Ondanks solidariteit van buren speelt zich in mijn wijk een coronadrama af

Wim Vermeersch woont in de Brugse Poort in Gent, een volkswijk met een armoedeproblematiek. Voor veel van zijn buren zijn de steunmaatregelen onvoldoende om heelhuids door de coronacrisis te raken.

opinie
Wim Vermeersch
Hoofdredacteur Samenleving & Politiek

Zes jaar woon ik ondertussen met mijn gezin in de Brugse Poort-Rooigem, een 19e eeuwse arbeiderswijk in Gent. Afgezien van de verkeersonveiligheid, wonen we er graag. Dicht bij het centrum en dicht bij het natuurreservaat Bourgoyen. Er gebeuren leuke dingen, het nieuwe café op het naburige pleintje brengt leven in de brouwerij en het binnengehaalde Burgerbudget voor centen om het pleintje zelf op te knappen en te onderhouden.

Jonge middenklassengezinnen vinden hier een nog relatief betaalbare stadswoning. Tegelijk blijft Brugse Poort-Rooigem een gekleurde achterstandswijk. Hier woont het derde hoogste aantal rechthebbenden op leefloon in Gent, mogen slechts 57% van de wagens de LEZ-zone in en heeft 35% van de belastingplichtigen een netto jaarinkomen onder de 10.000 euro.

Achter de gesloten voordeur voltrekken zich drama’s

Er heerst een vreemde sfeer. Hoewel de dagen lengen, gaan de rolluiken nog steeds even vroeg naar beneden. In mijn straat hoor ik weinig handgeklap om 20u, slechts hier en daar staan beertjes voor het raam, er wappert 1 wit laken uit het raam. Niet dat mijn buren niet solidair zouden zijn of dat ze geen appreciatie zouden hebben voor iedereen die in de vuurlinie staat. Integendeel. Maar iedereen zit in overlevingsmodus, zo lijkt het.

Achter de gesloten voordeur voltrekken zich drama’s. Mensen die in armoede leven of weinig reserve hebben, komen aan de verkeerde kant terecht. Het is bukken, de kop in de kas en hopen dat het virus snel passeert. Toch is er overdag best veel volk op het naburige pleintje. Bij momenten te veel volk om veilig te zijn.

Elke dag zie ik hetzelfde jongetje. Hij moet zo’n 4 jaar zijn. Altijd in dezelfde kleren, altijd met een bal in de hand en een glimlach op het gezicht. Zijn mama tokkelt verveeld op haar gsm. In de Brugse Poort-Rooigem dateren zeven van de tien woningen van voor 1940. Huizen hebben vaak hooguit een koertje, waar dan nog eens de vuilzakken of de kattenbak staan. Buiten dus, op het pleintje. Ook al is de basketring afgeplakt door de politie.

Het is bukken, de kop in de kas en hopen dat het virus snel passeert

Het is op datzelfde pleintje dat ik mijn buurvrouw tegen het lijf loop. Ze is een alleenstaande mama met twee kinderen en een 4/5de job. Een sterke en slimme vrouw, maar wat verkeerde keuzes gemaakt en wat tegenslag gehad. We praten op 1 meter afstand. Wantrouwig bijna, ondanks onze goede band. ‘Daarnet plakte ik mijn kinderen bijna tegen de muur. Ik moest naar buiten’, zucht ze. ‘Ik wil niet weten hoeveel ouders zelfmoordneigingen hebben tijdens deze lockdown’.

Plots denk ik aan Wouter Beke – noem het beroepsmisvorming, ik werk nu eenmaal voor een politiek maandblad – en de 50.000 euro die hij vorig jaar nog afpitste van het budget voor zelfmoordpreventie. Het lijkt een maatregel uit lang vervlogen tijden. Vandaag is er wel geld, veel geld. Geld dat er de voorbije jaren nooit was om de armoede aan te pakken of de noden in onze gezondheidszorg te lenigen.

Vandaag is er wel geld, veel geld. Geld dat er de voorbije jaren nooit was om de armoede aan te pakken of de noden in onze gezondheidszorg te lenigen

Ik besluit er niets over te zeggen. Geen politiek. We praten over hoe we de dagen met onze kinderen doorkomen. ‘Drie maaltijden per dag maken valt me zwaar’, zucht ze. Ze geeft toe hoe gemakkelijk het voorheen was; elke dag toch tenminste één gezonde maaltijd op school. Plots dropt ze de bom, achteloos bijna: ‘Eigenlijk verandert er voor mij niet zo veel; ik leef al járen in quarantaine’.

Ik weet even niet wat zeggen. Ik besef uiteraard dat ze het niet breed heeft, maar toch verrast haar uitspraak me. ‘Nog een geluk dat ik recht heb op de Uitpas van Stad Gent, anders zou ik echt nooit buitenkomen’. Ze ziet mijn blik, maar mijn medelijden wil ze niet: ‘Geen zorgen hoor. De laatste tijd gaat het veel beter’. Niet toevallig heeft ze sinds kort een nieuwe vriend en zijn er opnieuw twee lonen om van te leven. Maar – het leven is niet te voorspellen – ze is weer zwanger; 41 jaar en een derde kind onderweg. Pril geluk. Maar op een manier ook terug naar start.

Het lijkt wel een constante: voor bedrijven en ondernemingen is er de overheid, voor mensen in armoede de burgersolidariteit

De verschillende overheden nemen vandaag een batterij aan maatregelen om een economische crisis te vermijden. Bedrijven en ondernemingen worden met hinderpremies ondersteund. Mensen die technisch werkloos worden, krijgen een tijdelijke uitkering uitzonderlijk gelijk aan 70% van het loon.  De overheid sluit akkoorden met de bank- en verzekeringswereld zodat huiseigenaars uitstel kunnen krijgen voor de afbetaling van hun lening en schuldsaldoverzekering. Ik juich al deze maatregelen toe, ze zijn nodig. 

Tegelijk besef ik dat veel van die maatregelen niet of nauwelijks van toepassing zijn voor de mensen in mijn straat. Mijn buurvrouw betaalt meer dan 800 euro huur, zo weet ik. Na haar scheiding is ze blijven wonen in een huis dat eigenlijk te groot en te duur is. Voor haar geen mogelijkheid tot uitstel van betaling. Daarvoor is het rekenen op de goodwill van de huisbaas.

Het lijkt wel een constante: voor bedrijven en ondernemingen is er de overheid, voor mensen in armoede de burgersolidariteit. Die burgersolidariteit is enorm en hartverwarmend. Het ‘Gents solidariteitsfonds voor moeilijke tijden’ kan de stortingen niet bijhouden. We moeten dit vasthouden. Toch zal dit niet verhinderen dat er zich in alle stilte een drama voltrekt in mijn wijk. De Brugse Poort-Rooigem is in lockdown, maar veel van haar inwoners zitten al langer dan vandaag in quarantaine.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.