AFP or licensors

"Verschrikkelijk als we mensen hadden kunnen redden": prof ethiek Devisch over 4 op 10 coronadoden in zorgcentra

40 procent van de mensen die sterven aan het coronavirus, overlijden in een woonzorgcentrum. Dat blijkt nu het totaal aantal overlijdens voor het eerst wordt opgedeeld tussen ziekenhuizen en woonzorgcentra. In Vlaanderen sterft zelfs 45 procent van de coronadoden in een woonzorgcentrum. Dat is tien procent meer dan in Brussel en Wallonië, maar zij rapporteren wel veel slechter. “Het is verschrikkelijk als zou blijken dat we nog mensen hadden kunnen redden”, zegt professor medische ethiek Ignaas Devisch (UGent).

De woonzorgcentra staan al de hele week op scherp in de coronaberichtgeving. Eerst sprak de koepel van “chaos” omdat maar in één op de tien Vlaamse woonzorgcentra kon worden getest. Gisteren bleek dan nog eens dat er in verschillende centra dikke keelstaafjes in de neus van bewoners werd gestoken, omdat de federale overheid foute handleidingen bij die tests had afgeleverd. 

40 procent sterft in woonzorgcentrum

De cijfers die vandaag publiek worden gemaakt, komen dan ook hard aan: 40 procent van de mensen die sterven aan het coronavirus, overlijdt in een woonzorgcentrum en wordt dus niet meer naar het ziekenhuis overgebracht voor een behandeling.

De cijfers in Vlaanderen zijn nog hoger: 45 procent van de Vlaamse coronadoden sterft in een woonzorgcentrum, tien procent meer dan in Brussel en Wallonië. 

Het is voor het eerst dat we die verdeling kennen tussen het totaal aantal overlijdens in ziekenhuizen en woonzorgcentra. Dinsdag werd nog vaag gecommuniceerd door minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) over de overlijdens in de woonzorgcentra. Het cijfer kan nog verder evolueren, want in 12 Vlaamse woonzorgcentra zijn de cijfers nog steeds niet nagekeken. 

De cijfers doen de wenkbrauwen fronsen, zeker nadat op 24 maart bekend raakte dat geriaters aanraden om “hele zwakke mensen” niet meer naar het ziekenhuis te brengen. “Het is menswaardiger om hen te laten overlijden in een voor hen vertrouwde omgeving”, zei professor geriatrie Nele Van de Noortgate daarover. Wordt die richtlijn nu te soepel toegepast? 

Mocht blijken dat er oudere mensen sterven doordat we ze onterecht niet meer doorsturen naar ziekenhuizen, dan hebben we een echt probleem

Ignaas Devisch, professor medische ethiek

"Mocht blijken dat er oudere mensen sterven doordat we ze onterecht niet meer doorsturen naar ziekenhuizen, dan hebben we een echt probleem", zegt professor medische ethiek Ignaas Devisch (UGent). "Maar ik heb vertrouwen in de richtlijnen van de geriaters."

"In Nederland denkt men bijvoorbeeld over een leeftijdsgrens, waarna men niet meer wordt behandeld. Daar ben ik het niet mee eens. Maar de tijdsdruk en de druk op het systeem is ook bij ons groter. De kans dat er nu sneller conclusies worden gemaakt, ligt onvermijdelijk hoger."

Devisch ziet vooral problemen bij de coördinatie. "De centra zijn er niet op voorzien om die bijkomende zorg op zich te nemen, met onvoldoende mankracht en te weinig expertise. De kans is groot dat daar op Vlaams niveau te weinig is afgestemd. De complexe structuur van ons land doet daar ook geen goed aan. Daar pleit ik alvast voor eenvormig beleid."

AFP or licensors

Vlaamse cijfers nog hoger

Dan is nog de vraag waarom de cijfers in Vlaanderen tien procent hoger zijn dan die in Brussel en Wallonië. Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) ligt al de hele week onder vuur over het beleid in Vlaamse woonzorgcentra, maar Beke verdedigt dat hij snel schakelde en al op 11 maart een bezoekverbod invoerde. Hij schermde in het Vlaams Parlement ook met een tienpuntenplan.  

Mogelijk speelt het mee dat er in Brussel en Wallonië slechter wordt gerapporteerd. Uit een betrouwbare politieke bron kreeg onze redactie daarover gedetailleerde cijfers. In Vlaanderen geeft dagelijks meer dan 90 procent van de woonzorgcentra cijfers door. In Wallonië is dat gemiddeld  75 procent, in Brussel zelfs maar 65 procent, en wie cijfers doorgeeft, wisselt ook sterk. 

Devisch wil daarom voorzichtig zijn om definitieve conclusies te trekken. Misschien weten we wel nooit of er ouderen gered hadden kunnen worden. “Zegt dit iets over onze mentaliteit ten opzichte van ouderen? Misschien wel. Je hebt culturen waarin oudere mensen net meer respect krijgen. Je krijgt een beeld van een groep mensen die op de dood zitten te wachten. Dat hoort niet, maar is het gevolg van maatschappelijke keuzes. Dit toont alvast dat we niet klaar zijn met onze ouderen.” 

Je krijgt een beeld van een groep mensen die op de dood zitten te wachten. Dat hoort niet, maar is het gevolg van maatschappelijke keuzes

Ignaas Devisch, professor medische ethiek