12 mei 1945: Clementine Churchill en de onderbelichte rol van vrouwen in WO II

Terwijl Winston Churchill op 8 mei in Londen uitbundig toegejuicht wordt na de val van het naziregime, valt het haast niemand op dat er een afwezige is aan zijn zijde. Zijn echtgenote, Clementine, is op dat moment in Moskou en komt pas terug op 12 mei. In Moskou wordt ze geëerd voor haar jarenlange werk om de Russische bondgenoten van hulpgoederen te voorzien. Ze deelt daar op 9 mei in de feestvreugde, de overwinning wordt dan pas gevierd in de Sovjet-Unie. In dat land maakten ook vrouwen deel uit van gevechtseenheden, anders dan in het VK. Maar ook in andere functies is de bijdrage van vrouwen bij de geallieerden cruciaal geweest. Dat blijft – net als de rol van Clementine Churchill – in de geschiedschrijving lange tijd onderbelicht. 

In de verhalen over de Tweede Wereldoorlog gaat het vooral over mannen, omdat vrouwen maar zelden deel mochten uitmaken van gevechtseenheden. Het aanzienlijke aandeel van vrouwen in de eindoverwinning van de geallieerden blijft dan ook vaak onderbelicht.

In het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld waren vrouwen niet alleen onontbeerlijk in de munitie- en vliegtuigfabrieken, of in de landbouw en de voedselvoorziening, of in ondersteunende militaire functies. Ze bedienden ook luchtafweergeschut, en ze werden als spionnen achter vijandelijke linies gedropt voor levensgevaarlijke geheime opdrachten. 

Ze bestuurden ook als volleerde piloten gevechtsvliegtuigen die net van de band gerold waren en naar militaire luchthavens overgevlogen moesten worden. En zelfs op het hoogste niveau speelden ze vaak een strategische rol.

Vrouwelijke piloten van de Air Transport Auxiliary.
© National Portrait Gallery, London

Neem nu Clementine Churchill, de echtgenote van de legendarische Britse oorlogspremier. Wie kijkt naar de foto’s van de vieringen op 8 mei, ziet op het balkon van Buckingham Palace naast de koning de koningin staan. Naast Churchill staat niemand. Clementine Churchill is op dat moment namelijk in Moskou. Met een dubbele, zij het onofficiële opdracht. Ze zal pas op zaterdag 12 mei landen op de militaire basis Northolt. Haar vliegtuig moet zelfs een paar rondjes extra vliegen, omdat Churchill zelf weer eens te laat aankomt voor de ontvangst.

Als nazi-Duitsland – ondanks een eerder niet-aanvalspact – in 1941 dan toch de Sovjet-Unie binnenvalt, is duidelijk dat de Russische bevolking hier zwaar onder gaat lijden. Meteen wordt onder de vleugels van het Rode Kruis een “Aid to Russia Fund”-hulpfonds opgericht, met Clementine Churchill als voorzitter. 

Premier Winston Churchill koopt bij zijn vrouw bij wijze van stichtend voorbeeld een vlaggetje van haar "Aid to Russia Fund" (1941).
© IWM (H 16020)

Onder haar leiding zal in totaal 8 miljoen pond worden ingezameld (naar schatting 230 miljoen euro in hedendaags geld), een opmerkelijke inspanning van de Britse bevolking, die in de oorlog zelf te maken krijgt met rantsoenering en tekorten. Met het geld kon het fonds de Russen voorzien van warme kleding en medicijnen, en konden ambulances en röntgenapparatuur aangekocht worden.

Behalve directe noodhulp leveren – hoe bescheiden ook – vervulde het hulpfonds ook een diplomatieke en politieke rol. Churchill moest een almaar ongeduldiger wordende Stalin vaak teleurstellen telkens als die militaire bijstand eiste, of de snelle opening van een westers front (wat er in 1944 eindelijk kwam met D-day en operatie Overlord). Als doekje voor het bloeden kon Churchill dan tenminste toch verwijzen naar het “Aid to Russia Fund” van zijn echtgenote. Begin mei 1945 ontving Clementine in Moskou voor haar jarenlange inspanningen een Sovjet-onderscheiding: de Orde van de Rode Vlag van de Arbeid.

