"Zo braaf dat "Rapper’s delight" was. De agressie in de rapmuziek is pas jaren later gekomen"

40 jaar geleden was er geen ontsnappen aan, zeker niet in Vlaanderen en Nederland, waar tieners probleemloos "I said a hip hop, hippie to the hippie, the hip, hip a hop, and you don’t stop" of "Bang bang, the boogie to the boogie, say up jump the boogie to the bang bang boogie" konden meezingen. Nu, zingen was misschien niet het juiste woord voor "Rapper’s delight" van het Amerikaanse trio (The) Sugarhill Gang. Het nummer wordt nog altijd beschouwd als het eerste grote commerciële rap-succes en legde de basis voor de hiphop die sindsdien uitgegroeid is tot een van de dominantste muziekgenres wereldwijd.

(The) Sugarhill Gang bestond uit Michael 'Wonder Mike' Wright, Henry 'Big Bank Hank' Jackson (die in 2014 op 58-jarige leeftijd overleed) en Guy 'Master Gee' O’Brien. Alle 3 werden ze in New York 'ontdekt'. Van hun debuutsingle "Rapper’s delight" werden miljoenen exemplaren verkocht. Top 5-noteringen waren er onder meer in Vlaanderen, Nederland, Zweden, Canada, Groot-Brittannië en Zuid-Afrika.

Master Gee: "Nadat ik iemand ritmisch doorheen een microfoon had horen praten, wilde ik dat ook doen. Ik ben dan als dj beginnen werken, inclusief het rappen. Maar verder dan op feestjes gebeurde er niets mee. Niemand dacht dat daar commercieel iets bij te winnen viel. Tot Sylvia Robinson, die begonnen was met een eigen hiphoplabel, namelijk Sugar Hill Records, besloot om het rappen op plaat te zetten. Ze zocht naar plaatselijk talent en vond zo mij, nadat ik in haar auto gerapt had, Big Bank Hank, die in een pizzeria werkte en rapte als ontspanning, en Wonder Mike. Omdat ze niet tussen ons drieën kon kiezen, heeft ze ons maar allemaal samengezet." (The Guardian, mei 2017)

Wonder Mike: "Nadat ze ons alle 3 had horen rappen, zei Sylvia: "Drie is mijn favoriete getal." We zijn dan alle 3 naar de opnamestudio mogen afzakken." (Moo Kid Music, juni 2016)

Master Gee: ""Good times" van Chic was een ideaal nummer om op te rappen met zijn geweldige ritme. Zo werd het nummer de basis van ons lied. Ook al was Nile Rodgers van Chic aanvankelijk niet zo blij met onze aanpak, maar daar denkt hij nu anders over. Hij is er dan ook rijkelijk voor betaald." (The Guardian)

"Nile Rodgers had niet echt zijn toestemming gegeven. Hij is dan ook erg boos geworden en dreigde met een vette rechtszaak waardoor we allemaal aan de bedelstaf zouden raken. Maar uiteindelijk zijn we tot een overeenstemming gekomen en is hij betaald geworden." (Hiphop In Je Smoel, maart 2008)

Wonder Mike: "Tijdens de opnames liet men ons volkomen vrij in het rappen. Een deel was vooraf gepland, een deel helemaal spontaan. "Now what you hear is not a test, I’m rappin’ to the beat", had ik bijvoorbeeld in een sciencefictionserie gehoord, eraan toevoegend, omdat ik iedereen bij het nummer wilde betrekken: "I’d like to say hello to the black, to the white, the red and the brown." Uiteindelijk hebben we een 20-tal minuten gerapt in de studio, waarvan we dan een 15-tal minuten overgehouden hebben." (The Guardian)

"Toen ik over de tekst nadacht, had ik er geen idee van dat het lied bekender zou worden dan pakweg New York. Toch hoopte ik dat, als het populair zou worden, men wist waarmee we bezig waren. Daarom wilde ik ook uitleg geven en duidelijk maken dat rapmuziek voor iedereen toegankelijk moet zijn." (Moo Kid Music)

Toen de opnameband vol stond, moesten we wel stoppen

"De zin "Hip hop, hippie to the hippie, to the hip hip hop and you don’t stop" had ik gehoord van een neef en mijn liefde voor de letter 'b' maakte een zin als 'To the bang-bang boogie, say up jump the boogie to the rhythm of the boogie, the beat.'' (The Guardian)

Master Gee: "Mike rapte het eerst, dan Hank en ik was de laatste. We gaven gewoon de micro aan elkaar door. En we bleven maar gaan. Steeds weer de micro aan de andere gevend. We hadden geen benul van opnametechnieken en lieten ons niet beïnvloeden door de tijd. Toen de opnameband vol stond, moesten we wel stoppen." (Moo Kid Music)

Wonder Mike: "Toen het nummer een hit was, leidde dat tot hysterische taferelen van fans. Zo moesten we bijvoorbeeld tijdens een handtekeningensessie via de achterdeur een platenzaak verlaten. Alsof we even populair waren als The Beatles." (The Guardian)

Toch was niet iedereen tevreden met het succes van (The) Sugarhill Gang, vooral omdat de 3 leden nauwelijks tot geen ervaring hadden in het rapwereldje. Echte rappers, vooral uit de Bronx, voelden zich bestolen. Maar het feit dat het nummer een wereldhit werd, veranderde alles voor rappers waar dan ook. Dat ook met deze vorm van muziek commercieel kon gescoord worden, bleek voor velen uiteindelijk een verademing. Master Gee: "Uiteindelijk is rap een van de hiphopvormen die is ontstaan vanuit de wens om juist uit het getto te breken door middel van hard werken aan jezelf en door de hiphopdiscipline die je je eigen hebt gemaakt. Dan zou je toch wel gek zijn om in het getto te blijven rondhangen, alleen omdat 'men' vindt dat je slechts op die plek 'for real' kan zijn!" (Hiphop In Je Smoel)

Wonder Mike: "In de beginperiode was rap erg braaf. Er zat geen expliciete boodschap in. Het ging niet over bijvoorbeeld agressie tegen politieagenten. Die dingen zijn veel later gekomen. Bij ons ging het puur om het plezier. Een beetje opscheppen zonder daarbij meisjes te moeten imponeren." (NPR, december 2000)

In Vlaanderen stond "Rapper’s delight" in de eerste 3 maanden van 1980 alvast 9 weken in de top 10. In de eindafrekening van 1980 bekleedde de plaat de 16e plaats, net voor ABBA’s "I have a dream":

Meest gelezen