Stijn Kolacny van zangkoor Scala: "We kunnen toch niet met een mondmasker zingen?"

Zangkoren zijn volgens vaccinoloog Pierre Vandamme het volmaakt voorbeeld van een risicogroep waarin het coronavirus zich snel kan verspreiden. De “verhoogde transmissie van speeksel” is daar verantwoordelijk voor. Stijn Kolacny van het populaire koor Scala zegt er wakker van te liggen.

“Mensen die samen luidop zingen in een koor staan steeds dicht bij elkaar en brengen een verhoogde transmissie van speeksel tot stand”, zo stelde Pierre Vandamme het in “De Afspraak”.  “Dit is het uitgelezen voorbeeld van de cluster van mensen waarin besmettingen gemakkelijk tot stand worden gebracht.”

Het maakt Stijn Kolacny niet vrolijk. Hij is samen met zijn broer Steven dirigent van Scala, het meisjeskoor dat sinds 1996 wereldfaam heeft verworven. “Ik besef heel goed dat er veel transmissie van speeksel is wanneer een koor zingt”, zegt Kolacny in “De wereld vandaag” op Radio 1. “We kunnen toch niet met een mondmasker zingen?”

Fysieke nabijheid in een koor is een noodzaak volgens Stijn Kolacny. “Je moet dicht bij elkaar staan om elkaar te voelen. Niet fysiek voelen, maar op het vlak van audio. Een koor is opgesplitst in stemgroepen, bassen, sopranen of tenoren. Ze moeten elkaar kunnen horen om samen te functioneren.”

We zitten in een winterslaap

Kolacny zoekt met Scala naar alternatieven. De ervaringen laten echter te wensen over. “We zijn met de jongere groepen gestart met online repetities. We zitten nu in een proefdraaifase. De verschillende snelheden van het internet maken het heel moeilijk. We kunnen alle meisjes zien repeteren, maar horen ze niet. Het is vrijwel onmogelijk iedereen simultaan te krijgen.”

Voor Scala en haar beide dirigenten is het coronareces een zware periode. Stijn Kolacny:  “We zitten in een winterslaap. We missen ontzettend het repeteren, het optreden en vooral de beleving. Dan heb ik het nog niet over tournees. Allemaal samen op reis in een tourbus was voor Scala vanzelfsprekend. Ik kan echt geen positieve boodschap geven. Ik lag daar soms wakker van.”

“En wat nog belangrijker is. Dit geldt ook voor orkesten en voor fanfares. Ook hier musiceren mensen dicht bij elkaar en zijn er risico’s. Waarbij het dan gaat om tienduizenden mensen in Vlaanderen. Het is een sociaal gebeuren dat je niet mag onderschatten. Zolang er geen vaccin is, zal er moeten nagedacht worden over alternatieven. Want anders leg je een heel deel van het verenigingsleven in Vlaanderen plat.” 

Een opera coronaproof maken is uiterst moeilijk

De koorzang in Vlaanderen heeft voorlopig nog geen enkel zicht op een wederopstart. Ook op de podia van operazalen staan er koren, en ook daar heerst de vertwijfeling. De jonge Gentse sopraan Emma Posman klinkt weinig opbeurend:  “Ik mis het zingen enorm. Ik had in een hele drukke periode moeten zitten, terwijl ik nu technisch werkloos ben.”

“Een opera coronaproof maken, dat gaat uiterst moeilijk worden”, vreest Posman. “Operazangers zijn zingende acteurs die onvermijdelijk dicht bij elkaar moeten komen, dicht bij elkaar zingen en elkaar aanraken. Ook het koor en de orkestleden zitten allemaal dicht in elkaars buurt, en dan vergeet ik nog het technisch personeel. Het is een wirwar van mensen, een enorme groep achter en voor het podium. Ik kan alleen maar angstig wachten op het moment dat het weer mag en kan.”

De carrière van Posman kwam in een stroomversnelling toen ze tijdens de Salzburger Festspiele een rol kreeg toebedeeld in “Die Zauberflöte”. Ze put er nog steeds moed uit. Posman: “Ik heb nu meer tijd voor repetitie en kan nu dingen oefenen waarvoor ik anders geen tijd heb. Ik probeer gedisciplineerd te blijven.”