Clementine Churchill in gesprek met Ivan Maisky, ambassadeur van de Sovjet-Unie in het VK.

Maar niet alleen daarvoor heeft Churchill zijn echtgenote de – best gevaarlijke – reis naar de Sovjet-Unie laten maken. Hij wil ook dat ze zijn ogen en oren is bij de Sovjetleiding. Op dat moment is het geopolitieke schaduwgevecht gaande over de verdeling van de westerse en de communistische invloedssferen in Europa na de eindoverwinning. Met name het lot van Polen en Griekenland ligt in de weegschaal. Churchill kan elke snipper informatie die Clementine maar kan opvangen goed gebruiken, en dringt in zijn geheime telegrammen naar haar telkens aan op nieuws. 

Clementine Churchill in Rode Kruis-uniform op bezoek in Leningrad, april 1945.

Onofficieel wordt Clementine dus ingezet als topdiplomate. De echtelijke wederhelft van een Britse premier heeft wettelijk gezien geen enkele functie, maar officieus vervult Clementine tijdens de oorlog wel degelijk een grote rol als politiek en diplomatiek topadviseur. Ze organiseert etentjes en strijkt mee plooien glad bij conflicten tussen de wereldleiders. Via slimme correspondentie en tijdens ontmoetingen schept ze een welwillende sfeer of ontmijnt ze mogelijke conflicten tussen toppolitici en topgeneraals. 

Ze remt haar al te onstuimige echtgenoot af als die medestanders bruuskeert en behoedt hem meer dan eens voor stommiteiten, maar kan ook een generaal De Gaulle of een maarschalk Montgomery op hun plaats zetten als die te ver gaan. Dat betekent ook dat ze alle finesses, gevoeligheden en strategische overwegingen van de oorlogsplannen tot in de details beheerst. 

Iedereen weet dat ze een van de weinige mensen is die enige invloed hebben op Churchills beslissingen: velen proberen dan ook via haar iets van Churchill gedaan te krijgen. Ze wordt daarbij vaak onder druk gezet, maar weet oordeelkundig te kiezen wat ze moet afwimpelen en wat niet. 

Ze weet ook wanneer ze moet zwijgen, en tegen wie, want ze weet erg veel. Churchill maakte haar namelijk deelgenoot van alle oorlogsgeheimen. Ze kent als een van de weinigen zelfs de inhoud van de geheime Duitse telegrammen met commando’s voor hun onderzeeboten, die de Britten konden ontcijferen nadat ze de beruchte Duitse Enigma-code hadden gebroken. 

Clementine kent ook alle details van de ultrageheime voorbereidingen voor D-day. Daarmee weet ze zelfs meer dan Eleanor Roosevelt, de echtgenote van de Amerikaanse president. Die licht zijn vrouw pas op het allerlaatste moment in, officieel omdat hij vreest dat ze ongewild informatie zou laten doorsijpelen in haar krantencolumn. Het betekent voor Clementine ook dat ze voortdurend de haast ondraaglijke stress mee torst die gepaard gaat met alle risicovolle oorlogsbeslissingen, die altijd faliekant kunnen aflopen.

Eleanor Roosevelt en Clementine Churchill bij een radiotoespraak in Quebec, Canada (september 1944).

Omdat Winston op den duur bijna uitsluitend bezig is met de situatie op wereldvlak, houdt ze voor hem ook de binnenlandse problemen in de gaten. Zo ziet ze tijdig een tekort in de steenkoolbevoorrading aankomen en zet de verantwoordelijke minister prompt aan het werk. Niet zij, maar Winston wordt daarvoor geprezen in de kranten. Zoals alle ministers is Winston ook parlementslid en vertegenwoordigt hij dus een kiesdistrict: alle werk dat daarbij komt kijken, neemt Clementine de hele oorlog lang op zich. 

