2008 Getty Images

4 op de 5 nieuwe woningen verbruiken amper energie, situatie bij bestaande woningen "zorgwekkend"

Wie in 2018 een nieuwe woning neerzette, zorgde in 4 op de 5 gevallen dat die woning “bijna-energieneutraal” was, tonen cijfers van de Vlaamse regering. Bestaande woningen scoren veel slechter, en maken ook amper een inhaalbeweging, al zit het aantal grondige renovaties en slopen in stijgende lijn. “In de toekomst zullen financiële duwtjes niet meer volstaan, en zal de overheid verplichtingen moeten opleggen”, gelooft hoogleraar bouwfysica Arnold Janssens (UGent). 

Het zal u misschien verbazen, maar het Vlaamse gebouwenpark stoot meer CO2 uit dan de landbouw- en afvalsector samen. Vooral verwarming speelt daarin een hoofdrol, maar ook elektriciteit die fossiel wordt geproduceerd zorgt voor uitstoot. Aan nieuwe woningen ligt dat alvast niet, tonen cijfers van de Vlaamse regering, die vandaag zijn voorgesteld op bouwbeurs Batibouw. 

Vijf jaar voorop

Wie in Vlaanderen een nieuw stulpje neerzet, gaat erg bewust om met het energieverbruik van die woning. Al sinds 2016 voldoen nieuwe woningen in Vlaanderen eigenlijk gemiddeld al aan de energieregels die pas vanaf 2021 zullen gelden.

Volgens voorlopige cijfers van 2018 haalt 80 procent van de nieuwe woningen een energiepeil van E30 of beter, de norm die vanaf 2021 ingaat. Dat wil zeggen dat die woningen zuinig omspringen met verwarming, een bepaalde hoeveelheid hernieuwbare energie produceren en zo netto “bijna” geen energie verbruiken. Men noemt ze bijna-energieneutraal of BEN. Gemiddeld halen de nieuwe woningen van 2018 zelfs een E-peil van E19. Hoe lager dat cijfer, hoe zuiniger. 

Appartementen scoren goed, maar lopen niet op dezelfde manier voorop*. “Appartementen worden vaker door grote bouwpromotoren gebouwd, die zich strakker op de regels richten. Door de manier waarop het E-peil wordt berekend, is het voor appartementen ook iets moeilijker om een goede score te halen”, zegt Janssens.

De verklaring voor de goede scores van woningen is makkelijk: het levert op. Niet alleen daalt de energiefactuur. Wie bouwt onder E20, moet ook vijf jaar geen onroerende voorheffing betalen. Voor een E-peil tot E30 betaalt u vijf jaar lang maar de helft van de onroerende voorheffing.    

Warmtepomp slaat niet aan

Veel van die woningen en appartementen maken ook gebruik van hernieuwbare energie. Groene energie dus, die minder CO2 in de lucht brengt. Het is bekend dat Vlaanderen zijn doelstelling tegen 2020 voor hernieuwbare energie niet haalt, maar dat zal niet liggen aan de Vlaming met een baksteen in de maag.

95 procent van de nieuwe woningen in 2018 (inclusief appartementen) maakt gebruik van hernieuwbare energie, opnieuw volgens voorlopige cijfers. In 2017 was dat nog 76 procent, in 2006 maar 4 procent.

Meestal gaat het om zonnepanelen (72 procent van de gevallen in 2017). In slechts 1 op de 5 nieuwe woongebouwen wordt een warmtepomp geïnstalleerd. Bij grondige renovaties is dat zelfs maar in 1 op de 10 gebouwen het geval. 

Dat die warmtepompen nog niet aanslaan heeft twee redenen: ze verbruiken elektriciteit, en dat is duur, en bovendien kosten ze veel geld

Arnold Janssens, hoogleraar bouwfysica

Nochtans zijn experts het erover eens dat de toekomst bij warmtepompen (en warmtenetten) ligt, die warmte uit de grond of uit de lucht halen. “Dat die warmtepompen nog niet aanslaan heeft twee redenen: ze verbruiken elektriciteit, en dat is duur, en bovendien kosten ze veel geld."

