Mary Mallon (onderaan in beeld)

"Typhoid Mary": het tragische verhaal van "superverspreider" Mary Mallon

Uit tests in laboratoria blijkt dat veel patiënten die nu met het coronavirus zijn besmet een bijzonder hoge lading virusdeeltjes in zich dragen. Zij zijn mogelijk "superverspreiders", mensen die (ongewild) veel anderen aansteken. Dit fenomeen kan ook bij andere infectieziektes opduiken. Een van de meest legendarische gevallen die ooit zijn gedocumenteerd, was dat van "Typhoid Mary". Dit is haar verhaal.

Oyster Bay op Long Island in de VS, augustus 1906. Een rijke bankiersfamilie uit New York die een zomerresidentie heeft gehuurd voor een vakantie samen met haar bedienden, beleeft een nachtmerrie: zes van de elf bewoners van het huis hebben buiktyfus opgelopen, een infectie aan de darmen veroorzaakt door een salmonellabacterie. In een tijd waarin van antibiotica nog geen sprake is, is buiktyfus zonder meer een gevaarlijke ziekte. Tot een kwart van de patiënten overleeft het niet.

De eigenaar van het huis begrijpt niet dat zijn welgestelde gasten precies aan buiktyfus ten prooi zijn gevallen. Die ziekte waart vooral rond in arme delen van de bevolking die vaak in onhygiënische omstandigheden wonen en werken. Oyster Bay is een oord van en voor de upper class. Mocht het stadje plots bekend gaan staan als broeihaard, dreigt die weg te blijven. De eigenaar huurt daarom ene George Soper in om de zaak te onderzoeken.

Mary Mallon

Soper is een gezondheidsexpert die in opdracht van de staat New York regelmatig uitbraken van ziektes onderzoekt, met name die van buiktyfus. In 1906 alleen al zijn meer dan 600 mensen in New York aan de gevolgen van die infectie bezweken. Soper heeft hierdoor veel ervaring en richt zijn aandacht in Oyster Bay meteen op Mary Mallon, een vrouw die een poosje als kok in dienst was in de zomerresidentie van de rijke bankiersfamilie en die intussen met de noorderzon is vertrokken.

Mallon is op 23 september 1869 geboren in Cookstown, een van de armste plekken in wat vandaag Noord-Ierland is. In de jaren 80 van de 19e eeuw migreert ze naar de VS waar ze even bij familie verblijft. Al snel vindt ze werk als kok bij welgestelde huishoudens. Ze blijft nooit lang, maar trekt van gezin naar gezin in en rond New York.

Mary Mallon (links op de foto).
Credit: Science Source

Gezonde drager

Soper trekt de handel en wandel van Mallon na en ontdekt dat in de huishoudens waar ze sinds 1900 heeft gewerkt, alles samen 22 mensen buiktyfus opliepen. Tegen de tijd dat de ziekte opdook, was ze telkens alweer verdwenen. Dat leidt Soper tot een conclusie: Mallon is de oorzaak van de besmettingen. Hij vermoedt dat ze een zogenoemde gezonde drager is, een nieuwe en visionaire veronderstelling voor die tijd. Een gezonde drager is iemand die ziektekiemen heeft en die kan doorgeven, maar die zelf weinig of zelfs helemaal geen symptomen heeft.

Blijft de vraag hoe ze de families voor wie ze werkt precies heeft besmet. Ze is dan wel een kok, de salmonellabacterie die buiktyfus veroorzaakt, kan hoge temperaturen niet overleven. Het antwoord vindt Soper bij een dessert dat Mallon vaak op zondag serveert: roomijs met verse perziken. Wellicht laat ook haar handhygiëne te wensen over. “Ik kan geen betere manier bedenken om een familie te besmetten”, schrijft hij later.

Vleesvork

Soper gaat op zoek naar Mallon en vindt haar in de winter van 1907 in alweer een nieuw welgesteld huishouden in Park Avenue in Manhattan… waar verschillende mensen buiktyfus hebben opgelopen. Hoewel de dochter des huizes de ziekte niet overleeft, is Mallon zich van geen kwaad bewust. Sterker: wanneer Soper haar benadert met de vraag om een staal urine of stoelgang af te staan, jaagt ze hem weg met een vleesvork.

In de hoop dat een vrouw haar wel tot rede kan brengen, stuurt Soper Josephine Baker op haar af, net als hij een expert in hygiëne en de eerste vrouw die een doctoraat in volksgezondheid behaalt in de VS. Het mag niet baten: ook Baker stuurt Mallon meteen wandelen. “Het tragische aan Mary was dat ze ons niet kon vertrouwen”, tekent ze later op.

Quarantaine (1)

Hierop grijpen de autoriteiten met harde hand in: vijf politieagenten pakken Mallon op en brengen haar tegen haar zin naar een ziekenhuis. Daar ondergaat ze een test die het vermoeden van Soper bevestigt: ze is een gezonde drager van de salmonellabacterie die buiktyfus veroorzaakt. Hoe of waar ze die zelf heeft opgelopen, is niet duidelijk. In elk geval blaakt ze van gezondheid.

