De coronacrisis bracht even eenheid, maar op het politieke schaakbord worden de pionnen alweer klaargezet

De coronacrisis heeft heel even eenheid gebracht in politiek België, ziet Wetstraatwatcher Ivan De Vadder, terugblikkend op de afgelopen weken. Maar dat heeft niet lang geduurd: de eerste kiemen voor nieuwe politieke conflicten worden alweer gezaaid. In Antwerpen, bij burgemeester en N-VA-voorzitter Bart De Wever, klinkt er tandengeknars en aan de overkant van de taalgrens zit de PS aan de poten van de stoel van federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) te zagen.

De coronacrisis is niet het moment om politieke spelletjes te spelen. Dat beseffen ook de politieke leiders, die hun harde kritiek voor een keer sparen. N-VA-voorzitter Bart De Wever zei vanochtend bijvoorbeeld dat hij geen oppositie voert omdat dat zuur zou overkomen. SP.A-voorzitter Conner Rousseau zei in “De afspraak op vrijdag” ook al dat dit geen tijd is voor politieke spelletjes.  

Zodoende hebben de oppositiepartijen de minderheidsregering volmachten gegeven om de coronacrisis te kunnen aanpakken.  “Die regering werkt, omdat ze moet werken, maar het is niet evident”, merkt Ivan De Vadder op.

“Tegelijkertijd zie je dat de politieke spelletjes door de aard van het beestje toch weer opduiken”, stelt De Vadder vast. Twee voorbeelden: de aanval langs Franstalige kant op minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) enerzijds en anderzijds de onvrede bij Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten en SP.A-voorzitter Rousseau over de “sheriff”-stijl van minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) om overtredingen van de coronamaatregelen met harde hand te beteugelen.

Spookvoorstellen

Hoewel de N-VA zich relatief gedeisd heeft gehouden, uit partijvoorzitter De Wever vandaag zijn ongenoegen over de onduidelijkheid van de regels om het coronavirus in te dammen. De Vadder: “Dus toch lichte kritiek op de aanpak van de superkern”, de vergadering waarop de regering de leiders van de partijen uitnodigt.

De verschillende partijen zitten tijdens die superkern samen rond de tafel om de aanpak van de crisis te bespreken, maar zodra iedereen van de tafel is weggegaan, ziet Ivan De Vadder dat het politieke spel weer opduikt.

Dat gebeurt door in de media een aantal “spookvoorstellen” te lekken om de publieke opinie te bespelen: een premie voor de mensen die op dit moment in de zorgsector aan het werken zijn of een overmachtwet waardoor een aantal contracten verbroken zouden kunnen worden, zoals sponsorcontracten bij evenementen. Maar geen van die voorstellen heeft het al gehaald. 

Het idee dat de regering vertrokken is, ziet men bij de N-VA met lede ogen aan

“De coronacrisis heeft iedereen eventjes in een eenheid geduwd, maar die is nu stilaan achter de rug”, ziet De Vadder. “Eigenlijk is men al aan de toekomst aan het denken.” Je hoort het knarsetanden in Antwerpen, bij Bart De Wever: “Het idee dat de regering goed vertrokken is, ziet men bij de N-VA met lede ogen aan.” 

Het moet frustrerend zijn dat niet Bart De Wever of Jan Jambon als premier het volk toespreekt, maar Sophie Wilmès (MR), die door de nieuwswebsite Politico de conciërge van België werd genoemd.

Bovendien leeft in Franstalig België het idee dat men de volgende regering eigenlijk al zo goed als gevormd heeft: de zogenoemde Vivaldi-coalitie, met de socialisten, groenen, christendemocraten en liberalen, maar zonder de N-VA. Daarbij aast de PS op de ministerportefeuille van Maggie De Block, om die post terug naar de Franstalige socialisten te halen, vandaar ook de kritiek op haar beleid. 

“Dus je voelt het: de pionnen worden nu al klaargezet voor wat er na de coronacrisis zal gebeuren”, besluit De Vadder. 

Beluister hier de volledige analyse van Ivan De Vadder in "De ochtend" op Radio 1:

Meest gelezen