Is Afrika klaar voor corona?

Hamsteren en lockdown: het zijn twee begrippen die volgens ondernemer Halewijn Timmerman voor de overgrote meerderheid van de Senegalese bevolking ondenkbaar zijn. Hij vreest een strijd van de sterksten, en vooral de rijksten,  wanneer het coronavirus zich massaal zou verspreiden in Senegal. Hetzelfde lot wacht ook andere Afrikaanse landen.

opinie
Halewijn Timmerman
Halewijn is mede-oprichter van een sociale onderneming EFAST -Entrepris Ferme Agricole Sagne et Timmerman- en boer in Senegal.

Wanneer je door de straten loopt in Koalack met je witte knikker en rood aangelopen wangen, is het niet ongebruikelijk dat je van alle kanten het woord toubab naar je hoofd geslingerd krijgt. Met die realiteit zal je moeten gaan, werd me vijf jaar geleden verteld in de lessen intercultureel samenwerken. Om de politieke correctheid over het dekolonialiseringslexicon ook in tijden van corona te respecteren moeten we toubab interpreteren als ‘de identificatie van een witte medeburger uit het westen’.

Het woord kent zowel veel negatieve als weinig positieve connotaties. Het onderstreept nogmaals de afhankelijkheidsrelatie en een superioriteit in het nadeel van zij die het uitspreken. Het tovert bij aankomst in het land ‘Afrika’ een glimlach op je gezicht maar kruipt al snel onder je huid. Het legitimeert een expatcommunity, een woord dat ik sinds enige tijd alleen maar kan catalogeren als zuiver racisme – en dat uit de mond van een wit gepriviligeerde man in deze ‘black lives matters month'. Ik vecht tegen het woord maar zal de strijd niet winnen.   

Sinds enkele dagen heeft Senegal mijn geliefkoosde toubab her en der ingeruild  voor ‘corona’ om iemand met een witte knikker te definiëren.

Sinds enkele dagen heeft Senegal mijn geliefkoosde toubab her en der ingeruild  voor ‘corona’ om iemand met een witte knikker te definiëren. Na vijf jaar in een Senegalees gezin gewoond te hebben, kan en mag ik toch – met enige fierheid - zeggen dat ik iets snap van intercultureel samenleven, integratie, stereotypering en beeldvorming.

Ook de Senegalese realiteit wordt kind van zijn context moet ik hier vaststellen. Evengoed als generaliserende uitspraken en artikels in de Belgische media als ‘Is Afrika klaar voor corona?’ dit ook zijn. Waarbij men vergeet dat het Afrikaans continent 54 landen telt met zeer specifieke contexten en immense verschillen tussen de landen.

Is Senegal klaar voor Corona? Als sociaal ondernemer in de landbouw - lees: ‘boer’- woon en werk ik al enkele jaren in de informele economie in Senegal in Kaolack. De realiteiten en dynamieken die eigen zijn aan deze economie – de grootste van de wereld – in combinatie met de culturele Senegalese identiteit, gebieden mij te zeggen dat een ongeziene catastrofe op Senegal afkomt, indien het coronavirus even besmettelijk is in deze klimatologische realiteit als die in België.

Een ongeziene catastrofe komt op Senegal af indien het coronavirus even besmettelijk als in België

De rijken zullen overleven

Ontegensprekelijk kunnen de gezondheidsstructuren een uitbraak zoals in Italië en andere Europese landen niet aan. Het gebrek aan capaciteit in al zijn vormen of simpelweg ziekenhuisbedden zou hier betekenen dat zij die een bed kunnen betalen, behandeld worden. Geen geheel ridicule denkoefening in een land waar slechts 5 procent een vorm van formele sociale bescherming heeft en slechts 4 procent een bankrekening.

Een survival of the richest. Een survival van expats en hommes d’affaires en de bovenste laag van de elitaire klasse boven de boeren en hardwerkende onderlaag die het leeuwendeel van de maatschappelijke motor draaiende houden. Cynisch genoeg bespaart dit ons – op de korte termijn – de ethische denkoefening die vandaag Italië voert over welke gevallen we nog behandelen en welke niet.