Net om die reden begrijpt Mallon niet waarom de gezondheidsdiensten haar viseren. Allicht begrijpt ze het principe van een gezonde drager niet. De autoriteiten laten ook na haar precies uit te leggen wat er juist aan de hand is. Wanneer dokters haar voorstellen om haar galblaas te verwijderen omdat de bacteriën zich daarin schuilhouden, weigert ze dan ook de operatie. Het gevolg is dat New York haar in quarantaine plaatst in het Riverside Hospital op North Brother Island, een piepklein eiland in de East River dat bij de Bronx hoort.

Mallon is razend en begint een juridische strijd tegen de stad om haar vrijheid terug te winnen. In juni 1909 doet ze haar beklag in een brief aan haar advocaat. “Ik ben een peepshow voor iedereen hier”, schrijft ze. “Zelfs de stagiairs komen me bekijken en stellen me vragen over feiten die de hele wereld al kent. De tuberculosemannen zeggen: “Daar is ze, de ontvoerde vrouw”.”

"Typhoid Mary"

De pers heeft zich intussen op haar verhaal gestort. Een krant noemt haar “Typhoid Mary” (“Tyfus Mary”), een bijnaam die blijft hangen wanneer een cartoon van haar verschijnt waarbij ze menselijke schedels als eieren in een pan gooit om die te bakken. In geen tijd groeit ze uit tot een symbool van (en een waarschuwing voor) buiktyfus en andere besmettelijke ziektes.

Toch keert de publieke opinie zich niet helemaal tegen Mallon. Haar geval pookt het debat op over het spanningsveld tussen de vrijheid en de autonomie van een individu en de plicht van de autoriteiten om de volksgezondheid te beschermen. In 1909 brengt ze haar zaak voor het hooggerechtshof. Dat oordeelt in het voordeel van de gemeenschap en het weigert haar vrij te laten.

Mary Brown

In 1910 mag Mallon alsnog uit quarantaine op North Brother Island op gezag van de nieuwe gezondheidscommissaris van New York. Hij laat haar gaan op voorwaarde dat ze nooit nog als kok aan de slag gaat. Met weinig andere vaardigheden en overtuigd dat ze als gezonde vrouw niet de oorzaak van buiktyfus kan zijn, verbreekt Mallon al snel die voorwaarde en duikt ze op verschillende plekken in New York en New Jersey opnieuw de keuken in. Dat doet ze onder de schuilnaam Mary Brown.

De gevolgen laten zich raden: overal waar ze komt, breekt wederom buiktyfus uit. Telkens pakt ze meteen haar biezen waardoor ze jaren onder de radar weet te blijven. In 1915 veroorzaakt ze een nieuwe epidemie in een kraamkliniek in Manhattan. Meer dan twintig mensen geraken besmet en twee onder hen sterven. Mallon slaat opnieuw op de vlucht, maar deze keer krijgt de politie haar te pakken.

Quarantaine (2)

Opnieuw plaatsen de autoriteiten haar in quarantaine op North Brother Island. Daar blijft ze de rest van haar leven. Als een soort celebrity haalt ze af en toe de media. Later gaat ze aan de slag in een laboratorium op het eiland. In 1932 krijgt ze een beroerte die haar grotendeels verlamd maakt. Op 11 november 1938 sterft ze aan de gevolgen van een longontsteking. Ze is 69. 

Alles samen heeft Mallon een kwarteeuw in gedwongen isolatie doorgebracht. 51 besmettingen met buiktyfus en 3 doden zijn met zekerheid aan haar toegeschreven, maar waarschijnlijk liggen die aantallen hoger omdat ze vermoedelijk op veel meer plekken heeft gewerkt (en de ziekte heeft doen uitbreken) dan officiële documenten kunnen aantonen.

De hut op North Brother Island waar Mary Mallon in quarantaine verbleef.

Ethisch vraagstuk

Als “Typhoid Mary” gaat Mallon de geschiedenis in als de eerste vastgestelde gezonde drager van de salmonellabacterie die buiktyfus veroorzaakt in de VS, maar vooral als een legendarische superverspreider van een besmettelijke ziekte.

Tegelijk is ze volgens velen een slachtoffer van de opvattingen van haar tijd, met wetgevers die haar rechten als individu compleet negeren in het algemeen belang en dokters die haar meer als een interessant proefkonijn dan als een mens benaderen. In die zin is haar verhaal vandaag nog altijd een ethisch vraagstuk in het gezondheidsdebat.

Opvallend: bij haar dood is Mallon al lang niet meer de enige vastgestelde gezonde drager. In New York alleen al wonen intussen honderden zulke mensen, terwijl de autoriteiten geen van hen in quarantaine plaatsen. Waarom zij wel in isolatie moet leven en sterven, blijft onduidelijk. Sommigen zoeken het antwoord in haar ongewenste afkomst: ze is een vrouw, ze is arm en ze is een migrant uit Ierland met kind noch kraai.

Op 3 februari 2020 kwam het verhaal van "Typhoid Mary" ook in "De wereld van Linde" op Radio 1 aan bod. Hieronder kunt u het herbeluisteren:

Credit: Science Source

Meest gelezen