En ten slotte vervult ze ook de klassieke rol van ondersteunende echtgenote. Na elke vergadering of buitenlandse reis staat ze klaar om hem op te vangen, wat er verder ook op haar agenda mag staan. Churchill kijkt daar niet eens van op en vindt het vanzelfsprekend. Ze waakt over zijn moreel, zijn voeding en zijn nachtrust, en bij elke gezondheidscrisis staat ze onmiddellijk klaar om hem te verzorgen, ook al betekent dat een urenlange gevaarlijke vlucht naar Tunis in een ijskoud militair toestel. 

Levert haar dat een plaats op in de geschiedschrijving van de Tweede Wereldoorlog? Nauwelijks. Daarmee verschilt haar lot weinig van dat van al die andere duizenden vrouwen. Hun aandeel in de eindoverwinning was waarschijnlijk even groot als dat van de soldaten in de frontlinie, maar dat wordt zelden goed naar waarde geschat.

Net als in de Eerste Wereldoorlog namen vrouwen in het Verenigd Koninkrijk overal de plaats van mannen in waar er arbeidstekorten ontstonden: op het veld, in de fabrieken waar munitie, tanks, schepen en vliegtuigen werden gemaakt, en op de binnenvaart voor het transport van kolen en munitie.

Daarnaast bemanden ze ondersteunende korpsen bij de politie, de brandweer, de marine, de luchtmacht en het landleger. Opvallend daarbij was dat ze altijd minder betaald werden dan mannen voor hetzelfde werk. Ze werden ook ingezet bij de interpretatie van luchtfoto’s die gemaakt waren boven vijandelijk gebied: het waren vrouwen die de productiesites van de verraderlijke Duitse V1-raketten ontdekten. 

Wat weinig bekend is: vrouwen werden ook ingezet als piloot, om toestellen die net van de band gerold waren naar militaire luchthavens in het VK over te vliegen. Bij de Air Transport Auxiliary bestuurden naast 1152 mannen ook 168 vrouwen gevechtsvliegtuigen van de meest uiteenlopende types. Een voormalige pilote telde 76 verschillende toestellen die ze bestuurd had, soms moest ze de handleiding van een welbepaald type nog tijdens de vlucht lezen, daar bestond een handig naslagwerkje voor. 

Toen ze een bommenwerper afgeleverd had en een chauffeur haar naar het luchthavengebouw moest vervoeren, weigerde die te geloven dat zij de pilote was. Pas toen hij na inspectie niemand anders in het toestel aantrof, kon hij niet anders dan zijn ongelijk toegeven.

Deze pilotes waren ook de eersten en de enigen die een gelijke betaling voor mannen en vrouwen konden afdwingen. Maar na de oorlog weigerden zowel het leger als de burgerluchtvaart deze volleerde vrouwen in dienst te nemen en werd het besturen van een vliegtuig opnieuw een privilege voor mannen. 

In veel landen werden vrouwen tijdens de oorlog nooit ingezet bij  gevechtseenheden, maar er waren uitzonderingen. In het Verenigd Koninkrijk werden bij het gevaarlijke luchtafweergeschut en bij de bediening van zoeklichten wél vrouwen ingezet.

En er waren ook de vrouwen die deel uitmaakten van de Special Operations Executive: ze werden als geheim agent in bezet Europa gedropt en verrichtten daar supergevaarlijk spionage- en verzetswerk of bedienden ondergrondse radiozenders. 

Monument dat de rol van vrouwen in de Tweede Wereldoorlog eert, in Whitehall, Londen.

Het heeft na de oorlog nog jaren geduurd voor de cruciale rol van vrouwen in de oorlogsinspanning behoorlijk naar waarde werd geschat. Clementine Churchill kreeg in 1946 wel een onderscheiding van de Labourregering voor haar inspanningen tijdens de oorlog: ze werd bevorderd tot “Dame Grand Cross in the Order of the British Empire”. 

Vanaf 1953 mocht ze zich “Lady Churchill” noemen, maar dat was alleen omdat haar man de titel van Ridder in de Orde van de Kousenband gekregen had. Pas na diens overlijden kreeg ze in 1965 de (niet-erfelijke) titel van barones, en werd daarmee automatisch lid van het Britse Hogerhuis.

Clementine Churchill op een danspartijtje voor de arbeidsters in een munitiefabriek.
© IWM (P 554)

Meest gelezen