Laten we even een copypaste maken naar Senegal van wat we in België hebben zien gebeuren als de angst voor eigen levensonderhoud in het gedrang komt. Afgezien van het feit dat de Bregmanniaan in mij ook gelooft dat crisissen het beste in mensen naar boven haalt, zullen er toch heel wat onvoorspelbare scenario’s en dynamieken de kop op steken. 

 Cynisch genoeg bespaart dit ons de ethische denkoefening die vandaag Italië voert over welke gevallen we nog behandelen en welke niet

Hamsteren en lockdown dus. Twee begrippen die voor de overgrote meerderheid van de Senegalese bevolking ondenkbaar zijn. De informele economie hier wordt gekenmerkt door ‘korte termijn’, een fenomeen dat een resem spillovereffecten kent die een crisis niet zullen overleven.

Neem nu ‘kortetermijnaankopen’. Het gemiddeld maandinkomen van een Senegalees is 170 euro (de immens hoge gini-coëfficient die de inkomensongelijkheid weergeeft even buiten beschouwing gelaten). Hiervan wordt elektriciteit, water, eten, schoolgeld, kleren, dokterskosten enzovoort betaald. Op het einde van de maand gaat de Senegalees niet naar de bank om de spaarrekening te spijzen maar gaat hij lenen in de wijk en moet hij alweer de hand uitsteken naar hulp in zijn sociale netwerk.

De ingrediënten van een maaltijd worden dag per dag aangekocht. De kinderen van de huishoudens worden als echte keukensoldaten met 50 of 100 CFA in hun handje om de twee minuten uitgestuurd naar de lokale kruidenier om snel nog achter 20 CL bakolie, een zakje peper of een blik tomatenpuree te gaan. Niet omdat iedereen zijn dagen graag slijt bij de kleine kruideniers, wel omdat grote aankopen niet tot de mogelijkheid behoren. 

Winkels, rijstdepots, apothekers en supermarkten zullen in een mum van tijd leeggekocht zijn

Ook hangt Senegal ongeveer voor meer dan de helft van zijn goederen en etenswaren af van het buitenland. Hamsteren lijkt hier dan ook een luxeprobleem en zal zowel langs de kant van de consument als van de producent bijna onmogelijk zijn. Toch zal deze reactie ook hier niet uitblijven en zullen alle boutiques en rijstdepots, pharmacies en supermarkten in een mum van tijd leeggekocht zijn. Met alle gevolgen vandien.

De gegoede Senegalese burger heeft ook in dit verhaal weer meer kans op overleven. Al is er nog altijd het cultsymbool van de nationale identiteit, ‘de senegalese gastvrijheid’ die we moeten verstaan als een doorgedreven informeel solidariteitssysteem. Herverdeling zal dus ontstaan en zolang er rijst is, zal er leven zijn. Toch kent ook deze samenleving die overwoekerd is van collectivisme een individualistische neiging tot zelfbehoud. En als het echt erger wordt, weten we ook hier dat hulp zal komen. Want zo hoort het, niet? Benieuwd hoe sterk deze fundamenten zijn in crisistijd.

Een lockdown in Senegal is dit realistisch?

Ook de Senegalese overheid neemt drastische maatregelen om het virus in te dijken. Scholen, universiteiten en het luchtruim gaan dicht, op televisie toont Macky Sall – de president- in hoogsteigen persoon via een videoboodschap van algemeen nut hoe een correcte handwas eruitziet. Ook publieke samenkomsten worden sterk afgeraden. In weze gaan de maatregelen hun doel wat voorbij. Zo zie je op deze moment gewoon meer kinderen op straat spelen omdat de schoolpoorten dicht zijn en zie je meer blokken zeep bij de ingang van publieke gebouwen liggen. Veel is er ‘besmettingsgewijs’ dus niet veranderd.

Wanneer de Senegalese bevolking verplicht zal worden om thuis te blijven en aan ‘teleworking’ te doen, zal de overgrote meerderheid van de gezinnen van de ene dag op de andere geen geld meer hebben om hun dagelijkse inkopen te doen voor eten. Het sociale leven en de lijfelijke interactie vormen zowat 90% van het economisch bestel hier. De vraag is waar de kosten-batenanalyse van de Senegalees zal liggen? Het risico nemen om besmet te raken of het risico nemen om niet te kunnen eten?

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.

Meest gelezen