Medewerkers Ziekenhuis Oost-Limburg blijken nauwelijks méér besmet met coronavirus dan rest bevolking

Ziekenhuismedewerkers lopen amper meer risico om besmet te worden met het coronavirus dan de rest van de bevolking. Dat is de voorzichtige, maar verrassende conclusie van een studie op personeelsleden van het Ziekenhuis Oost-Limburg (ZOL) in Genk. Daarbij werd het bloed van meer dan 3.000 medewerkers op antistoffen gecontroleerd.

Tussen 22 en 30 april namen 3.056 werkzame medewerkers, artsen, vrijwilligers en studenten vrijwillig deel aan een pilootproject om antistoffen voor COVID-19 op te sporen via bloedafname. “Van alle personeelsleden die zich lieten testen, bleken 197 mensen antistoffen aan te maken in het bloed”, verduidelijkt dokter Deborah Steensels, microbiologe en virologe in het Ziekenhuis Oost-Limburg (ZOL) in Genk. “We komen dus voorlopig uit op een "seroprevalentie" van 6,4 procent, een percentage dat iets hoger ligt dan dat van de gemiddelde bevolking."

Seroprevalentie slaat op de hoeveelheid mensen die antistoffen tegen een bepaalde ziekte (in deze: COVID-19) in hun bloed hebben. "Midden april bleek dat dit bij de Belgische bevolking 4 procent was", vervolgt Steensels. "Maar het is waarschijnlijk dat het percentage mensen met antistoffen tegen het coronavirus sindsdien weer wat gestegen is in ons land. Zo werd na een analyse op Sciensano-data voor 21 april een percentage van 7 procent seroprevalantie voor mensen jonger dan 65 vastgesteld. Bovendien liggen de cijfers in Limburg hoger dan in andere regio’s. Die provincie werd immers zwaarder getroffen door het virus.”

De enige factor die de kans op antistoffen vergrootte, was contact met een ziek gezinslid
Dokter Deborah Steensels, microbiologe en virologe in het ZOL

De data van het onderzoek tonen aan dat er geen wezenlijk verschil is in seropositiviteit tussen personen die in contact kwamen met patiënten en zij die geen patiëntencontacten hadden. Ook tussen medewerkers die voor COVID-patiënten zorgden en zij die geen contact hadden met COVID-patiënten, zijn de resultaten niet afwijkend. “De enige factor die de kans op antistoffen vergrootte, was contact met een ziek gezinslid", legt Steensels uit. “Uit deze positieve resultaten kunnen we concluderen dat het sterk inzetten op persoonlijke beschermingsmiddelen, social distancing en andere basisinfectiepreventiemaatregelen gewerkt heeft. Deze voorschriften liggen wellicht aan de basis van het feit dat in het ZOL een laag percentage van de medewerkers in contact kwam met het virus.”

Het ZOL zal de resultaten van deze testen gebruiken als nulmeting en ter evolutie van het infectie-, preventie- en controlebeleid. “Het is nog iets te vroeg om deze testen breder in te zetten voor patiënten en andere zorgverleners in de regio. Hiervoor is het wachten op richtlijnen van de overheid, die hopelijk niet lang meer uitblijven”, besluit de virologe. 

Meest gelezen