat voor alle duidelijkheid om een patiënt die bij de dokter of in het ziekenhuis komt en besmet blijkt (de man die terugkwam uit Wuhan en besmet was, telt niet mee, omdat hij op een gecontroleerde manier terugkwam en er geen kans was dat hij andere mensen besmet had)

De basisregel in fase twee is: zorgen dat het virus zich zo weinig mogelijk kan verspreiden. De kernwoorden zijn "opsporen, contacteren en controleren": "De patiënt wordt opgevangen, maar we moeten dan heel snel reageren om zijn of haar nauwe contacten in kaart te brengen. Dat kan dan gaan om familie, vrienden, huisgenoten, collega's, maar er wordt bijvoorbeeld ook gekeken of de patiënt het vliegtuig genomen heeft. Dan worden de passagiers die op datzelfde vliegtuig zaten, opgespoord." Daar bestaan dan allemaal regels en protocollen voor. "Bij de luchtvaart is bijvoorbeeld vastgelegd hoeveel rijen voor en na die passagier je moet opsporen. Dat verschilt van virus tot virus, hoe ver dat kan reiken."

Nadat er een patiënt besmet is, moeten we heel snel reageren om zijn of haar nauwe contacten in kaart te brengen 

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

Fase twee blijft van kracht zolang er een overzicht is van waar de besmettingen komen. "Het is ook hier weer tijd winnen en zo lang mogelijk standhouden. Als we de volgorde van besmettingen niet meer kennen en de controle verliezen, gaan we naar fase drie. Dat kan na enkele maanden zijn, maar dat kan ook na enkele dagen al gebeuren (zoals in Italië het geval was)."

In fase drie is het niet meer te traceren wie wie besmet heeft. "Er zijn erg veel besmettingen en het gaat snel vooruit." En dan zijn er twee grote prioriteiten:

Een eerste grote prioriteit zijn de medische zorgen. "Het is heel duidelijk dat mensen die onderliggend een verzwakte gezondheid hebben of een hogere leeftijd hebben een risicogroep vormen. Er is dus medische ondersteuning nodig, om de kans op overlijdens tot een minimum te beperken. De juiste zorg is van levensbelang."

De juiste zorg is van levensbelang

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

Ook de capaciteit van de ziekenhuizen moet onder controle gehouden worden. Dat gebeurt op verschillende manieren: de patiënten op een goede manier verdelen over de ziekenhuizen en eventueel niet dringende ingrepen uitstellen. De bedbezetting wordt ook nauwgezet in het oog gehouden. Stel dat er echt een tekort is, kan de minister van Volksgezondheid beslissen dat er extra bedden komen, het personeel geen vakantie kan opnemen of dat er een beroep gedaan wordt op mensen van het Rode Kruis. Maar Eyckmans nuanceert dat ook: "Dat zijn theoretische mogelijkheden, we hebben dat nog nooit meegemaakt. Zelfs bij de Mexicaanse griep niet."

De tweede grote prioriteit is het (proberen) indijken van het virus, door maatregelen te nemen. En die kunnen verregaand zijn, vaak vooral om ervoor te zorgen dat mensen niet met téveel op één plek samen zijn. "De voetbalcompetitie stilleggen, mensen vragen om een tijdje niet naar de bioscoop te gaan, scholen sluiten. Maar dan is het niet meer alleen Volksgezondheid die beslist, dat zijn beslissingen van de regering."

De voetbalcompetitie stilleggen, mensen vragen om een tijdje niet naar de bioscoop te gaan, scholen sluiten, dat kunnen allemaal maatregelen zijn

Jan Eyckmans - FOD Volksgezondheid

Op dat ogenblik komt ook het Nationaal Crisiscentrum in het verhaal. "Zij moeten iedereen aansturen. Want als je een school sluit, veroorzaak je een kettingreactie. Ouders kunnen niet gaan werken, er is een economische impact. Dus dan wordt alles en iedereen gecoördineerd door het Crisiscentrum." Om ook weer te nuanceren: "Ook dit is nog nooit nodig geweest". Iets als de grenzen sluiten of dorpen isoleren, is bij ons niet aan de orde, benadrukt Eyckmans. "Dat is weinig realistisch en weinig efficiënt."

Meest gelezen