"Voor veel mensen is de afweging met een aardgasketel dan snel gemaakt”, zegt hoogleraar Janssens. Volgens de wetenschapper zou een CO2-taks of een verlaagde btw op elektriciteit het gebruik van een warmtepomp kunnen stimuleren. Vlaams minister van Energie Zuhal Demir (N-VA) benadrukt dat het aantal premies voor warmtepompen wel is gestegen. Het ging ongeveer om 1.000 premies in 2017.

2005 Getty Images

Bestaande woningen lopen (ver) achter

Hoe goed nieuwe woningen ook scoren, de eindbalans blijft mager. Maar 5 procent van de bestaande woningen haalt op dit moment een E-peil van E60, een pak slechter dan nieuwe woningen (gemiddeld E19).

Dat kan wel eens problemen opleveren, want Vlaanderen wil tegen 2050 álle woningen naar EPC-label A (komt ongeveer overeen met E60) brengen. “Een ambitieuze doelstelling”, vindt Janssens.

Het plaatje wordt duidelijk op basis van de energieprestatiecertificaten (EPC's). Die moeten worden opgemaakt wanneer een bestaande woning wordt verhuurd of verkocht. Hieronder de cijfers van 2019, waarin bijna 100.000 zulke certificaten werden opgemaakt. Slechts 1 procent van de eengezinswoningen haalt EPC-label A, tegenover 4 procent bij de appartementen. 

Renoveren of slopen

Dan zijn er twee opties: renoveren of slopen. Bij renoveren spreekt men van een “ingrijpende energetische renovatie”, met een goede isolatie, vernieuwde verwarming en ventilatie.

Ook daarvoor bestaan er financiële duwtjes in de rug: als de woning na renovatie veel zuiniger omspringt met energie (E60), moet ook daarop vijf jaar geen onroerende voorheffing worden betaald. Er bestaat ook een korting (van 1 procent) op de registratierechten als nieuwe eigenaars een woning renoveren.

Toch waren er tussen 2015 en 2018 nog geen 3.000 zulke renovaties, tegenover ruim 9.300 “gewone” renovaties, al zit het aantal wel in stijgende lijn. “Een grondige renovatie (tot E30, red.) verdient zich nu pas na 25 jaar terug”, verduidelijkt Janssens. De overgrote meerderheid (2 op 3) gaat bij zo’n renovatie ook niet voor hernieuwbare energie.

“Maar dat hoeft geen probleem te zijn”, zegt de hoogleraar. “Dan worden er namelijk strafpunten aangerekend op het E-peil, waardoor ze aan meer voorwaarden moeten voldoen. Uiteindelijk komt dat op hetzelfde neer.” Ook het aantal gesloopte woningen blijft laag, ongeveer 4.300 in 2019, al is dat aantal wel verdubbeld sinds 2013.

Construction Photography/Avalon

Verplichtingen

Om meer renovaties te stimuleren, mikt Vlaanderen nu op het moment dat een woning wordt verkocht of verhuurd. Er wordt “van uitgegaan dat de woningen minstens tot een label C worden gerenoveerd binnen de 5 jaar na overdracht”, staat in het Vlaams Energie- en Klimaatplan.

Vlaams Energieminister Demir wil ook een stevige vereenvoudiging doorvoeren: "De komende jaren hoopt de Vlaamse regering een inhaalbeweging van de vereenvoudiging in te zetten, door procedures te vereenvoudigen en ook eenvoud te brengen in het uitgebreide landschap van premiestelsels. Mijn diensten werken daar alvast aan." Uiteindelijk wil de minister tot één "woningrenovatiepremie" komen, en "renovatiecoaches" opleiden.

Nu zijn er wel financiële stimuli, zoals de korting op de onroerende voorheffing, maar ik denk dat er in de toekomst meer verplichtingen en strikte eisen nodig zullen zijn

Arnold Janssens, hoogleraar bouwfysica

Volgens Janssens zal er echter meer nodig zijn. “Op termijn denk ik dat men verder zal moeten gaan, als men het gebouwenpark klimaatneutraal wil maken. Nu zijn er wel financiële stimuli, zoals de korting op de onroerende voorheffing, maar ik denk dat er in de toekomst aanvullend meer verplichtingen en strikte eisen nodig zullen zijn.” 

*Het gemiddelde E-peil voor appartementen in 2018 is nog erg voorlopig.

Bekijk hier het verslag uit “Het Journaal”:

Video player inladen...

Meest gelezen