Radio 2

Oostendse tweedeverblijver Bart Kaëll: “Ik vind het een rare oplossing nu”

Zanger Bart Kaëll mag nog niet naar zijn tweede verblijf in Oostende. Hij vindt de regeling die nu uitgewerkt is vreemd en denkt dat er andere oplossingen zijn om grote massa’s te vermijden.

Bart Kaëll en zijn echtgenoot Luc Appermont hebben al jaren een appartement in Oostende. “Omdat ik in mijn beginjaren bijna elke dag in de zomer optrad aan de kust, kochten we daar een appartement. Oostende is een leuke stad en tegelijk een badplaats.” Heel hard hebben ze de zeebries nog niet gemist: “We hebben het geluk om hier in het Leuvense in een huis te wonen met een tuin. Dat is natuurlijk aangenaam."

De kustburgemeesters proberen het maandag eens te geraken over hoe en tot wanneer ze tweedeverblijvers gaan controleren. Van de nationale veiligheidsraad mogen mensen met een appartement of caravan aan zee ten vroegste pas vanaf 8 juni weer naar de kust.

Enkele dagen wachten

Kaëll is niet van plan om bij groen licht meteen naar Oostende te rijden. “Dat deed ik ook niet als de winkels of containerparken terug openden. Ik ga enkele dagen wachten.” Hij begrijpt dat mensenmassa’s vermeden moeten worden, maar vindt dat er andere oplossingen bedacht kunnen worden. “Kunnen ze mensen niet naar hun tweede verblijf laten gaan, maar dan bij te grote drukte de dijk of het strand afsluiten? Dan kan je toch al eens naar je appartement om de ramen te wassen, het toilet eens te checken of je terras na de winter te poetsen. Want nu vind ik het een beetje een rare oplossing."

Wachten op vaccin

Het koppel Kaëll-Appermont neemt geen enkel risico: “Onze job vraagt sowieso al veel discipline, dus hebben we het daar nu niet zo moeilijk mee. Enkel voor een wandeling of fietstocht in de buurt komen we uit ons kot. Want Luc zit in de risicogroep en ik ook bijna”, lacht hij.

Kaëll ziet zichzelf niet snel weer op een podium staan. “Artiesten gaan pas als allerlaatste hun vak opnieuw kunnen uitvoeren, want wij zingen altijd voor een massa mensen. Ik denk zelfs dat wij gaan moeten wachten met optreden tot er een vaccin is”, besluit hij.

Meest gelezen