Copyright 2020 The Associated Press. All rights reserved

Later in lockdown, sneller eruit: het verschil tussen Nederland en België? "Te veel variabelen om dat te kunnen bepalen"

Maandag 11 mei versoepelen in Nederland de coronamaatregelen. Daar zal vanaf komende week al iets meer mogen dan bij ons. Staat Nederland ondanks een andere aanpak verder dan België? En hoe komt dat dan? "Het is heel moeilijk om te bepalen wat precies het verschil maakt", zegt de Nederlandse viroloog Ab Osterhaus. "Hoe dan ook houdt een versoepeling van maatregelen een gigantisch groot gevaar in: we mogen niet verslappen of we zijn alles wat we opbouwden heel snel weer kwijt."

Maandag versoepelen in Nederland de coronamaatregelen, net als bij ons. Ze gaan al wel een stapje verder dan hier: een bezoek aan de kapper, de schoonheidsspecialist of de bibliotheek zal vanaf 11 mei al kunnen. Ook kinderen mogen weer naar de opvang en de basisschool. En als alles goed gaat, kan vanaf 1 juni nog een versnelling hoger geschakeld worden: restaurants, cafés, theaters, concertzalen, musea en bioscopen zouden dan weer de deuren kunnen openen.

Nederland ging later in lockdown dan België en gaat er ook sneller weer uit. Ze lijken dus al verder te staan, ook al was hun aanpak anders dan in ons land. "Wat is het verschil, en vooral, hoe komt dat, dat is heel moeilijk te bepalen", vindt de Nederlandse viroloog Ab Osterhaus, die aan de universiteit in Hannover (Duitsland) werkt.

"België ging eerder in lockdown dan Nederland, en de manier waarop was strenger, meer consequent", zegt Osterhaus, die bij aanvang van de crisis die aanpak prees en kritiek had op de laksere houding van Nederland. "Maar je ziet in de cijfers nu geen grote verschillen meer, als je kijkt naar de ziekenhuisopnames en het aantal mensen dat op intensieve zorg ligt, dat is redelijk vergelijkbaar."

Nederland deed het anders dan België, maar toch zijn de resultaten niet opvallend beter in het ene of het andere land. Het is heel moeilijk om te distilleren wat de reden daarvoor is, zegt Osterhaus.

Diversiteit aan maatregelen

Heeft het er misschien mee te maken dat hoe noordelijker je gaat, hoe volgzamer mensen zijn? Met andere woorden, meer geneigd om zich aan maatregelen te houden? "Dat kan, maar dan nog", zegt Osterhaus. "In België was er van in het begin een strenge lockdown en een gelijkaardige handhaving. Toen ik daar in Nederland om vroeg, viel iedereen over mij heen. Toen een week na het afkondigen van premiers Ruttes "intelligente lockdown" bleek dat veel Nederlanders toch hun eigen gang gingen, kwam er alsnog handhaving."

De Nederlandse viroloog wijst ook op de diversiteit aan maatregelen tussen en in België en Nederland. "Afstand houden, handen wassen, mondmaskers, winkels sluiten... Je weet niet wat de individuele bijdrage van elke maatregel is aan het teruglopen van het aantal besmettingen. Je hebt bijvoorbeeld ook het weer dat beter geworden is, wat is de bijdrage daarvan? Er zijn te veel variabelen om te zeggen: dát heeft het verschil gemaakt."

Er zijn te veel variabelen om te zeggen: dát heeft het verschil gemaakt.

Viroloog Ab Osterhaus

Osterhaus werkt in Duitsland, dus kent hij ook de situatie daar goed. Bondskanselier Angela Merkel wordt daar geprezen om haar aanpak. "Je moet weten dat de 17 Duitse deelstaten voor een groot deel autonoom hebben beslist welke maatregelen zij zouden nemen", zegt hij. "Merkel heeft hen die individuele verantwoordelijkheid gegeven, die verantwoordelijkheid naar beneden geschoven."

Nederland, België, Duitsland, en bij uitbreiding heel Europa, "je ziet dat er heel wat verschillen zijn in de aanpak van al die landen. Als je alleen maar kijkt naar het gebruik van mondmaskers, de interpretatie van social distancing, het al dan niet sluiten van de horeca... Er is weinig samenhang. Daar valt iets voor te zeggen omdat elk land andere noden heeft in gezondheidszorg. Maar zeker als je kijkt naar hoe je uit een algemene gezondheidscrisis als deze wil komen, zou je toch meer één lijn moeten volgen."

"Oppassen of wij zijn alles direct weer kwijt"

Net als veel andere virologen kijkt Osterhaus met enig voorbehoud naar het versoepelen van de maatregelen. "In Nederland ligt het reproductiecijfer (het aantal mensen dat één patiënt besmet, een belangrijke graadmeter voor de ernst van de verspreiding van het virus, red), net onder de 1. Dat cijfer moet héél duidelijk onder de 1 blijven. Met alle versoepelingen die nu worden aangekondigd, moeten we toch heel voorzichtig zijn."

"Ik zag gisteren de immuniteitscijfers van België van epidemioloog Pierre Van Damme, waaruit blijkt dat 94 procent van de Belgen het virus nog niet gezien heeft. In Nederland zijn de cijfers gelijkaardig, daar is 90 tot 95 procent van de inwoners nog niet blootgesteld aan het virus. Met andere woorden: zij zijn nog heel gevoelig. De versoepeling houdt een gigantisch groot gevaar in. We moeten oppassen dat we niet te veel verslappen, anders gaan we weer op het beginpunt belanden en zijn we alles wat we al die tijd opgebouwd hebben heel snel weer kwijt. We moeten daar echt conservatief in zijn."

Osterhaus wijst op het belang van testen, van contactopsporing, en van het in quarantaine plaatsen van mensen die besmet zijn of in contact geweest zijn met een besmette persoon. "Eigenlijk zijn dat maatregelen die je vóór een versoepeling al zou moeten toepassen. Op die manier heb je minder kans dat mensen besmet zouden kunnen raken en kan het reproductiecijfer zo laag mogelijk blijven. Ik heb de indruk dat ze daar in België toch verder mee staan."